LianneMichelBirmaLianne en Michel reizen met hun zoon door Thailand en Birma (Thailand)
28 juni - 28 juli 2013

Kleine kinderen worden groot. En zo kan het gebeuren dat in de zomer van 2013 Lianne en Michel niet met drie, maar met nog maar één kind, Ruben (14), rondreizen in Birma. Gelukkig sluit hierna dochter Iris met haar vriend aan in Bangkok zodat ze toch nog even met z'n vijven zijn.

Door: Lianne Bosch


Naar het land van Aung San Suu Kyi
Donderdag 16 mei 2013. Nederland.

Het aftellen is alweer een beetje begonnen, naar onze wel heel bijzondere reisbestemming van 2013: Myanmar, of Birma zoals het ook nog steeds genoemd wordt. In 1989 werd de naam van het land gewijzigd van Birma (of Burma) naar Myanmar door het toenmalige militaire regime. De nieuwe naam wordt alleen door veel dissidenten en door de Verenigde Staten niet geaccepteerd. Ook sommige media en veel westerse landen gebruiken sinds kort weer de oude naam Birma.

Maar goed, op weg naar Birma. We kennen nog niet heel veel mensen die hier geweest zijn. Het toerisme komt nu de grenzen ook geopend zijn voor individuele reizigers toch goed op gang. Het grote probleem hierbij is dat er meer reizigers arriveren dan er hotels voorhanden zijn. Daarom hebben we besloten om alle accommodatie dan maar vooraf vast te leggen. Iets minder avontuurlijk, en anders dan we gewend zijn, maar er blijft vast nog genoeg avontuur over.

bagan-temples

We vertrekken op 28 juni om een maand later, op 28 juli weer terug te keren op het vertrouwde Schiphol. We vliegen met Etihad, met een tussenstop in Abu Dhabi (United Arab Emirates), dezelfde maatschappij waarmee we ook naar Maleisië vlogen in 2010. In Myanmar volgen we een route vanaf de hoofdstad Yangon (voormalig Rangoon), naar het noorden langs het Inle meer, dan naar een bergdorp. Vervolgens door naar de hoogvlakte van Bagan, gelegen aan de Ayeyarwady rivier. We eindigen in de stad Mandalay om na bijna drie weken terug te vliegen naar Bangkok. Hier ontmoeten we onze dochter Iris en haar vriend Danny en gaan we uitrusten op het tropische eiland Koh Chang in de golf van Siam.

We staan aan de vooravond van een nieuw avontuur, een nieuw land waarvan we hopen dat het ons zal doen verbazen. Het land van Aung San Suu Kyi, het land van de mensen met de witte thanaka op hun gezicht. We gaan het zien!

 

Bijna de hoofdprijs
Vrijdag 28 juni 2013. Schiphol, Nederland.

Eindelijk, het is zover, vandaag vertrekken we dus naar Azië. De rugzakken zijn gepakt, alles staat klaar voor vertrek. We nemen afscheid van Sander, Iris en Danny. Tot over een paar weken! Inderdaad, over precies drie weken zien we Iris & Danny weer in Bangkok. Sander gaat deze zomer met een paar vrienden in Nederland vakantie vieren.

Opa en Oma Tops brengen ons naar Schiphol. De rit verloopt gesmeerd, alleen voor Den Bosch een piepklein stukje file. En omdat je maar nooit weet of je in zo'n file terecht zult komen, het is immers ook vrijdagavondspits, zijn we op tijd vertrokken. We moeten zelf inchecken omdat online inchecken bij Etihad op dit moment nog niet mogelijk is. We nemen afscheid van opa en oma, die daarna door zullen rijden naar mijn tante in Leiden.

De rij voor de incheckbalie is lang, maar we staan redelijk vooraan. Toch schiet de wachtrij niet erg op. Als we eindelijk aan de beurt zijn, zal blijken waarom. Er zijn veel dubbele boekingen, ook door de samenwerking met de KLM. Ze zoeken vrijwilligers om met de volgende vlucht te gaan, die pas morgen zal vertrekken. Daar tegenover staat een fantastische compensatie, die de prijs van onze tickets zeer dicht benadert. Ook de hotelovernachting en de omboeking zullen worden vergoed. Aangezien wij pas zondagavond doorvliegen naar Myanmar hoeven wij hier niet lang over na te denken. Wij stellen ons beschikbaar samen met een stuk of wat andere mensen. We gaan koffie drinken in de aankomsthal, en rond negen uur moeten we ons weer melden bij Etihad. De vlucht is om tien uur 's avonds. Er wordt druk overlegd en het lijkt één grote puinhoop. De incheck is reeds gesloten en nu gaan ze kijken en tellen. Er zijn no shows (mensen die niet zijn op komen dagen) en er zijn mensen op business class gezet. Na veel getel en gebel, komt het verlossende woord; we moeten/kunnen toch nog mee met deze vlucht. Da's nou jammer zeg! Het was een mooi begin van de reis geweest. We voelen ons net of we de hoofdprijs van de loterij aan onze neus voorbij zien gaan. Nou ja, het was toch het proberen waard. De rugzakken worden snel ingechecked en dan is het rennen naar de gate. Het vliegtuig vertrekt om tien over tien. We krijgen om half twaalf nog een warme maaltijd en gaan dan onderzeil.


Proosten met Chang
Zaterdag 29 juni 2013. Bangkok, Thailand.

Na zes uur vliegen komen we aan in Abu Dhabi, de hoofdstad van de Verenigde Arabische Emiraten. Als we uitstappen om half zeven in de ochtend komt de hitte ons tegemoet. Het is dan al 29 graden, en de verwachtingen voor vandaag lopen tegen de 42 graden. Tja, je zit dan ook midden in de woestijn.

Met de bus naar het luchthavengebouw, en dan meteen maar door naar de incheck voor de vlucht naar Bangkok. Onze vlucht blijkt vertraagd, maar dat weten we dan nog niet. Hij lijkt namelijk op tijd te gaan vertrekken maar er zijn onduidelijke problemen met de bagage, waardoor we anderhalf uur later pas op de startbaan staan. Die bagage problemen zullen ons later nog parten gaan spelen, maar op dat moment weten we daar nog niets van.

De vlucht naar Bangkok duurt ook zes uur, net als van Amsterdam naar Abu Dhabi. Als ontbijt krijgen we warme noodles met beef of een ander Arabisch gerecht. We zijn er moe van, en dutten gedurende deze vlucht heel wat af. We hebben ook een kussentje en een warm fleecedekentje van Etihad, lekker! Pas om zeven uur in de avond komen we aan op Suvarnabhumi International Airport in Bangkok. We hebben al snel twee rugzakken van de bagageband, maar waar blijft nou die derde. Eerst denken we nog dat iemand anders die dan per ongeluk heeft meegenomen. Maar als op het bord 'last bag from Abu Dhabi' verschijnt en de rugzak van Ruben er nog steeds niet bij is, beginnen we ons ongerust te maken. Op een bord met cijfercombinaties staan twee mannen, en wat blijkt nu, de rugzak van Ruben is niet meegekomen en zal met een andere vlucht vanuit Abu Dhabi nagestuurd gaan worden. Bij de 'lost and found' balie laten we onze gegevens achter. De bagage wordt in de loop van de nacht verwacht en zal dan worden nagebracht naar ons hotel. Nou, oké dan.

Dan maar op zoek naar de bus. Vanaf floor twee is er een free shuttlebus naar het Don Muang Airport waar ons hotel is. We vinden hem gemakkelijk tegenover uitgang twee. Het zit ons mee, amper zitten we er in of hij vertrekt al. Het is een rit van nog drie kwartier, de chauffeur trapt 'm stevig op z'n staart. Pal tegenover de terminal ligt ons hotel; Amari Don Muang airport hotel. Het hotel blijkt een goede keuze, op loopafstand van de terminal. We blijven hier een nacht alvorens morgen verder te vliegen naar Birma. Onze triple room heeft maar twee bedden maar dat wordt snel opgelost door housekeeping. We gaan nog een hapje eten in een no-name restaurantje tegenover het hotel. Er zitten veel locals, altijd een goed teken! De stir-fried vegetables met kip/garnalen smaken dan ook als vanouds. Michel luidt Thailand in met zijn eerste Thaise biertje, een Chang!

Vervolg reis in Birma


Het feest der herkenning
Woensdag 17 juli 2013. Bangkok, Thailand.

Op tijd uit bed, en de laatste dingen in de rugzak doen. De zeer kwetsbare houtsnijwerken uit Bagan hebben we in een handbagage rugzakje gedaan, en ook alle andere aankopen in een kleinere rugzak om breuk te voorkomen tijdens de vlucht. Voor de laatste keer ontbijten en dan gaan we lopen. Grote rugzak op de rug, en de kleinere in de hand. Het is maar vijfhonderd meter lopen naar de 79th street (between 26th and 27th street) voor de free busshuttle naar het vliegveld. Gisteren pas ontdekt, dat Air Asia voor haar gasten een gratis busverbinding naar de luchthaven heeft. Kijk hier houden wij van, van free! Wel jammer dat die taxichauffeur nu voor niets naar het hotel komt, maar free is altijd nog beter! Er verzamelen zich steeds meer backpackers op de straathoek.

Tegenover de verzamelplaats staat een vrachtwagentje vol hout. Twee jongens van hooguit een jaar of negen dragen grote manden gevuld met hout vanaf het vrachtwagentje naar binnen. Ze lopen af en aan, en hebben nog tijd over voor een gulle lach en om naar ons te zwaaien. Het is gewoon honderd procent kinderarbeid wat we hier zien gebeuren. Ik geef de jongens wat kleinigheden die ik altijd bij me heb voor 'bijzondere gebeurtenissen'. Ze zijn er erg blij mee. Het raakt me dat deze kinderen al zo jong, zo hard moeten werken. En niemand die hier een stokje voor steekt.

mandalay-627 (320x240)

De bus vertrekt een half uur te laat, en we laten druk Mandalay achter ons. Het is een grote vieze stad, maar toch ook een fijne stad. Mandalay laat zich niet in één keer ontdekken, je pelt steeds een stukje van de schil af en ontdekt dan een ruwe bolster met een blanke pit. Hier in Mandalay eindigt ons Birmese avontuur.
Het vliegtuig van Air Asia vertrekt een half uur te vroeg, in een uur en drie kwartier vliegen we terug naar Thailand. We nemen hier een blauwe taxi vanaf Don Muang Airport naar ons hotel. Het is een uur rijden, en voor 215 Bath (nog geen vijf Euro vijftig) staan we voor ons hotel, het Lamphu Tree House. Het is een feest der herkenning! In dit hotel logeerden we vier jaar geleden ook toen we vanuit Hanoi (Vietnam) nog enkele dagen Bangkok deden. We hebben een fijne kamer op de eerste verdieping en kijken uit op het kanaaltje voor het hotel.

Natuurlijk mag een wandeling naar de Khao San Road niet ontbreken. Hét backpackers-mekka van Bangkok. Alles is hier op toeristen gericht, de verkoopwaar zoals T-shirts en het eten in de stalletjes, maar ook talloze reisbureautjes waar je voor heel weinig met een airco bus naar een volgende bestemming kunt reizen. Onthouden dus! Ruben laat zich de kipnuggets bij de Mc Donalds goed smaken. 'Eindelijk weer normaal eten' denkt ie!

 

Ayutthaya
Donderdag 18 juli 2013. Bangkok, Thailand.

Hmm, echt super heerlijk geslapen. Ze hebben hier een soort van dunne dekbedden, echt goed. Wat ook goed is, is het ontbijt. Een soort van buffet met allerlei lekkers, american pancakes, yoghurtjes, muesli, eieren, vers fruit. Echt verwennerij!

We nemen een taxi naar het Victory Monument. Het verkeer staat echt muurvast dus we doen ruim een half uur over vijf kilometer of zo. Vanaf het Victory Monument vertrekken er talloze minibusjes naar evenzoveel bestemmingen. De minibus naar Ayuthaya is snel gevonden. We betalen zestig Bath (anderhalve Euro) per persoon. Als de er negen mensen in de minibus zitten gaan we vertrekken. De chauffeur rijdt flink door, we komen weer langs Don Muang Airport, en langs Bang-Pa In, en dan zijn we ineens in Ayuthaya. We moeten er hier uit zegt de chauffeur. En heel vreemd, een tuktuk mannetje geeft geld aan onze chauffeur. Ik twijfel of we er hier uit moeten, er is immers geen busstation. Yes, dit is de laatste stopplaats in Ayuthaya, dus eruit jullie. De tuktuk-mannetjes pushen ons om met hen verder te gaan. Maar wat jammer nou, dat doen we nu net niet! We gaan eerst ergens koffie drinken, en uitvogelen waar we zitten. Zoals we al vermoeden, heeft de chauffeur onder een hoedje gespeeld met de tuktuks, en zitten we vier straten verwijderd van waar we hadden moeten zijn. Corruptie! Maar goed, we lopen gewoon, en tuktuks die gaan we zeker niet nemen!

We komen langs een drukke winkelstraat, en zien ook het guesthouse waar Iris en Danny heen zullen gaan over een paar weken. De prijzen van het eten zijn daar pittig, dus het wordt KFC. Daarna gaan we fietsen huren, het kost dertig Bath per dag (vijfenzeventig eurocent). We krijgen nog een boekje mee over de historische bezienswaardigheden. Het is niet zover fietsen naar de Wat Pra Mahatat. De belangrijkste bezienswaardigheid hier is een zandstenen Boeddhahoofd dat is ingegroeid tussen flinke boomwortels. Het is een heel apart gezicht, en één van de meest bekende dingen hier in Ayuthaya. Er zijn veel Khmer-stijl ruïnes van stupa's. Het valt ons op dat er hier veel is ingestort, ze restaureren het wel, maar er is ook veel verdwenen. Nadat we natuurlijk al ontzettend verwend zijn met de meest prachtige stupa's en tempels in Bagan is dit wel een heel stuk minder. Toch heeft het wel wat, er is een heel historisch park met heel veel tempel ruïnes. Hier en daar staat er nog een heel Boeddhabeeld, maar de meeste zijn onthoofd.

bangkok-037 (320x240)bangkok-056 (320x239)

Verder op de fiets naar Wihaan Mongkhon Bophit, een mooie grote meer recente tempel. Hierin zit een zeventien meter hoog bronzen Boeddhabeeld. Wow, wat een joekel! Je kunt er helemaal omheen lopen en er staan veel andere kleinere Boeddha's die beplakt worden met goudblaadjes. De mensen knielen en bidden overal. Vlak naast deze tempel is de Wat Phra Si Panphet, ook een hele bekende tempel hier. Het origineel was het grootste complex gebouwd in de veertiende eeuw, maar nu staan er enkel nog drie grote witte stupa's op een rij en een heleboel vervallen stupa's en beelden. Aan de afmeting van de stupa's en op de maquette kan je zien hoe immens groot het hier moet zijn geweest.

Bij de meeste tempels moet je vijftig Bath toegang betalen, maar je kunt ook een pas kopen voor 220 Bath voor een dag. Het is flink warm, en we nemen een drankje bij een stalletje. Als we verder fietsen is daar ineens een verschrikkelijke harde knal! Klapband bij Lianne. Het is nog een heel stuk lopen naar de fietsenwinkel, dus neem ik een tuktuk voor dertig Bath. De fiets gaat met de platte voorband in de tuktuk, de rest van de fiets hangt uit de tuktuk, en die moet ik dus heel goed vasthouden en zorgen dat ie 'mee rijdt' tijdens de rit. Wat een idioot idee. Maar goed, het lukt toch! Michel en Ruben fietsen terug en raken maar één keer de weg kwijt.

Tijd voor ontspanning! We zagen al een massage salon vlakbij ('no sex, massage only' hangt er op de deur). Ruben en Lianne nemen hier een footreflexology massage, en Michel gaat voor de neck & shoulder massage. We nemen 45 minuten. Het is echt heerlijk! Ze masseren je voeten met zeep en olie en groen massage spul wat een beetje naar menthol ruikt. De nek en schouder massage gaat er wat ruwer aan toe, maar is ook prima.

Als herboren stappen we naar buiten en scoren een minibus naar Bangkok. Het eerste stuk tot aan de rand van de stad gaat prima, maar dan lopen we vast in dikke verkeersopstoppingen. Voetje voor voetje gaat het vooruit. De motor van de minibus loopt warm. De chauffeur kijkt er een paar keer naar, en zet de motorkap open. Er blijkt iets flink mis te zijn, en iedereen moet er uit. Follow me, wenkt een medepassagier. We volgen de man en gaan met ons gezelschap een andere minibus een stukje verderop binnen, waarschijnlijk is hij van dezelfde firma.

Na dik anderhalf uur komen we aan bij het Victory Monument. Laten we hier eerst maar gaan eten voordat we naar het hotel terug gaan, misschien dat de file dan ook is opgelost. Bij een tien Bath Noodleshop is het een drukte van belang. Altijd een goed teken! Er zijn wachtrijen om binnen te komen, en wij sluiten aan. Na enkele minuten is er plek voor ons. Wat je ook aanwijst op de kaart, alle schaaltjes kosten tien Bath (vijfentwintig eurocent). We nemen lukraak maar wat, het wordt geserveerd met eggnoodle of glass noodle. Het smaakt allemaal prima. Aan het einde van de rit wordt de stapel schaaltjes geteld en vermenigvuldigd met tien. Prima systeem, en het smaakt ook erg goed. Met de taxi naar huis, en net als we in het hotel zijn begint het te donderen en bliksemen. Er valt echter geen druppel.

 

Khlong taxi
Vrijdag 19 juli 2013. Bankok, Thailand.

Na het heerlijke ontbijt gaan we op pad. We gaan iets nieuws doen vandaag, namelijk met de klong taxi. Klongs zijn de kleine kanaaltjes die je heel veel ziet hier in Bangkok, ook ons hotel ligt aan zo'n kanaal. Over deze kanaaltjes varen lang smalle en hele snelle bootjes. Voordeel; je zit niet vast in de verkeers opstoppingen, en het is heel goedkoop. De prijs voor een ritje met de klongtaxi is tien Bath (vijfentwintig eurocent). Het is maar een klein stukje lopen naar de vertrekplaats van het bootje. De boot zit vol locals, ze gebruiken de bootjes als woon-werkverkeer. Enkele kilometers verder stappen we uit, en is het nog maar een klein stukje lopen naar het Jim Thompson's House.

Jim Thompson is een Amerikaan die naar Thailand is gekomen als militair, en besloot daarna te blijven. Hij heeft de lokale zijdeindustrie nieuw leven ingeblazen, en is groot geworden door de zijdehandel. Hij ontwierp nieuwe designs en kleurencombinaties. Aan de klongs heeft hij een prachtig houten huis gebouwd. Het zijn eigenlijk zes huizen die hij aan elkaar heeft verbonden, en zo werd het één groot huis in een prachtige grote tuin. Jim Thompson was een verwoed verzamelaar van allerlei prachtige Aziatische kunst. In 1967 ging hij op reis naar Maleisië, naar de Cameron Highlands. Hij is hiervan nooit terug gekeerd, en er is nooit een spoor van hem meer gevonden. Men neemt aan dat hij is opgegeten door een tijger in die hooglanden, maar zeker weet men dit niet.

Het prachtige huis is nu open gesteld voor publiek, je kan het bezoeken en de meer dan prachtige collectie kunst bekijken. Die man had wel smaak moeten we zeggen, wat een prachtige kunst. Er zijn delicate schilderingen op zijde, houtsnijwerken, (Boeddha)beelden en een grote collectie Chinees porselein. In de tropische tuin zijn prachtige bloeiende planten, bamboegrassen, en een meertje met schildpadden. In grote Chinese potten zitten mooie vissen, één gote vis is een beetje tam, die kan je over zijn kop aaien. Alles wat je hier ziet is werkelijk prachtig, de collectie, het huis en de tuin. Je kunt hier ook artikelen van Jim Thompson zijde kopen, wat we niet doen.

bangkok-056 (320x240)bangkok-180 (320x239)

Verder met de klong taxi. Onderweg zie je niet zoveel. Omdat de bootjes redelijk snel over de klongs varen zitten er over de hele zijkant blauwe plastic schermen. Zodra ze gaan varen trekken de locals het plastic omhoog, waardoor je nauwelijks nog 'uitzicht' hebt. Dat is wel een beetje jammer.

Bij de volgende halte stappen we uit, en wat een wereld van verschil ineens! We staan midden in Pratunam, een shopping district. Overal zijn wolkenkrabbers en hoge gebouwen. Aan één van de shoppingmalls hangen glazenwassers op grote hoogte de ramen te lappen. What a job! We gaan de Platinium Shoppingmall binnen. Allemaal mode, een heel warenhuis vol. Gebouw één is enkel vrouwenkleding, etage na etage. Voor mannenkleding moeten we een gebouw verderop zijn. En inderdaad, hier is naast nog meer vrouwenmode ook iets voor mannen te vinden. Van maatpakken tot shirtjes met opdruk, het is er allemaal! Michel koopt drie overhemden voor een prikkie, Ruben scoort een Amerika-shirt, en Lianne gaat voor een tuniek en zijden sjaals. Je kunt hier blijven kijken en kopen, tot je er bij neer valt. Shop 'till you drop....

Maar dat zijn wij niet van plan, want de inwendige mens wil ook wat. Op de bovenste verdieping in het gebouw is een foodcourt. Wow, dit is geweldig! Een foodcourt is een etage vol kleine restaurantjes van allerlei pluimage. Je koopt tegoed op een kaartje en gaat dan overal kijken wat je zou willen bestellen. Het aanbod is mega gevarieerd; van Indiaas tot Taiwanees, er is zelfs een haaievinnen-tentje, chickenballs (nou nee, bedankt hier hebben we geen goede herinneringen aan in Maleisië), crepes en je kunt niet bedenken wat nog meer. Ruben gaat voor een koude crepe-wrap met bananen, aardbeien en slagroom. Michel gaat voor pad thai met kip en Lianne neemt iets Indiaas met een chappatibrood. We doen ook nog een tweede ronde! Helemaal voldaan van de aankopen en het heerlijke eten nemen we de klong taxi terug naar het hotel.

's Middags wat lezen en internetten. Ook praten we met Nederlanders die net zijn aangekomen. Dit hotel is populair bij Nederlandse gezinnen met kinderen merken we. Het weer is dreigend, het begint flink te waaien, en de lucht wordt erg donker. Toch wederom geen druppel regen. Vroeg in de avond lopen we naar de Rambuttri Road, hier zijn heel veel gezellige restaurantjes. We eten heerlijke saté en stir fried vegetables with cashewnuts bij het Green House Restaurant. Boven ons hangen gekleurde lampionnen in de bomen, het ziet er heel gezellig uit.

Iris en Danny komen in de loop van de avond aan bij het Lamphu Tree House. Ze hebben er een lange dag opzitten en komen nu vanuit Dubai. Hun taxichauffeur heeft hen helemaal aan de andere kant van Khao San Road afgezet dus ze hebben nog een heel eind met volle bepakking moeten lopen. Ook hebben ze nog honger, dus na een douche lopen we nog even de drukte in en scoren we een gigant crepe voor die twee.

 

Wat-blieft?
Zaterdag 20 juli 2013. Bangkok, Thailand.

Het is weer lekker wakker worden in Bangkok! Na een snelle douche schuiven we aan bij het toch wel uitgebreide ontbijtbuffet. Lekker kopje koffie erbij en de dag kan beginnen. Dan gaan we op pad, juist om de hoek is de Wat Bowonniwet tempel (Wat is tempel in het Thais). Een mooie grote kleurrijke tempel waar ook koning Bhumibol en zijn zoons zijn ingetreden om een tijdje als monnik te leven. Bijna elke Thaise Boeddhistische man gaat voor korte of langere tijd het klooster in. Dat kan zijn voor een dag of tien of voor onbepaalde tijd.

Als wij er aankomen zien we al dat het er een drukte van belang is. Een hele rij jonge meiden treden in als novice in het klooster. Ze zijn allemaal kaal geschoren en dragen allen hetzelfde lila gewaad. Het is een belangrijke en feestelijke gebeurtenis, hele families zijn meegekomen en vaders leggen alles met de camera vast. De nonnen krijgen van de stokoude hoofd-monnik allemaal een boek met Boeddhistische teksten er in. De tempel zelf is ook prachtig om te zien, met gedetailleïrde muurschilderingen, maar echt goed kunnen we die nu niet zien.

Verder gaat het naar de Chao Praya rivier, een grote brede rivier die dwars door Bangkok loopt. We nemen de boot met de oranje vlag en kopen kaartjes van vijftien Bath per stuk. Voor die prijs mag je zo lang blijven zitten als je wil, maar wij gaan er na vier haltes uit bij de pier van Tha Tien. De bootjes kan je vergelijken met een soort van waterbussen, goedkoop vervoersmiddel voor over de rivier. Bij Tha Tien staan we aan de verkeerde kant van de rivier en nemen we een andere veerboot (drie Bath) naar de overkant. We zijn dan aangekomen bij Wat Arun, de tempel van de dageraad.

Wat Arun ziet er vanuit de verte uit als een saaie grijze betonkolos, maar als je dichterbij komt is de tempel helemaal bewerkt met stukjes mozaïek. Van scherven zijn weer andere figuren en bloemen gemaaakt. Ook zitten er kleine schoteltjes van Chinees porselein tussen de mozaïeken. Het is een grote tempel die tot heel hoog de hemel in rijkt, omringd door vier lagere pilaren ook helemaal bewerkt. In nissen staan gouden Boedhabeelden en demonen, ruiters te paard en nog veel meer moois. Iris is te bloot gekleed en we kunnen omslagdoeken en sarongs huren zodat ze toch binnen mag. Want je moet je Boeddha respect tonen, en dat gaat nu eenmaal niet in een korte broek en een spaghetti-topje.

bangkok-258 (320x241)

We klimmen helemaal naar boven over de steile treden en van boven heb je een heel mooi uitzicht over de skyline van Bangkok. Zoveel hoge wolkenkrabbers, flats en andere grote gebouwen, en daartussen de blingbling van de tempeltjes. Vanaf de Wat Arun heb je een mooi uitzicht over het koninklijk paleis, maar die zullen wij deze keer niet gaan bezoeken. Met het veerbootje weer terug naar de overkant. Het is best warm en zonnig (32 graden) en we zijn er dorstig van geworden. Bij de 7-eleven kopen we wat te drinken, Iris en Ruben nemen er een ‘slurpee’, net zoals ze die zes jaar geleden ook altijd namen.

We willen gaan lopen naar de Golden Mount, maar we verdwalen en komen totaal ergens anders uit dan gepland. Wel passeren we een hele grote bloemenmarkt. Heel veel mannen en vrouwen zitten hier jasmijnslingers te rijgen, deze worden gebruikt als offerandes in de tempels en bij de geestenhuisjes. Ook de slingers van fel oranje afrikanen doen het goed op deze markt. Lotus bloemen in de knop vinden gretig aftrek onder de locals, het blijft toch een prachtig gezicht al die kleurrijke en geurende bloemen. We nemen twee taxi’s terug naar de Golden Mount. De lucht begint pikzwart te worden, er is iets ‘in de maak’. Onder aan de Golden Mount vertrekken er klongtaxi’s en net als we er in zitten begint het genadeloos te regenen. De eerste tropische regenbui voor Iris en Danny. De schermen aan de zijkant van de boot doen nu goede dienst! Het is alweer bijna droog als we bij de Platinum Shopping mall uitstappen. We gaan weer lunchen bij de foodcourt. Het is nog veel drukker dan gisteren, maar er zijn 1500 zitplaatsen zie ik op een bordje staan. Het smaakt weer opperbest. Nog even wat winkeltjes kijken en dan nemen we het bootje weer terug naar het hotel. Ruben en Danny gaan zwemmen en ik werk de website bij.

‘s Avonds lopen we naar de Ram Buttri Road, waar we bij Green House gaan eten. Volle bak, wederom en live muziek van een Thai die gitaar speelt en niet onverdienstelijk zingt. De grote flessen Chang bier vloeien rijkelijk, en voldaan lopen we terug naar het hotel. Straatjes als Khao San en Ram Buttri zijn heel gezellig om over heen te slenteren maar wij verkiezen de rust van het Lamphu Tree House vele malen!


Let's go down the islands
Zondag 21 juli, Koh Chang, Thailand.

Vroeg opstaan, snel douchen en inpakken. Om zeven uur zitten we al aan het ontbijt, en we nemen er de tijd voor. Om acht uur staan we met volle bepakking op Wan Chan Bridge, het bruggetje aan de grote weg. Geen bus te bekennen. Wel vraagt elke tuktuk en taxi die langs komt of we van hun diensten gebruik willen maken. Nót! En je wil niet weten hoeveel van die taxi's en tuktuks er op een ochtend langskomen. Er is ook al een brommertje langs gekomen met 'where do you go?'. Later blijkt dat juist dit mannetje ons zoekt, hij vertelt dat we juist om de hoek moeten wachten in een andere straat en dat we daar dan opgepikt zullen worden. En inderdaad, er komt een bus, wel een half uur te laat, maar goed we zijn blij als hij stopt en we mee kunnen.

We hebben frontseats zoals we besteld hebben. De bus rijdt met een slakkegangetje Bangkok uit. Na drie uur is er een stop van een half uur bij een wegrestaurant (open air). Hier eten we een bordje gebakken rijst met een eitje. De bus rijdt erg langzaam, en blijft dit doen. Alle meters in de bus zijn kapot, de snelheidsmeter, de benzinestand, er werkt niets meer. Misschien dat ie daarom ook zo langzaam rijdt. We zijn om half negen uit Bangkok vertrokken en de rit zou vijf a zes uur duren. Maar pas om half vier komen we bij de pier naar het eiland aan. De bus stopt en alle bagage moet op een soort van groot golfkarretje worden geladen. Zo rijden we naar de boot, een heel oud en verroest barrel. 'Hebben jullie ook first class geboekt?' vraagt iemand. Haha, goede grap!

Hoewel het Koh Chang eiland vlak voor de kust lijkt te liggen, doen we er toch een uur over met de veerboot. De zee is erg kalm en de zon begint zowaar te schijnen. Aan de overkant staan witte pickup-trucks klaar. Naar Lonely Beach kost honderd Bath per persoon. Dat lijkt ons vrij veel maar er is geen andere optie. Later blijkt dat we nog bijna een uur moeten rijden over heuvels en haarspeldbochten. De rugzakken gaan op het dak van de pickup en worden met touwen vastgemaakt, er gaan vijftien mensen mee als passagier. Dat past eigenlijk helemaal niet, Iris zit bij Danny op schoot, en er moeten nog drie mensen op de treeplank staan. Avontuurlijk is het dus wel. We zitten met vier Nederlandse studenten in de auto en het is best gezellig. Onderweg zien we veel tropisch regenwoud, twee olifanten en heel wat aapjes. Koh Chang lijkt ongerepter dan alle andere Thaise eilanden waar we ooit waren. Bedekt met bergen en veel, heel veel tropisch regenwoud.

In Lonely Beach moeten we zijn, en we worden bergop afgezet bij Oasis, ons guesthouse. We worden hier hartelijk ontvangen door Floris en Marieke, de Nederlandse eigenaren. We hebben hier twee deluxe bungalows en één jungle hut. Ruben slaapt in de junglehut, met openlucht badkamer. Verder is de hut heel eenvoudig, maar er waren maar twee luxere bungalows (ze zijn er wel nog drie bij aan het bouwen). Ruben mag bij onze bungalow warm komen douchen, dat lijkt ons een goede oplossing. We eten bij Oasis, het is echt heel erg lekker. Gammel van het reizen liggen we er vrij vroeg in, en vallen in slaap bij de jungle geluiden uit het woud om ons heen. Kikkers die kwaken, krekels die keiharde geluiden produceren. Back to nature!

koh-chang-025 (320x240)

 

Lonely Beach
Maandag 22 juli 2013 Koh Chang, Thaialand.

Ondanks het harde matras toch best goed geslapen. Urenlang reizen in bussen is slopend, dus een goede nachtrust is dan heel fijn. Het heeft de hele nacht geregend en nog steeds valt het water met bakken de hemel uit. We schuiven aan voor het ontbijt. Er is een probleem met de eieren, ze hebben nog maar zes eieren en dan kan niet iedereen twee gebakken eieren of een pannenkoek. Het zijn vandaag en morgen speciale feestdagen voor de Thai, iets van 'special Boeddha days'. Veel Thai zijn daarom naar het eiland gekomen. Ook mag er in de restaurants geen alcohol worden geschonken met deze dagen. Er zijn veel winkels dicht en zodoende kan de voorraad eieren niet worden aangevuld op dit moment. Oké dan nemen we wel muesli met toast.

Het heeft flink geregend vannacht en nog steeds is het niet droog. Toch willen we het dorpje verkennen waar we nu zitten, Lonely Beach. Het is niet veel meer dan een strip winkeltjes, restaurantjes, reisbureautjes en guesthouses. Ook staan er veel zaken te koop, misschien omdat het laagseizoen is. Er is ook (te) veel concurrentie. De kleine bamboe hutjes gaan tot aan het strand. Hoe dichter aan het strand, hoe armoediger. Dit is echt lowest budget! Misschien kan je hier voor een euro of vijf al een hutje huren, maar ze zien er echt niet uit. Gelukkig zitten wij heel wat beter!

We lopen het dorp uit tot aan de afslag met de Siam Huts, hier is een wit zandstrand. Het is inmiddels gaan regenen, en dan ziet alles er toch wat minder uit. Verder dan een beetje pootje baden komen we niet. Toch zien we enkele mensen de zee in gaan voor een plons. De zee is hier ook een beetje wild en ruw. We vinden een leuk goedkoop restaurantje, het heet Quitar Restaurant en het ziet er keurig netjes uit. De dames van de bediening, (moeder en dochter?) zijn erg aardig. Ze hebben vandaag alleen chicken en pork komen ze melden. We eten hier werkelijk heerlijk, en de fruitshakes zijn ook helemaal niet verkeerd! Nog een ijsje toe bij de supermarkt en dan klimmen we weer naar boven, naar onze Oasis Bungalows.

koh-chang-035 (320x240) (2)koh-chang-053 (320x240)

Het is inmiddels droog geworden en een voorzichtig zonnetje laat zich zien. Iris en Ruben besluiten te gaan zwemmen in de zee, de rest doet rustig aan en gaat lekker lezen, internetten of neemt een siësta. Net voordat de volgende bui losbarst komen ze weer terug van het strand. Lianne heeft ondertussen alle kaarten geschreven en op de post gedaan. Heel vreemd, in Birma waren wel prachtige kaarten te koop, maar aan postzegels was niet aan te komen. Een paar weken later dan gepland zijn die dus ook op de post!

We lopen tegen de avond weer onze berg af naar beneden en gaan eten bij het Del Sunshine Restaurant. Een beetje vreemde tent, er lopen veel rasta mannetjes rond. We zitten aan een piano-tafel, en het duurt even voor de bestelling komt, maar het wachten was de moeite waard. Allemaal super lekker. Als we een biertje willen bestellen wordt er een beetje zenuwachtig gereageerd. Oh ja, het is Boeddha-day, we bestellen wel een colaatje. Even later zien we ze met een groot glas whisky voor eigen gebruik richting eigen eettafel schuifelen, haha! Ze hebben hier gratis supersnelle wifi, ook altijd goed! De mensen zijn hier aan het poolen, en ze nodigen ons uit om het ook te proberen. Danny en Michel spelen een potje pool-biljart. Michel heeft dit heel lang niet meer gedaan, en hij is er niet erg goed in blijkt. Danny wint met glans!

Als we de berg oplopen valt 'ploef', alle electriciteit uit, het hele dorp is in het donker gehuld. Pikdonker. Gelukkig zit er op de mobiele telefoons van tegenwoordig ook een goede zaklamp. Zo vinden we onze weg naar de Oasis. In het restaurant wordt druk gerommeld met kaarsjes. Op de ligkussens nemen we nog een biertje en een zakje chips. De elektriciteit doet het weer na een half uurtje, maar even later zitten we wederom in het donker. Power-cut niets aan te doen!

 

De pinguin-club
Dinsdag 23 juli 2013. Koh Chang, Thailand.

De regen tikt heel hard op het golfplaten dakje van onze badkamer. Het heeft de hele nacht flink doorgeregend. Dit is niet het weer waarop we gehoopt hadden. Door de stromende regen naar het restaurant. Bijna iedereen van ons gezelschap neemt een pannenkoek met nutella en cashewnuts. Een hele goede keuze.
Voor vandaag hebben we een fietstocht gepland met Slow life Cycling, maar door de hevige regen afgelopen nacht (en op het moment nog steeds!) kan die niet doorgaan. Misschien is morgen dan nog een optie als het beter weer is. De lucht is grauw en je kunt de zee amper zien vanuit het restaurant. Dit ziet er niet goed uit, sterker nog, dit ziet er uit of het vandaag wel eens de hele dag zal blijven regenen.

koh-chang-067 (320x240)

Na het ontbijt wachten we een paar uur af, geen verbetering. Dan besluiten we om toch maar met de songteaw (open pickup busje met rijen bankjes en een dakje) naar het volgende dorp te gaan. We halen de regencapes uit de rugzakken, zo blijven we min of meer een beetje droog aan de bovenkant. De capes zijn zwart en zonder model, het is eigenlijk een zak met een capuchon die je aanhebt. Het is geen gezicht, we lijken wel een pinguin-club, vijf van die zwarte gevallen achter elkaar aan lopend.

Het is zo'n tien minuten rijden naar het grotere dorp Ban Bao helemaal in het zuiden van Koh Chang. De weg is vol bochten en we gaan heel wat heuvels op en af. Het tropisch régenwoud (waar die naam vandaan komt, daar zijn we inmiddels ook achter!) begint meteen naast de weg, Metershoge planten, die bij ons in het klein verkocht worden als kamerplanten groeien hier in het wild. Sommigen hebben prachtige bloemen. Hoge struiken met Chinese rozen, of van die bont gekleurde bladeren, het is allemaal prachtig.

Aangekomen in Ban Bao, een dorpje aan een brede baai. Het is net eb, dus de zee begint pas e in de verte. Er is een pier met winkeltjes, maar de helft is nog niet open. Misschien heeft dat te maken met de speciale Boeddha-dagen. We lopen de pier helemaal af tot aan het einde, het regent nog steeds. Je moet uitkijken waar je loopt want veel winkeltjes hebben van die luifeltjes die helemaal doorhangen van het water, en soms dan komt het water spontaan naar beneden kiepen en ben je de sigaar.

In een visrestaurant met uitzicht op de baai zitten we droog, en nemen we koffie of fris. Je ziet de bergen gehuld in dikke wolken, dit gaat het vandaag niets meer worden. Er is ook wifi in het restaurant en we kijken de voorspellingen, ook dat beloofd niet veel verbetering. We overleggen wat we er mee zullen doen, en we besluiten om eerder terug te gaan naar Bangkok. Daar is het toch iets droger, en ook daar kunnen we een fietstocht maken.

Terug bij Lonely Beach eten we bij het Quitar Restaurant. Heerlijke noedels of rijst met sweet and sour, pad thai, of springrolls (loempiaatjes). De rest van de middag gaan we chillen, lezen of tv kijken. Op de tv hier is BVN, een Nederlandse zender met het nieuws van gisteren, MAX op reis, en voetbal. De baby van William en Kate is geboren zien we op tv. Gelukkig kunnen we onze bustickets naar Bangkok gemakkelijk omzetten naar morgen, dus we gaan definitief vertrekken morgenochtend.

's Avonds eten we bij Del Sunshine, vanwege de snelle wifi. Het eten is ook goed. Terug bij Oasis nemen we allemaal nog een snack en wat te drinken. Die grote flessen Chang bier die gaan er aardig in hier! De wifi bij Oasis is nog steeds niet terug in de lucht. Het heeft inderdaad de hele nacht en de hele dag geregend, dus we denken dat we een goede beslissing genomen hebben. Het eiland is echt prachtig, tropisch begroeid met regenwoud, en mooie baaien met palmbomen en wit strand. Maar eigenlijk kan je hier alleen iets mee als je ook het zonnetje erbij hebt.


De ontsnapping
Woensdag 24 juli 2013. Bangkok, Thailand.

Zachtjes druppelt de regen op het golfplaten afdakje van de badkamer. Het is pas half zeven als we opstaan, maar we zijn klaarwakker. Dat komt er nou van als je (te) vroeg in je bed ligt van verveling door de regen. Na een verfrissende douche is het heerlijk op onze porch zitten in de luie stoelen. Ik heb een goed boek om in te duiken. De hond Diesel heeft de nacht ook op onze veranda door gebracht en hij kwispelt blij als we naar buiten komen. Het is inmiddels droog en de lucht ziet er heel wat beter uit dan gisteren, veel helderder. Je kunt nu ook de zee veel duidelijker zien in de verte. Ons laatste ontbijt bij Oasis. Eigenlijk was het plan hier totaal vijf nachten te blijven, maar goed van die nattigheid wordt niemand echt blij.

De rugzakken op, en naar beneden naar de hoofdstraat van Lonely Beach. We zijn er klaar voor, we gaan de grote ontsnappingstruc doen. Het is een hele rit voor vandaag, maar we zijn er op voorbereid: 1. Men zoekt een taxi op de hoofdstraat. honderd Bath per persoon, en als je geluk hebt kan je zitten. Heb je pech en ben je aan de late kant, dan moet je achter op de treeplank staan. De rit duurt een uur naar de Centerpoint pier. 2. Men neemt de ferry van half elf. Het ticketje zit op het terug reis briefje. Op de ferry zeul je je bagage mee naar de boven verdieping waar je kunt zitten. De overtocht duurt een uur naar het vaste land. Het begint flink te plenzen, en ook boven het eiland ziet het er niet al te best uit! Gelukkig zitten we min of meer droog op de ferry! 3. Op zoek naar het 'golfkarretje'. Snel je rugzak achterop, en zitten voor hij vol is en je opzij op de treeplank mee mag reizen. Ritje van vijf minuten. Als je geluk hebt blijft je bagage netjes op de kar liggen. Iris heeft geen geluk, de chauffeur gaat over een drempeltje met volle vaart, en er vallen negen stuks koffers en backpacks af. Die van Iris ligt in een plas, en is doorweekt. Domme pech! 4. Men neme de juiste bus, dit is niet moeilijk, het is dezelfde als op de heenweg, die met de orchideeën en de olifantjes erop. Shit, dezelfde bus, nee toch, die was toch kapot? Nee dus! Gewoon instappen, en snel ook, anders zit je achteraan. 5. De rit duurt slechts zeven uur. In een slakkengangetje naar Bangkok. Toch lijkt het wel of deze chauffeur ietsje sneller rijdt dan op de heenweg. Halverwege een stop van een half uur. Snel een bordje gebakken rijst met een ei scoren. Na een half uur ligt de chauffeur nog ruim een half uur onder de bus. De versnellingsbak maakt vreemde geluiden. Dus de bus was toch kapot! Met slechts een half uur vertraging rollen we tegen zeven uur Bangkok in. Uitstappen op Khao San Road.

Niet moeilijk dus, onze ontsnapping naar Bangkok! En daar sta je dan in het donker met volle bepakking, en zonder slaapplaats. We bekijken een paar hotels. Het ene is te duur, en daar moet je met drie man in een twee persoons bed slapen? Nót! Het tweede hotel is populair (Rambuttri Village Inn) maar de kamers zien er uit als gevangeniscellen. De tactiek is hier, je laat een foto zien van een deluxe kamer met bijbehorende hoge prijs, en dan laat je de allersimpelste kamer zien die je hebt. Daar trappen wij niet in. Een stukje verder nog maar eens iets proberen, het ziet er leuk uit. De prijs is oké, even de kamer checken. Die is ook prima, we nemen drie double rooms. De mensen van het Pannee House zijn super vriendelijk, en het voelt goed, zo'n kleinschalig hotelletje. Snel de bagage in de kamers, want alleen een bordje rijst op een dag, daar wordt je niet vrolijk van. Bij Pohpiang Restaurant gaan we eten, en ze hebben er gebakken kippetjes. Daar zijn wij als de kippen bij! Aangevuld met wat andere gerechten en een grote ijsco bij de 7-Eleven als dessert.

 

Avontuurlijk snacken
Donderdag 25 juli 2013. Bangkok, Thailand.

Heerlijk! Krakend verse croissantjes uit de oven met vers gebrande koffie. Is er een betere manier om de dag te beginnen in Bangkok? We zitten buiten op het stoepje bij Pannee House. Er is precies plaats voor een paar tafeltjes en stoelen. Het verkeer raast langs, taxi's en tuktuks en veel brommers. Ook komen er veel mensen langs gelopen. De bagage stallen we beneden in een hokje bij de receptie, en dan gaan we op pad.

We splitsen op vandaag, Iris en Danny willen samen het Royal Palace gaan bekijken, en van hieruit is het niet zo ver lopen. Onze planning kan nog alle kanten op. Eerst de Wat Bowonniwet nog maar eens beter bekijken, nu zit er niet zoveel publiek in. Er staan twee reusachtige gouden Boeddhabeelden vlak achter elkaar, ze zijn imponerend. Ook de muurschilderingen kunnen we nu veel beter bekijken. Bij het Democracy Monument steken we over, de Thanon Dinso in. Na een maand reizen zijn we eigenlijk wel toe aan een kappersbeurt. Eerst naar de herenkapper, om een half uur later geknipt en wel voor vijftig Bath weer naar buiten te stappen. De kapster van Michel draagt een mondkapje tijdens het knippen, je ziet hier wel meer mensen heel spastisch met mondkapjes op rondlopen. De dameskapper zit een paar straten verderop, eerst even informeren. De eerste twee kappers durven het niet aan om een buitenlandse te knippen (wegens taalbarriére?). De derde kapster vind het geen probleem, hier is bovendien een klant die zeer goed Engels spreekt en over kan brengen hoe het haar geknipt moet worden. Bij de dameskapper rekenen we 160 Bath.

Een paar straten verder zit een 7-Eleven, altijd handig als je dorst hebt. We kopen hier wat blikjes en drinken ze buiten op. Vlak voor de winkel staat een eetstalletje. Niets bijzonders, er staan zoveel eetstalletjes in Bangkok. Maar laat deze nou net heel bijzondere eetwaar verkopen, namelijk gefrituurde insecten als snack. Eerst maar eens een fotosessie om de koopwaar nader te bekijken. Geen probleem, van grote sprinkhanen, grote vliegen, larven, tot crispy meelwormen.
Maar het absolute hoogtepunt vormen toch wel de gefrituurde kakkerlakken. Poeh he! Dat is voor de echte die hards! De man verkoopt veel snacks aan de lokale bevolking, er is immers (op ons na ) verder ook geen toerist te bekennen. We kopen uiteindelijk een zakje gefrituurde meelwormen. De man schept ze in een plastic zakje, wat vissaus erover, nog wat poeder, en een plastic lepeltje erbij. Alsjeblieft, dat is dan twintig Bath. De meelwormen blijken verrassend te smaken, een beetje nootachtig met het zout van de vissaus. We snacken het hele zakje leeg. Ruben doet niet mee, die is nog niet klaar voor dit avontuur.

Na enkele malen de weg gevraagd te hebben komen we aan bij Soi Ban Baat, een klein straatje wat ook bekend staat als het Monk's Bowl Village. Hier maken nog enkele families op traditionele manier de bedelnappen van de monniken. In de kommen doen ze de rijst en het eten dat ze in de ochtend ophalen langs de huizen. De bedelnappen worden gesmeed van ijzer en plat geslagen met een grote hamer. Er wordt net zo lang op gehamerd totdat de kom perfect rond is. Als finishing touch komt er nog een laagje zwart spul overheen. Het duurt ongeveer een dag voordat zo'n bedelnap gemaakt is, de opbrengst is één kom per man per dag. Je kunt ze hier ook kopen, een zeer origineel cadeau, en ook apart voor in huis als decoratie, maar ze zijn erg groot en onhandig om mee te sjouwen. Een grote bedelnap kost ongeveer duizend Bath.

We lopen onder aan de Golden Mount (Wat Saket) en komen bij een prachtige tempel, of is het een paleis? Voor de gebouwen ligt een klein parkje, er hangt kerstverlichting in de bomen, 's avonds is hier alles prachtig verlicht! In de belangrijke straten zijn de bomen helemaal verlicht met kleine lampjes. Als je net als wij gisteren in het donker met de bus langsrijdt is het net de Champs Elysees, zo schitterend! De tempel is gesloten, maar dat andere gebouw, de Loha Prasit, daar kunnen we wel in. Het is een soort van paleis/tempel, met een prachtig donker teakhouten dak, met allerlei uitstekend houtsnijwerk. Het ziet er heel indrukwekkend uit. Je kunt naar boven, en in de buitenste gangen staan prachtige Boeddhabeelden. Helemaal op de top heb je een 360 graden panoramaview! We eten bij de Mc Donalds, die helemaal uitpuilt van de schooljeugd. Het is overal hetzelfde!

We gaan onze achter gelaten bagage ophalen bij het Lamphu Tree House, en ze herkennen ons meteen. Dan nemen we een taxi met alle bagage (ook die van Iris en Danny) naar ons laatste logeer adres; Udee Hostel Bangkok. We staan in de file en daardoor duurt de rit langer dan een uur. We gaan de rode Chinese deuren binnen, het is een oase van rust. Klein vijvertje met vissen, lekkere stoelen en zitjes, relaxt! Iris en Danny zijn al gearriveerd en hebben veel moois gezien in het koninklijk paleis en bij de Wat Po!

Na een heerlijke douche (ja echt, de beste van Thailand tot nu toe!) gaan we op zoek naar een restaurant. Niet heel veel keuze maar een paar blokken verder zien we het Khao Hom Restaurant. Het menu is in het Engels, en dat is handig. We eten goed en lekker. Iris en Ruben hebben alleen een kippenpoot en kleefrijst op dus die willen bij de 7-Eleven nog een hotdog. Na een korte wandeling zien we de vertrouwde rode Chinese poort van Udee.

 

Follow Me
Vrijdag 26 juli 2013. Bangkok, Thailand.

Geen drukte van verkeer wat langs raast. Heerlijk wat uitgeslapen. Hier in Udee is het relatief heel erg rustig, de kamers zijn fijn en de bedden liggen goed. Onze kamers liggen op de eerste verdieping, en er is een open balkon dat op de ontbijt en receptie area uitziet. Het gebouw is lekker open en strak gebouwd. Een heel andere bouwstijl dan we hier in Bangkok gewend zijn! Het ontbijt is self service. Er is warm water om koffie en thee te maken, er is fruit en gesmeerde sandwiches, rauwkost en muesli met melk. Ook kan je een boterham roosteren en met jam besmeren. Het is de bedoeling dat je je bord zelf even afwast als je klaar bent met ontbijten.

We hebben een vol programma vandaag, dus na het eten gaan we op pad. Het is ongeveer tien minuten lopen naar de skytrain. We kopen kaartjes bij de ticketmachines, en gaan zes haltes verderop bij station Siam er uit. Ruben wilde graag naar Siam Paragon, omdat Ronald hem dit als secret tip had gegeven. Het Siam Paragon is een zeer luxe shoppingmall met alles erop en er aan. Hier vind je een mega bioscoop, een zeeaquarium en veel yuppenwinkels van de grote merken zoals Gucci, Fendi, Maserati en nog veel, heel veel meer! Het neusje van de zalm op hifi gebied, sportauto's en sierraden. Dat wordt 'kijken, kijken, niet kopen!'
Eigenlijk hebben backpackers zoals wij hier niets te zoeken. Maar in de kelder zit ook een foodcourt, en het is heel betaalbaar. We besluiten om hier een hapje te gaan eten. Langs de stalletjes met kippen, eenden, en chickenballs, is het lastig kiezen. Michel en Danny gaan voor de gebakken eend, Iris wil een noedelsoepje, Ruben neemt saté en Lianne vis sweet & sour. Iedereen is tevreden, en we nemen nog een vijftien Bath softijsje na bij de KCF.

Met de skytrain nog drie haltes verderop naar Chong Nonsi Station. Vanaf hier moeten we via een plattegrondje op de mobiel een adres zien te vinden van Follow Me, een bedrijfje dat fietstochten door Bangkok organiseert. Eerst nemen we al de verkeerde exit vanaf de skytrain en lopen we verkeerd, maar we spelen het klaar om precies op de afgesproken tijd op de afgesproken plek te arriveren.

Eerst een kort instructie filmpje en dan mogen we fietsen uitkiezen. Het zijn stevige, stoere mountainbikes, en je mag zelf kiezen of je een helm op wil. We hebben een privé tour, omdat de andere drie mensen uit onze groep afgemeld hebben. Super! Onze gids is een vrolijke Thaise jongen, hij heet Tob. We fietsen eerst een kort stukje naar een 'heritage house' van voormalig president en schrijver MR Kukrit. We gaan hier naar binnen. De oude huizen liggen in een prachtige tuin, tussen de hoge wolkenkrabbers. De gebouwen zijn te vergelijken met het Jim Thompson's House, ook zijn ze hier prachtige ingericht. Alleen dan zonder hordes toeristen, we zijn hier de enige gasten. Er is een grote vijver met mega catfish erin. Prachtige lotus bloemen en andere planten en bomen. En een dierenbegraafplaats compleet met tempeltje. Nog nooit gehoord van die MR Kukrit, maar een prachtig optrekje dat had ie zeker!

Verder fietsen door smalle steegjes, over marktjes, langs tempeltjes. Altijd leuk om midden in het dagelijkse leven van de Thai te mogen kijken. Het blijft genieten. We steken een spoor over (gewoon fiets optillen en naar de overkant). Er staan hier allemaal oude wagons van de posttreinen. Op een soort van ongebruikt rangeerterrein. Hier wonen de allerarmsten van de stad, ze gebruiken de wagons als woning (kraakpand?). We stoppen in de buurt van de treinen bij een 'cock fighting place'. Hier worden de hanen gekweekt en klaar gestoomd voor de hanengevechten. Het is illegaal dat vechten, maar er wordt flink geld mee verdiend. Er worden weddenschappen op afgesloten welke haan gaat winnen. Voor het gevecht worden mesjes om de poten gebonden, en het kan zomaar gebeurden dat de ene haan de andere doodt tijdens het gevecht. Op het moment dat wij er zijn zitten de hanen, en de kuikens rustig in de hokken of onder grote rieten korven. Niks agressiefs aan. De foto van de kampioen hangt ingelijst op een paal. Deze haan is goud waard, wel 2500 Euro!

Iets verderop krijgt Danny een lekke band. Geen nood, Tob heeft reparatie spullen bij zich en er gaat een geheel nieuwe binnenband in het wiel. In een kwartiertje is de klus geklaard en kunnen we verder. Naar de rivier, de Chao Praya. De fietsen worden in een kleine bootje geladen, en wij erbij. Zo steken we met dat houten motorbootje de brede rivier over. We zijn inmiddels een heel stuk buiten Bangkok gekomen, en de skyline is prachtig! Aan de overkant is het een hele andere wereld. Bij Wat Bangkachao komen we aan wal, en van daaruit gaan we het groene hart van Bangkok in! En groen is hier ook echt groen! Er wonen hier veel boeren die mango's, bananen, pepers, en kokosnoten telen. Overal kokosnoten bomen, met watertjes er tussen. Het water staat hier ook hoog in de regentijd. Houten huisjes tussen door, en overal kleine geesteshuisjes en tempeltjes. Kindjes en mensen die groeten ons en zwaaien. We fietsen over smalle verhoogde betonpaadjes tussen al dat moois door. Je zou niet zeggen dat je hier zo dicht bij de hectische stad zit! Er fluiten veel vogels, en Ruben spot ergens een felblauwe vogel, een ijsvogeltje misschien?

Bij het Sri Nakhon Khuean Khan park houden we een stop bij een grote vijver vol super grote vissen. Tob heeft visvoer gekocht en we mogen de hongerige vissen voeren. De catfish en de karpers lusten er wel brood van, met hun grote happende monden met sprieten eraan zien ze er een beetje eng uit! Als we verder fietsen spotten we nog een watervaraan, hij zwemt lekker in een slootje. Via smalle paadjes, over boomwortels en hoge bruggetjes komen we weer bij de rivier. We worden ergens anders aan de overkant afgezet en dan is het nog een half uurtje fietsen door druk Bangkok. Tob loodst ons echter zonder probleem door de hectiek naar het clubhuis van Follow Me. Daar krijgen we een heerlijke barbecue aangeboden, en we nemen er een Singha biertje bij.

En als kers-op-de-taart genieten we hier van de fishspa. Je zit op een bankje met je voeten bungelend in een bak met 'docters-fish'. De visjes komen je voeten schoon knabbelen, ze eten de dode huidcellen van je voeten. Het kriebelt enorm, en het is echt heel grappig om te doen. Voor Danny is het een hele nieuwe ervaring. Voor ons is het de derde keer in zo'n fish-spa. Helemaal voldaan en schoon nemen we afscheid van het Follow Me-team. Tob heeft onderweg een heleboel foto's gemaakt en die kan je bekijken. Het is superdruk in de skytrain, ook al is het al zeven uur in de avond. We moeten staan in de trein, maar onze dag kan niet meer stuk!

 

Chatuchak weekend markt
Zaterdag 27 juli 2013. Bangkok, Thailand.

Vandaag reizen Iris en Danny alleen verder, ze gaan nog drie weken samen backpacken in het noorden en midden van Thailand. We staan bijtijds op en nemen nog een laatste gezamenlijk ontbijtje. Dan wordt het tijd om werkelijk afscheid te gaan nemen. We lopen naar de grote straat, in ons straatje komen weinig taxi's. Kus kus, zwaai, zwaai en daar gaan ze! Op weg naar hun eigen avontuur!

We nemen het er op ons gemak van deze ochtend. De rugzakken moeten nog voor de allerlaatste keer ingepakt worden, we nemen nog een laatste douche (die overigens geweldig goed is hier in het hostel, een flinke straal, lekker warm en super schoon). Dan nog even wat lezen en gamen in de airco van de kamer. Rond een uur of elf gaan we op pad. De bagage mogen we gratis stallen in een ruimte van Udee.

We lopen naar de Chatuchak weekend markt, een supergrote markt die elk weekend hier gehouden wordt. Hij ligt in het noorden van de stad tussen twee metro stations in. Vlak na het metrostation Saphan Khwai beginnen de kraampjes al. Het zijn enkel kraampjes met amuletten, dit zijn voornamelijk stenen of metalen kleine afbeeldingen van Boeddha of van een belangrijke monnik. Er zijn veel modellen en kleuren, de meest gedetailleerde zijn uiteraard het duurste. De echte kenners bestuderen de amuletten met een heel klein vergrootglaasje. Het is een grappig gezicht. De amuletten worden voornamelijk verkocht en gedragen door mensen met een 'gevaarlijk' beroep. Ook taxichauffeurs vallen hieronder, en dragen meestal één of meerdere amuletten. Ter afweer van het kwaad en voor 'good luck' en om een beroep te doen op de magische en geheime krachten van zo'n amulet. Rijen en rijen amuletten verkopers zitten op krukjes op de grond, op een kleedje of kistje voor zich de magische koopwaar uitgestald. Gelukkig zijn er ook veel kopers en zien we regelmatig amuletten van eigenaar wisselen.

Eerst maar eens een koffie stop, in een klein modern zaakje. We nemen een americano en een caffelatte met hazelnoot smaak. De koffie wordt geserveerd in mooie kopjes van Engels porselein met rode en rose rozen. Ruben neemt een stuk chocolade taart. De Chatuchak markt is nu niet ver meer. We zien ook steeds meer kraampjes met 'antiek' en met rommelmarkt spullen. Lianne ziet enkele potentiële aankopen, maar de prijs is echt veel te hoog. Want of die bordjes nu echt oud zijn of pas vorige week gefabriceerd, dat is moeilijk te ontdekken. Ook de prachtige metalen draken gaan niet mee naar Veldhoven helaas.

Maar niet getreurd, de Chatuchak is megagroot, en er is aanbod genoeg. Lekker rondneuzen en kijken wat er allemaal te koop is. Uiteindelijk kopen we hier twee table-runners (smalle tafellopers), een T-shirt voor Sander, een Thais schaaltje van groen-craquelé aardewerk, en een tafelbel. Het is inmiddels etenstijd en het lijkt ons leuk om een rondje streetfood te doen, er is immers aanbod genoeg. We kopen saté stokjes voor 25 eurocent per stuk, een aardappelspiraal die gegrild is, een banaan met chocolade erover, en een soort van seafood-poffertjes. Nog een drankje erbij en de lunch is compleet! Het is allemaal heerlijk, en we nemen nog een handgemaakte ijsco na. Het is een vierkant stuk ijs op een stokje voor dertig eurocent. Streetfood is lekker en goedkoop en avontuurlijk bovendien, een mooie afsluiter van onze allerlaatste Thaise lunch.

's Middags zitten we op het dakterras van Udee, en we hebben het helemaal voor ons alleen. De wifi werkt zelfs hier! Na een tijdje komt er een wel hele donkere lucht aandrijven. Het begint te regenen, een moessonbui, dan is het droog en nog een flinke bui. Het begint te donderen en uiteindelijk volgt er een megabui die uren aan zal houden. Het is inmiddels zo hard gaan regenen dat we op het dakterras ook niet meer veilig zijn onder de overkapping, dus gaan we toch maar naar binnen.

's Avonds gaan we eten bij het Sweetheart Steakhouse. Het is weer min of meer droog geworden. Het eten smaakt erg goed, het is wel vreemd dat je qua drinken hier alleen water of cola kan bestellen! Tegen half tien nemen we een taxi naar het vliegveld, we hebben geluk, er komt net iemand naar Udee, en we kunnen dezelfde taxi overnemen. Het is niet zo druk meer, en er zijn geen verkeersopstoppingen meer in Bangkok. De afstand van meer dan vijfendertig kilometer leggen we dan ook in minder dan een uur af. De kosten voor deze rit bedragen slechts 235 Bath. Amper duurder dan dat we met de skytrain en airportlink waren gegaan dus. Het comfort van de taxi is het kleine verschil zeker waard! Tegen elf uur kunnen we inchecken, en dat is handig want de zware bagage (twaalf, vijftien en zestien kilo) zien we pas weer in Amsterdam. Nu nog maar een paar uur wachten tot we in kunnen stappen.


Weer thuis
Zondag 28 juli 2013. Nederland.

Onze vlucht met Etihad vertrekt om vijf voor drie, midden in de nacht! Geen fijne tijd, maar goed je verandert er niet veel aan! De hele hal ligt vol mensen die op de stoelen een dutje proberen te doen. Het vliegtuig vertrekt op tijd, en niet veel later gaan wij ook een tukkie doen. Etihad verstrekt een lekker warm fleece dekentje en een kussentje.

De vlucht van Bangkok Suvarnabhumi airport naar Abu Dhabi international airport duurt vijf en een half uur, en tegen dat het buiten licht wordt krijgen we nog een pannenkoeken ontbijt geserveerd. Abu Dhabi is de hoofdstad van de Verenigde Arabische Emiraten, en de thuishaven van Etihad. Dit relatief jong bedrijf bestaat pas tien jaar en is de nationale luchtvaart maatschappij van de UAE (United Arab Emirates). Vlak voordat we het vliegtuig verlaten worden we er nog op attent gemaakt dat het momenteel ramadan is hier, en dat het verboden is te eten of te drinken op de luchthaven. Ook voor niet-moslims! Nou ja, of we dus willen of niet, ramadan is ramadan, en je bent hier ten slotte te gast! Wat jammer nou van die M&M's in mijn rugzak. Over vier uur vertrekt onze vlucht naar Amsterdam pas, gelukkig is er wel free wifi. De airconditioning in de wachtruimte staat best laag, veel mensen hebben het fleece-dekentje uit het vliegtuig meegenomen en zitten onder de deken te wachten. Buiten lopen de temperaturen snel op naar een graadje of veertig. Verschil moet er zijn, nietwaar?

Naar Amsterdam is het nog zes en een half uur vliegen, en rond de klok van half drie komen we daar aan. Inclusief tijdverschil heeft de reis zestien uur geduurd. We nemen de trein naar Eindhoven waar opa en oma ons op komen halen. De entree in ons dorp is ook veranderd, er is ondertussen een rotonde gereed gekomen. Welkom thuis na ruim een maand Zuidoost Azië. Veel gezien, veel beleefd maar vooral veel genoten!

Social Media

Houd jij van Verre reizen met kinderen? Volg, like en blijf op de hoogte!