IlseReneRens (200x200)

Ilse en René elf weken op verre vakantie door Oceanië en Zuidoost Azië met kleuter - Thailand
december 2013 - februari 2014

René en Ilse leerden elkaar kennen tijdens een reis. Dat bleef niet zonder gevolg, hun reisgezelschap is inmiddels uitgebreid met Rens, een lekker ventje van 3,5 jaar. Ze oefenden in Zuid-Afrika en Curacao en gaan nu écht lang weg: 11 weken naar Nieuw Zeeland, Australië en Zuidoost Azië.

door Ilse en René


Sawadee Kah
Zaterdag 18 januari 2014. Chiang Mai, Thailand.

Hallo vanuit Thailand. In de verte horen we de tuktuks en songtheaws rijden, terwijl wij op het dakterras van Awana Guesthouse zitten. Mooie stek, met fijne kamer, vriendelijk personeel. Gevonden via verrereizenmetkinderen.nl, waar ik voor vertrek uren en uren op gelezen heb. We zijn inmiddels in Chiang Mai, Noord-Thailand. Na de vlucht van Sydney naar Bangkok, die Rens bijna helemaal sliep, zijn we na een nacht in een hotel vlakbij het vliegveld, doorgevlogen naar Chiang Mai.

In de omgeving van het vliegveld zagen we een cordon opgesteld van oproerpolitie, wij denken om te voorkomen dat eventuele protesteerders bij het vliegveld kunnen komen. Verder merken we niets van de onrust in de stad. Die concentreert zich nu in het centrum, en volgens ons reisplan zijn wij daar medio februari. Dan zijn de verkiezingen al geweest. We zullen dan informeren hoe de situatie is en dan kunnen we nog altijd ons schema aanpassen.

Nu zijn we dus in Chiang Mai! Compleet ander straatbeeld en cultuur. Ja! Rens blijft hangen in de Australische tijdzone, hij is dan ook te vroeg wakker na de eerste nacht. Dat is het teken om kalm aan te doen. We besluiten naar de dierentuin gaan. We kiezen ervoor om met een songtheaw (pick up, met overdekte bak en banken aan weerskanten in de lengte) te gaan. De meiden van het hotel hadden ons een prijsindicatie gegeven. En zonder onderhandelen, rijden we even later door de stad. We kijken onze ogen uit, dit is Azië. Toch is het verkeer een stuk rustiger dan in de steden van Vietnam.

Bij de dierentuin kopen we ook bustickets, want het is een uitgestrekt complex. Je kunt er ook dieren eten geven, dat doen we dan ook. De olifant en nijlpaarden hebben geluk. Wel spannend zo dichtbij. Daarna zingen we het liedje, van de olifant met de allerdikste billen van het hele land, en de giraffe met de langste nek, en het nijlpaard met de allergrootste bek. Rens wil dat ik de Maleise beren eten geef, maar daar hebben wij niets voor bij ons. De Thaise jongens die er ook staan, hebben wel bananen bij zich. Rens port met zijn hand in hun zij, lacht, wijst naar de bananen en even later gooit ook hij bananen over het hek. Ook kunnen we hier de reuzenpanda zien. Die kans laten we ons niet voorbij gaan. Rens heeft het al snel gezien, hij is meer onder indruk dat de andere panda naar de dokter is, en dus niet te zien is. Rene en ik zijn echt wel onder de indruk, helemaal als de panda zich ook nog verplaatst, dan zie je hoe groot die is.

1086607 (320x240)1086610 (320x240)

Tijdens ons bezoek had de dierentuin een extra attractie: Rens en Ilse staan bij de witte tijger te kijken. De Thaise schoolkinderen, hebben niet gezien dat het beest in actie was gaan komen. Zij keken naar Rens... totdat Rens naar de tijger wees, en toen draaiden alle Thaise kopjes ook om. De dierentuin was qua dierwelzijn, wisselend. Bijvoorbeeld de geiten hadden net zoveel ruimte als de nijlpaarden, en het bassin van de nijlpaarden was slechts enkel hoog gevuld. Toch hadden wij er een fijne dag.

Op de terugweg valt Rens in slaap, en is hij ook tijdens het skypen met opa en oma niet wakker te krijgen. Toch moet dat wel, anders blijft die jetlag aan de gang. Dus nog de straat op en lekker eten op het terras op de hoek, waar veel bedrijvigheid is. En daarna nog tot elf uur 's avonds op blijven, en dan toch echt omvallen van de slaap.

Vanochtend om zes uur wakker, dat gaat de goede kant op. Zo dadelijk gaan we een speurtocht in de oude stad doen, want bij de tempels kun je gouden bellen en draken vinden. En waarom zit er stof om de boom? We lezen voordat we gaan het boekje Ikke in Thailand nog even. Beweging is wel wenselijk, vooral voor Ilse, want na de kennismaking met de Thaise massage, is de schouder- en rugpartij wel gevoelig zeg maar.


Draken, slangen en olifanten
Donderdag 23 januari 2014. Chiang Khong, Thailand.

De speurtocht naar de draak was voor Rens een lijmer om mee op pad te gaan. Bij de eerste Wat (tempel ter ere van Boeddha) kijkt hij zijn ogen uit. Al dat goud, de kleur rood, het houtsnijwerk, de versieringen en vooral ook de offers die de mensen brengen, in de vorm van wierook en kaarsen, maar ook flesjes drinken en eten. We merken dat we de gewoontes onvoldoende kennen en zijn dan ook terughoudend in het slaan op de gong, of het klingelen van een bel. Rens scoort hier wel zijn eerste drakenpunten. We gaan verder terwijl hij in de buggy zit. We zijn blij dat we deze mee hebben, het maakt dat we meters kunnen maken als het nodig is. En Rens kan er in chillen als dat nodig is. En dat is nog wel nodig, hij heeft nog niet het juiste ritme en dat uit zich in brutaliteit, en ook schoppen en slaan. Dus nog steeds kalm aan. Onze planning om zeven dagen in Chaing Mai te zijn, pakt dan ook goed uit. Sneller door reizen zou niet handig geweest zijn.

Onze speurtocht brengt op ons op een groen pleintje met eettentjes en winkeltjes rondom. Het biedt Rens de gelegenheid om rond te lopen en wij eten een eenvoudige, maar oh zo lekkere lunch. Daarna gaat onze speurtocht verder, Rens valt dan in slaap. Bij de teak houten Wat Phan Tao zijn de voorbereidingen in volle gang om monniken in te wijden.

Naast gelegen Wat Chedi Luang, ligt op een soort van universiteitsterrein voor monniken. Voor op het terrein een weldaad aan goud binnen in de witte Wat, waar ook veel mensen op af komen. Zij hangen vaantjes op, bidden zittend voor Boeddha, en plakken onder andere bladgoud. Buiten is het contrast groot met de gerenoveerde ruïne waarop olifanten rondom staan/stonden. Alleen Boeddha is goud, de rest is van steen. We zien daar offerblokken, met dieren erbij. Elk dier staat voor een bepaald jaar, bijvoorbeeld de tijger voor 1974 (heb even het lijstje niet bij de hand) en dan offer je voor je geboortejaar. Rondom deze Wat's zien we ook diverse monniken, ze stappen in de taxi, bellen mobiel, ze pinnen. Dat past niet altijd in ons beeld wat wij van hen hebben.

De volgende dag is het tijd om naar Bo Sang te gaan. Rens is opnieuw op tijd wakker, toch doen we rustig aan. Het jaarlijkse parasolfestival is gaande. In dit dorp bestaat de nijverheid uit het vervaardigen en beschilderen van parasols. Opnieuw gaan we met de songtheaw er naar toe, en deze wacht daar ook op ons, zonder afgesproken retour tijd, dus dat is lekker. Bij een coöperatie bekijken we het proces, en realiseren we ons wat een kunst het is om ze te beschilderen. Rens mag zijn T-shirt laten beschilderen, en kiest een roze olifant. Tot grote hilariteit. Met glitters? Ja hoor.

De sfeer in het dorpje is ontspannen toeristisch, er staan parasols in alle kleuren en maten uitgestald en later die dag zal er een parade zijn. Die zien wij niet meer, na een goede koffie en een lokale snack, kiezen we ervoor dat Puk ook nog een olifant op zijn shirt krijgt. Ook een olifant, dan wel een blauwe. En Rens nog een draak op zijn hemd, een groene. We doen dat bij hetzelfde meisje. Rene vroeg waarom. Gewoon omdat het ik haar gun. Tevreden rijden we terug naar de stad. De vrouw van de chauffeur vraagt nog of we naar een juwelier willen. Nee, die kleine slaapt (alweer zullen jullie wel denken), dus dat gaat niet.

's Middags spelen, lezen en hangen we op het dakterras bij Awana. 's Avonds wordt de doorgaande weg, bij Awana omgetoverd in een avondmarkt. Je kunt het zo gek niet verzinnen of het is te koop. Blinde muzikanten zitten midden op straat achter elkaar hun brood te verdienen. Dat is prima geregeld en ze krijgen Rens aan het dansen. Ook staat er een mongoloïde vrouw te hoepelen en te zingen. Een vrouw houdt het in de gaten, daar krijgen we een slecht gevoel bij. Bij de pleinen bij de tempels verkopen ze eten, daar heeft Rens geen zin in, helaas. We eindigen dan ook met pizza op een dakterras. Hij vond het te druk zei hij, daarna toch nog naar buiten om bij de Tae Pae Gate bij de ijscofiets nog een toetje te kopen.

Maandag de 20e is het tijd om verder de stad uit te gaan en kennis te maken met het platteland. De dag start goed, Rens wordt om zeven uur van de wekker wakker, en begint meteen gezellig te kletsen, zoals we van hem kennen. Yes, dat is fijn, hier waren we allemaal aan toe. We gaan op pad met Clickandtravel. Zij bieden een aanhangfiets met een zitje aan, en Rens wil graag een treinfiets, zoals hij deze zelf noemt.

De fietstocht start in de oude hoofdstad net buiten Chiang Mai. Ook al hadden we een join in tour, we gaan met ons gezin en Na (spreek uit Nee) onze gids op pad. De fietsen zijn goed, beter dan in Nieuw Zeeland. Rens zit als een koning in zijn treinfiets.

We vertrekken bij een mooie pagode, en fietsen verder tussen de resten van de oude stad Wiang Kum Kam. Verder geen toerist te zien. Al snel ervaren we de ruimte van het platteland en zwaait Rens naar de mensen onderweg. Door smalle straten, langs marktjes en scholen, komen we ook bij de voormalig leprozenkolonie. Nu heet het Mc Kean Rehab Centre, waar ouderen en gehandicapten opgevangen worden. Ze ontvangen steun van Oxfam/Novib. De gracht rondom het terrein typeert de gedachte van isoleren. Er staat ook een klein speeltoestel, daar is Rens even zoet.

Daarna gaan we verder naar de rijstvelden. De oogst is net voorbij, de velden zijn grotendeels leeg. Wel zien we de voorbereidingen om de velden klaar te maken voor de volgende ronde. Veld vlak maken, kunstmest, vlak maken, baby rijstplantjes uitzetten. Die babyrijst staat in enkele velden in helgroen, en we zien hoe deze gebundeld wordt. De medewerkers gaan net schaften, als wij van de fiets stappen, dus Rens heeft alle aandacht van de vrouwen. Uiteindelijk staat hij met babyrijst in zijn hand bij een man, die eerst op een afstandje stond. Mooi om te zien hoe dat contact in zijn werk gaat. Daarna valt Rens in slaap, en wordt pas wakker in Baan Tawai, waar onze tocht eindigt. Een dorpje waar kunstsnijwerk veel Thaise mensen trekt. Wij eten daar lekker, en gaan dan terug richting Chiang Mai. Rens is enthousiast, wat willen we nog meer. 's Avonds valt Rens op straat in de buggy in slaap, we eten op de hoek bij Tha Pea Gate, en zien het dagelijkse leven aan ons voorbij trekken.

Rens slaapt tot de volgende ochtend. Rens mag die dag kiezen en hij wil naar een speeltuin. Buat Hat Park nog net binnen de muren van de oude stad, heeft er eentje. Het stelt niet veel voor, maar helemaal goed voor die kleine man. In de vijver drijft nog een grote kleurrijke draak, vanwege het bloemenfestival. Helemaal prima. Buiten de stadmuren om, lopen we via Chiang Mai Gate, richting Tae Pea Gate. Een grote blauwe B, lokt ons een niet-Thais tentje binnen. Lekker taartjes en tosti, laten we ons smaken. Bear Hug, is precies op de juiste plaats, juiste tijd voor ons.

Op het pleintje bij Tae Pae Gate ziet Rens een Thai handstand tegen de muur doen, en dan ook nog opdrukken. Dat kan Rens ook! Handen op de grond en met zijn voeten loopt hij tegen de muur omhoog. Echt lachen. Op deze manier maak je wel contact met de Thai, op een manier die Rens de regie geeft. Vaak komen de Thai op hem af en willen hem direct aanraken of zelfs kussen. Daar moet hij begrijpelijk niets van hebben.

Die avond boekt medewerker Poom van Awana voor ons de bus naar Chiang Khong, met Greenbus want een website in het Thai is een te grote uitdaging voor ons. We kiezen voor de VIP bus, drie stoelen op een rij. Het betalen doen we bij de 7/11, een winkelketen met kleine supermarktjes. Code klopt eerst niet, dus Rene weer terug, later lukte het wel. Mooi, ook geregeld. Donderdag vertrekken we om negen uur 's ochtends. Daarna boeken we online nog een accommodatie in Chiang Kong: NamKhong Riverside.

Voordat we deze woensdag op pad gaan, wil Rens eerst een voetenmassage, daar vraagt hij al een paar dagen om. Hij ging liggen in die stoel en ontspande heerlijk. Voetenbad met fruit (limoen) en daarna zalf voor zachte voeten en benen. Puk in de stoel naast hem.

In de buurt van Chiang Mai ligt het Thaise bedevaartsoord Wat Sutep, met een slangentrap met heel veel treden. Rens ziet onder aan de trap niet alleen de slang, maar ook een krokodil. Zingend over een slang en krokodil stappen we naar boven, ruim 300 treden later zien we de staart van de slang. Knap gedaan Rens. Opnieuw trekken we de schoenen uit, om de Wat binnen te gaan. Het is druk, toch zien we veel Thai die offeren aan Boeddha, en drie rondes lopen rond de resten van Boeddha en daarbij bidden. Veel goud, opnieuw indrukwekkend. Rens merkt op dat Boeddha grote oren heeft. Na, onze gids van het fietsen had bij Rens zijn oren gerefereerd aan de grote oren van Boeddha, dat zorgt voor een gelukkig leven. Rens wil een kaarsje branden bij de liggende Boeddha, die hij herkent uit het boekje Ikke in Thailand. Samen met mama bidt hij dat iedereen gezond blijft of beter wordt. Het kaarsje is geel. Net als Puk.

We lopen nog buiten het heiligste deel om, daar hangen veel klokken die geluid kunnen worden. Wij doen dat niet. Deze Wat ligt buiten de stad op een berg, toen wij er waren hadden we geen mooi uitzicht over de stad. Er hangt een dikke waas van smog, denken wij. Terug bij Awana moeten we de tassen weer inpakkken, niet onze hobby.

Voor de laatste keer eten we op het pleintje, en heeft zelfs Rens vertrouwen in het eten. Hoewel hij de crepes met nutella op de Night Bazaar eerder van de week toch ook liet smaken. Die Bazaar viel ons qua sfeer trouwens tegen. Wel het principe van bonnen kopen en dan bij een rij kraampjes je eten kopen waar je zin in hebt, weer wel. Net een foodcourt, zouden ze in Nederland ook meer moeten doen. Terug bij Awana zegt Rens de eerste medewerkers al gedag, we pakken de laatste spullen in en gaan onder zeil.

Vanochtend was Rens nog één keer prins, dat werd hij als hij boven in het stapelbed zat. Puk liet hij dan vliegen. Daarna staf Awana gedag gezegd en bedankt voor tips en attentheid. Met een rode songthaew gaan we voor honderd Baht naar het busstation Arcade. Bij aankomst blijkt deze naam uit niets, busterminal Chiang Mai 3. Toch zitten we goed. Ook later in de bus zitten we goed. We voelen ons echt VIP. Vijf rijen met drie stoelen, daarna gewoon vier op een rij. We krijgen water, sap en koekjes. Al snel rijden we het groene noorden van Thailand in. Bamboe, rijstvelden, bergen, bananen, kleine dorpjes. Het is een comfy rit zo. In Chiang Rai een plas stop en weer door. Met Rens doen we ik zie, ik zie, wat jij niet ziet. Wie ziet de eerste tempel, etc.

Om twee uur 's middags komen we aan op de plaats van bestemming: Chiang Khong. We zijn voor de tuktuk-chauffeurs niet interessant omdat we niet door gaan naar de grens. Enkele weken terug is er een vriendschapsbrug geopend tussen Laos en Thailand. Dus moeten alle overstekers, daar naar toe. Dat is tien kilometer rijden, in plaats van één kilometer naar de oude grenspost. Toch stopt er een tuktuk en die brengt ons naar het hotel, zestig Baht. Dit grappige brommertje, met banken en dak, zoals Rens zegt, moet hard werken om ons inclusief bagage te rijden. Toch lukt het.

In het hotel is de kamer oké, wel vragen we schone lakens voor het extra bed van Rens. Dat begrijpen ze niet, want ze spreken bijna geen Engels. Dus even later staan ze met zijn drieën te kijken wat ik dan bedoel als ik het aanwijs. De kamer heeft zicht over de Mekongrivier en aan de overkant ligt Huay Xai in Laos. De Mekong zagen we jaren terug al in Vietnam. We realiseren ons wat een lange rivier dit is. We slenteren een stuk langs het water en scoren koffie en een ijsje. Chinag Khong is een bedrijvig grensdorp. We zien verschillen in transport met Chiang Mai. 's Avonds koelt het hier af, de fleeces komen uit de tas. We smeren tegen de muggen, dat lukt die komen we niet tegen.

Zojuist aten we bij een Thai, Mexicaans eten. Please be patient, when Thai meets Mexican. Dat waren we, we aten er heerlijk. Vooral de verse salsa en tomatensoep. En vers brood. Denk dat er een broodje mee gaat op de slowboat morgen. Bagage is nauwelijks uitgepakt. Morgen om kwart voor acht 's ochtends worden we opgehaald door Adisak, van het bedrijf Nagi of Mekong. Met hen zakken we de Mekong af met een slowboat (lang, smal), overnachten we in Pak Beng, en varen we zaterdag door naar Luang Prabang. Vandaar zal een update van de boottrip en foto's komen.

Rens ligt al lekker te slapen, hij wilde nog even tv kijken. Even later zegt ie: Ik doe een ieniemienie slapie als ik tv kijk. Prima lieverd, en in dromenland is hij. Rens heeft zijn ritme gevonden, en dat is fijn. Wel benoemt hij regelmatig zaken rondom zijn leventje in Hilversum. Dus vriendjes, vriendinnetjes en familie maak jullie maar op om te spelen en te komen logeren.

Vervolg reis in Laos


Grensovergang Pailin
Maandag 10 februari 2014. Koh Chang, Thailand.

We ontbijten op tijd want willen om half acht op pad. Onze taxi komt om kwart voor, en om kwart over acht rijden we Battambang uit. Eerst haalden we nog post bij het postkantoor. De chauffeur (die geen Engels spreekt) kent de weg op zijn duimpje en rijdt vlot door. Iedereen weet dat wij er aan komen, want hij toetert veel.

Naast grote Chinese fabrieken, zien we ook mensen die een hard bestaan leiden. In het kookboek Offerings las ik dat de rijstproductie van Cambodja de bevolking moet kunnen voeden en dat er dan ook nog export mogelijk zou zijn... Zou want goede opslagmethoden ontbreken en het grootste verlies wordt dan ook na de oogst geleden. En het ontbreekt aan sanitair, latrines en toegang tot veilig water. Triest.

Vlak voor Pailin zien we aan onze rechterzijde zelfs een landmijnen veld. De mijnen zijn gelokaliseerd, want er staan rode waarschuwingsbordjes bij. Deze herken ik van ver uit het museum. Om dat zo in het echt te zien, zorgt voor kippenvel. Slechts tweehonderd meter scheidt ons van dat veld. Het opschrijven duurt langer dan het voorbij rijden bedenk ik me. Het ontneemt de Cambodjanen de onbezorgdheid in hun leven.

In Pailin aangekomen, stoppen we bij het postkantoor en even later bij een gezondheidscentrum. Het grote zwarte dichte krat, dat achter in de auto stond wordt hier afgegeven. Handle with care. Het is waarschijnlijk medicatie geweest. Onze chauffeur kan dus organiseren, hij brengt niet alleen ons naar de grens. Dan staat er een bordje Thailand 17 kilometer, we schieten op. Even later zijn we er al.

Deze grensovergang maakt direct een rustige indruk op ons. Geen mensen die ons willen helpen en dat is prettig bij de grens. Exit Cambodja. Dan lopen we honderd meter naar de andere zijde van de brug. Een poort over de weg maakt duidelijk dat daar iets te doen is, douane van Thailand. We worden gewezen waar de formulieren te halen zijn, en deze worden even later gecontroleerd door een vrouwelijke douane beambte. En het stempel voor een 15 daags visum wordt gezet. Dat ging al met al vlot. Kwart over acht weg uit Battambang, tien uur aan Thaise zijde. We betaalden veertig dollar voor de privé transfer. Na een toiletstop, ziet Ilse René zijn naam op een bord staan. Wat een timing. Een airco busje, met kinderstoel voor Rens, voor het laatste deel van deze verplaatsing.

De weg is goed, de chauffeur vlot, dat went toch niet. Gelukkig blijft het veilig en rijden we rond half één de parkeerplaats op voor de ferry naar Koh Chang. De ferry is gammel, toch blijft deze drijven. We zien Koh Chang al liggen, en hebben er zin in. We rijden na de ferry een klein stukje zuidwaarts aan de oostkant van het eiland, en komen dan bij Amber Sands Beach Resort. Schommels in de bomen, amberkleurig strand, blauwe zee, zwembad, lekker eten en een mooie ruime kamer. Hier laten we onze indrukken van de afgelopen maanden bezinken en is het plan om buiten zwemmen, modderklooien, eten en drinken niets te ondernemen. We volgen de vijfhonderd meter van het olympisch schaatstoernooi... nou ja de helft dan, en vallen in slaap.

1123710 (320x240)1123712 (320x240)

De volgende dag worden we wakker met het ruisen van de zee. Niet veel later liggen we er in, en vinden René en Rens een heremietkreeft (nee, mamam is geen krab), de mannen kanoën nog wat en daarna in badkleding aan het ontbijt. En dat hebben we nog steeds aan. We genieten van de zeebries en elkaar... Onze verre vakantie zit er bijna op. Wat een mooie plek om dat te schrijven ook al hebben we nog een week.


Bange Kok?
Zondag 16 februari 2014. Bangkok, Thailand.

Wat een heerlijke dagen waren dat bij Amber Sands. Verder dan het strand, de schommel aan de bomen, kanoën, zwemmen, luieren en lekker eten zijn we niet gekomen. Bijzonder was wel dat Rens tijdens het kanoën Grovert van Sesamstraat tegenkomt, want hij vertelt dat hij door de ´mangrovert´ gevaren is. Als hij dan ook nog zijn schaduw op het strand ziet door het licht van de bijna volle maan, is het feest compleet. Hier hebben we het fijn.

Toch is het op Valentijnsdag tijd om richting Bangkok te gaan om daar onze verre vakantie af te sluiten. Met een taxi leggen we dat traject af. De oversteek met de ferry naar het vaste land van Thailand zorgt voor de eerste scherpe uitspraak van de dag: waar is dan het losse land?

Onze chauffeur rijdt behoedzaam en veilig. Dat is prettig. Hij spreekt geen Engels, en dat blijkt onhandig bij aankomst in Bangkok. Hij weet de weg niet, wij ook niet. Hij blijft ja knikken en vraagt geen hulp. Uiteindelijk rijden we achter een andere taxi aan, die ons naar Ibis Riverside Bangkok loodst. Een groot hotel, aan de rivier Chao Praya, met grote tuin met ruim zwembad, kleine speeltuin en ook familiekamers. Rens doopt zijn stapelbed meteen om tot slaaptrein. Want dat staat ook in het boek van Ikke.

1123713 (181x240)1123715 (320x240)

De volgende dag chillen we en gaan we 's avonds naar Asiatique. Met het pontje steken we de rivier over voor drieënhalf Baht (tien cent) en bij Sathorn Pier stappen we over op de free shuttle. Een trendy winkelcentrum, in oude havenstijl is waar we terechtkomen. Daar staat ook een groot reuzenrad, en daar gaan we natuurlijk in. Het biedt ons een mooi uitzicht over Bangkok. Daarna knabbelen vissen Ilse het eelt van haar voeten. Met het (nep)trammetje terug naar de boot en in het donker varen we terug.

Het boek van Ikke in Thailand heeft al voor herkenning gezorgd, zo ook bij het bezoek aan Wat Pho. Met de publieke watertaxi, met oranje vlag gaan we van Sathorn Pier, richting Tha Tien Pier. De boot is goed gevuld, en de kaartjesman wringt zich door de passagiers om het geld op te halen. Als we uitstappen bij de pier, lopen we langs kramen met gedroogde vis. Rens is nieuwsgierig, want we hebben hem verteld dat we vandaag iets groots zouden gaan zien, maar niet wat. Wów, deze is echt groot... en vervolgens benoemt hij de oren, de tenen, de slakkenhuis-haren van deze liggende Boeddha van 46 meter. Die heeft een groot bed. ´Nu ben ik, Ikke´. Precies.

1123717 (320x240)

Bij de liggende Boeddha is het druk, in het verdere complex van Wat Pho niet, dus daar slenteren we nog rond. Qua stijl is deze tempel weer anders, dan wat we tot nu toe gezien hebben. Inmiddels is het al weer goed warm, we verlaten dan ook het complex via een zijuitgang en belanden bij The Gate. Een leuk eettentje, 150 meter van de hoofdingang, en bijna geen toerist meer te zien. En nog lekker ook. Dan zijn we toe aan het zwembad en lopen we terug naar de pier. Bij een van de winkeltjes schaffen we nog nieuwe kleurrijke hoedjes voor de carnaval aan. De boot is al vol bij aankomst, toch kan er meer bij en dat gaat gepaard met veel geschreeuw. Toch hebben wij een staanplaats, en dat is oké. We hadden nog graag Wat Arun van het water iets beter bekeken, maar daar stonden andere passagiers voor.

Bij het hotel plonzen we direct, en kijken we vanuit de hoteltuin naar de bedrijvigheid op de rivier. Kleine sleepboten, die giga vrachtboten voorbij laten varen, dan een snelle longtailboat, dan de Chao Praya River Express met blauwe vlag... noem maar op. Het bevestigt voor ons de keuze voor dit hotel, omdat je ruimte ervaart in deze volle, drukke stad.

 

Rens mag kiezen
Maandag 17 februari 2014. Bangkok, Thailand.

Vandaag is de keuze is aan Rens. Hij telt de nachtjes af, want heeft veel plannen voor als hij weer thuis is. Dat zorgt in de ochtend voor verwarring bij hem. Kies ik dit, gaat dat dan wel door? Als we hem verzekeren dat het na het bezoek aan het aquarium nog steeds één nachtje slapen is voordat we inpakken en ´s avonds naar het vliegveld gaan, is het oké. Siam Ocean World we komen er aan.

Met de gratis shuttle van het hotel, gaan we naar het BTS station Krubg Thon Buri. Daar wisselen we eerst een biljet van honderd voor muntjes, want zonder munten geen kaartjes. Rens betaalt ook, hij moet eerst langs de meetlat (de afgelopen weken heeft Rens bij heel wat pilaren en muren gemeten of hij gegroeid was. Nou dat is hij, want als je goed eet en drinkt! Zelf maakt hij nu de grap dat de opa's en oma's bij terugkomst aan ons vragen: ´Waar is Rens nou´, omdat hij zo gegroeid is). Met de BTS gaan we naar station Siam, waar onder in het Paragon Siam winkelcentrum het Ocean World zit.

1123723 (320x240)1123724 (320x240)

De entree is verzorgd en de rest ook. Wat een belevenis. We zijn onder de indruk van de vissen en haaien, de roggen, maar ook van de zeepaardjes en de andere onderwatercreaties. Met een bootje met kleine glasbodem, varen we over het bassin en zien we de beesten uit een ander perspectief. Ook leuk. Rens gaat helemaal los bij het zien van Nemo, Dory en Krail. De tunnel vindt Rens eerst spannend, als hij door heeft dat de vissen echt niet bij hem kunnen komen, is het oké en loopt hij te neuzen met de haaien. O ja, er waren ook nog pinguïns en kikkers en... kortom voldoende vermaak en nog informatief ook. De afsluitende 5D film is iets té voor Rens, die kijkt hij dan ook niet af. Toch praat hij daar de rest van de dag volop over.

Voldaan komen we terug bij het hotel, waar we een filmpje kijken. 's Avonds eten we bij Princess Terrace, stukje verderop aan de rivier. Lekker, en ook weer hilarisch, want als je vraagt of de frietjes bij de voorgerechten kunnen komen, dan reageert de ober met : No sauce? Uiteindelijk eten we heerlijk en Rens een van de beste frieten van de reis. Op het hoekje van de Soi (zijstraat van doorgaande weg) naar ons hotel zit een 7/11. Daar kopen we de laatste luiers voor de nacht (per twee verpakt erg handig, en aan de prijs (twee stuks negentig eurocent)) en Rens een ijsje. Terug op de kamer checkt Rens nog even de feiten: ´Nog één nachtje, mama?´

1123725 (320x240)

Dat ene nachtje slaapt hij opnieuw heerlijk. Ik typ dit relaas met zicht op de Chao Praya Rivier en de tassen staan zo goed als ingepakt. We vliegen vannacht om vijf over een dus we hebben nog de hele dag. Onze kamer ook, want die hebben we tot morgen geboekt. We gaan zo dan ook nog zwemmen, eten, massage en namijmeren over onze avonturen.

Rens, Ilse en René op verre vakantie... wat een belevenis.

 

Inhoudsopgave

  1. Chiang Mai
  2. Chiang Khong
  3. Koh Chang
  4. Bangkok
Altijd gesloten?

Social Media

Houd jij van Verre reizen met kinderen? Volg, like en blijf op de hoogte!