Verre Reizen Met Kinderen

Over spoor, weg en water
Zaterdag 29 juli 2017. Sam Roy Yot, Thailand.

Op een dikke tachtig kilometer van Kanchanaburi ligt de Hellfire Pass. De route ernaartoe is prachtig, ook al miezert het. Het is er ruig, dik bebost en mysterieus door de lage bewolking die er hangt. De auto zetten we bij het moderne museum neer die een mooie introductie vormt voor hetgeen we zo gaan zien en het verhaal erachter. De regen houdt aan, het past wel bij het sfeertje hier. We beginnen aan de wandeling die naar de beruchte pas leidt. De Hellfire Pass was een onderdeel van de Birma-spoorlijn, waarbij dwars door een bergketen gehakt moest worden. Omdat het er zo bergachtig is, moest 99% van het werk met de hand worden gedaan. De krijgsgevangen maakten werkdagen van soms wel achttien uur per dag en werkten tot diep in de nacht door. ’s Nachts werden er fakkels doordrenkt met diesel en olielampen aangestoken. De schaduwen van de Japanners en de krijgsgevangen op de rotsen leken op het vuur van de hel. Vandaar ook de naam.

img 1520 (400x300)

Als we door de pas, met aan weerszijden de hoge steile bergwanden lopen, kunnen we amper bevatten dat dit uitgehakt is met de hand. Wat een hel moet dat geweest zijn inderdaad. Als je de cijfers hoort, slechts 300 van de 1000 overleefden deze werkzaamheden, maakt dit het nog heftiger. Britse en Australische vlaggetjes met foto’s plus onderschrift zijn op verschillende plekken in de wand geplaatst ter nagedachtenis aan hen die stierven of aan hen die wel overleefden.

De terugweg doen we deels gesplitst. Matthijs zet ons af bij het treinstation in Nam Tok. De kinderen stuiteren van opwinding. Zeker Jip, die dol is op treinen, staat strak van wat er komen gaat. Een half uurtje van te voren, gaat het loket open en kunnen we kaartjes kopen. De dikke seinwachter klingelt aan de bel, de conducteur blaast op zijn fluitje. We kunnen vertrekken.

img 1528 (400x300)

We treinen naar Ka Kithen en pakken zo het mooiste deel van de Thailand-Birma lijn. Inclusief de houten steile brug die straks langs een indrukwekkende bergwand gaat. De trein kent weinig luxe met roestige ventilatoren, houten bankjes en vergeelde teksten boven de treinstellen. Het past bij de rustige en soms schokkende tred van de trein. Het waarschuwende getoeter van de machinist bij bochten of wanneer er mensen bij het spoor lopen, wekt de indruk dat we terug in de tijd rijden. Het rustige tempo, de kinderen die half uit het raam hangen, de mooie omgeving waar we doorheen rijden, maakt dit tochtje absoluut tot een hoogtepunt.

img 1513 (400x300)

Matthijs en Maas wachten ons een uurtje later op op het afgesproken stationnetje. Met een treintabel in de hand kan het niet missen en de aanduiding in zowel Thai als ons schrift, helpen daar vast ook bij. Of toch niet? Onzeker over de juiste plek, spring ik met de kinderen uit de trein als de trein stopt op een plek die volgens de tabel klopt met de verwachte aankomsttijd. Ik sleur ze aan mijn hand mee door het hoge gras langs een paar treinstellen, totdat ik het mini-perron bereik waar de conducteur net weer op zijn fluitje wil blazen. Het is zo in de middel of nowhere en geen bekende gezichten te zien, dat ik de conducteur vraag de trein nog niet in actie te fluiten. En inderdaad we zijn er nog niet. ‘Next station’. Net zo snel als we eruit gingen, gaan we er via een andere wagon weer in. Even dat adrenaline peil opkrikken.

We worden heel vrolijk opgewacht door de oudste en de jongste van de groep. Met rode konen vertellen de kinderen hoe het was. Ze willen deze vakantie sowieso nog een keer met de trein. Misschien kunnen we dat later in de vakantie wel inplannen als we geen busje meer hebben. Taxi wordt dan mogelijk trein. Wordt vervolgd dan ook.

img 1508 (225x300)img 1503 (400x300)

 

Donderdag
Reizen met vier koters en de tomeloze energie daaromheen, is bij tijd en wijle topsport. En dan waarschijnlijk mede, omdat er een baby bij dit kwartet zit. Ook al is Maas de meest goedlachse en tevreden baby die we ons kunnen wensen. Hij is wel gewoon een baby van zes maanden die nog vier flessen melk per dag wil evenals zijn fruithapje, broodkorst en groenteprut op gezette tijden. Daarnaast is Maas iemand die denkt dat ie al een paar maanden ouder is en graag op ontdekkingstocht tijgert. Hij heeft daarbij een voorliefde, naast de Thaise dames, voor stopcontacten, papier, plantjes, boeken en andere dingen die in de mond te stoppen zijn. Geen seconde kunnen we deze sloper uit het oog verliezen. Al met al best een extra dimensie aan het rondreizen door de tropen. De plotselinge luierwissels nog buiten beschouwing gelaten.

img 1558 (226x300)img 1562 (225x300)

Edoch, hoe bijzonder is het dat we deze trip met zijn zessen en dan vooral ook met onze kleine bink nu kunnen maken. En zoals we het inschatten heeft iedereen het erg naar zijn/haar zin. Maas zal het later van verhalen moeten hebben. Maar in het hier en nu geniet hij zichtbaar en 99% van de tijd.

img 1586 (400x300)

Vandaag geen Erawan watervallen en National Park. Rust in de groep. En na de flinke buien van gisteren schatten we in dat het wel glibberig zal zijn op de wandelroute omhoog die we in gedachten hadden. We bombarderen het daarom tot zwem- en relaxochtend. ‘Helaas’ is Maas al na een uurtje uitgeslapen en gaan we daarom met zes te water. Dus het wordt een zwemochtend.

img 0939 (400x300)

Na de lunch aan de rivier besluiten we het ‘relax’-deel van de ochtend in te zetten bij de pedicure. We zoeken in Kanchanaburi naar een geschikte. Even rondkijken en we vinden iets wat ons lijkt. Komen een prijs overheen en laten Jip het spits afbijten. Ook hij wil gekleurde nagels en dan laten we gelijk zijn (kalk)nagels wat bijwerken. Dat laatste hoeft van hem dan weer niet, maar het hoort erbij, zeggen we hem.

Als Jip na een dik half uur klaar is, en erg trots op zijn lichtblauwe tenen, gaat Matthijs alvast op zoek naar een boot. Kunnen we straks een uurtje varen op de Kwai mét verzorgde nagels. Niks fijner dan dat toch? Maar de tijd verstrijkt. De dame van de salon neemt haar vak heel erg serieus en de tenen van ons dus ook. Engels spreekt ze amper. ‘Boy or girl?’, vraagt ze wel, toen Jip aangaf ook een kleurtje op zijn nagels te willen. ‘Hij wil toch blauw’, zegt Suze verbaasd. Wat nu hokjesdenken. Gelukkig nog niet door onze vierjarige en zijn zus. Gelukkig betekent haar vraag ook, dat ze net niet zag dat Jip, wegens erg hoge nood, de plantjes die keurig tegen de glazen pui van haar salon staan opgepot, flink bewaterd heeft. We konden het niet voorkomen....

img 1589 (400x300)

We krijgen houten billen van het zitten en zijn de Thaise tv die hard aan staat beu. Maar om het nu af te blazen is ook zo sneu. Jip voelt zich al thuis en ligt op zijn buik met autootjes te spelen. Kwestie van overgeven aan de situatie en even slikken dat een boottocht er niet meer inzit. Na ruim 3,5 uur (!) verlaten we haar beauty salon. Aan de overkant van de weg heeft Matthijs al de hele middag zijn bivak bij een klein restaurant. We kunnen aanschuiven. En uiteindelijk in het donker rijden we met ons gezelschap terug naar het resort. Maas nog even wat wortel gevolgd door pap en dan gaan wij maar vanaf de zijkant van de rivier genieten. Met een heerlijk ijsje dat wel.

 

Vrijdag
De dag begint lekker vroeg. Mooi de tijd om dus nog even de route van vandaag door te nemen. We zakken een stukje zuidwaarts, om zo’n veertig kilometer onder Hua Hin uit te komen. Het eerste stuk doen we binnendoor besluiten we. Wel wat om, maar én een stuk mooier én zo vermijden we het verstedelijkte gebied rondom Bangkok. Eerst maar eens een bodem leggen, boeltje bij elkaar grijpen uit de twee hotelkamers die we hebben en dan draaien we ruim voor tienen de weg op.

De koning is jarig vandaag. Maha Vajiralongkorn, oftewel koning Rama X is 65 jaar geworden. Hij is de veelbesproken zoon van de in oktober overleden koning Bhumibol. Er is toen een jaar van nationale rouw afgekondigd die pas in oktober van dit jaar afloopt. De afgelopen weken hebben we in elk dorpje, overheidsgebouw, nationaal park of waar dan ook beeltenissen en mooie foto’s van de oude koning, wit-zwarte strikken langs de weg of zwarte speldjes op de shirts van de Thai zelf gezien. Hij was een zeer gelief en zelfs vereerd man. Koning van en voor het volk, dat is duidelijk.
Vandaag is dus zijn zoon jarig en ook al is hij nog niet omarmd door het volk, het is wel feest. We zijn tijdens onze rit in de dorpjes die we passeren en bij de tempels dat er voorbereidingen worden getroffen voor feestelijkheden. En gezien de drukte op de weg zijn veel mensen vrij vandaag.

img 1593 (225x300)img 1604 (225x300)

Bij een klein tempelcomplex verscholen tussen de bomen zijn mensen druk in de weer. We parkeren de auto en besluiten Maas hier de fles te geven. Er wordt gekookt, speakers opgehangen, stoelen klaargezet, monniken planten bloemen en vegen de blaadjes bijeen. Onze watervoorraad is op en met 33 graden op de teller is dat niet handig. We vragen om wat water en krijgen allemaal een bekertje. Ze willen er absoluut geen geld voor. Met nieuwe energie klimmen we de drakentrap op die ons naar een magische gouden Boeddha brengt. Deze triggerde ons ook al vanaf de weg en het blijkt een hele goede keuze te zijn geweest om dit complex op te zoeken. Het uitzicht over de bergen is gaaf. We voelen even de zon niet meer branden op onze voeten. Die toevallige ‘ontdekkingen’, schoonheid van het land, en de ontmoetingen tussendoor maken het reizen hier toch echt een voorrecht en nooit saai.

img 1606 (400x300)img 1623 (225x300)

Saai is wel het stuk snelweg die we rijden tot voorbij Hua Hin. Driebaansweg dus het schiet op zou je zeggen. Maar het is druk en er zijn mooiere gebieden om doorheen te rijden. We zijn blij als we om vijf uur het Oriental Pearl Beach Resort aantikken. Het is een kleinschalig park met vrijstaande huisjes welke doorweven is met zwemwater en speelse bruggetjes. De kinderen zijn door het dolle vanwege dit kanaalgebeuren en duiken gelijk het water in. Het is niet het meest idyllische Thaise plekje, maar wel lekker dat we hier nu een eigen huisje met twee slaapkamers, woonkamer plus keuken en groot dakterras hebben. En het Sam Roi Rot NP is op steenworp afstand, net als de zee. Dus dat gaat helemaal goed komen hier.

 

Zaterdag
Het is erg kleurig bij het ontbijt. En niet, omdat ze zoveel soorten jam op brood hebben. Een deel van de Thaise gasten verschijnt in pyjama aan het ontbijt. Snoopy, Hello Kitty, Spiderman; ponnetjes en andersoortige klassieke outfits zitten er her en der in de rommelige ontbijtruimte. Morgen voelen ook wij ons vast nog meer thuis... Wordt vervolgd.

De kinderen duiken na deze cultuurschok het water in. Matthijs tuft naar de twintig kilometer verderop gelegen Tesco Lotus voor wat westerse producten. Wanneer hij na 1,5 uur weer terug is, pakken we onze boeltjes bij elkaar. Op naar de Phraya Nakhon Cave, een tempelgrot aan een naar het schijnt paradijselijk strand. Dat klinkt goed.

Eerst op zoek naar wat warme rijst en toebehoren. We zitten heel dicht bij het Sam Roi Yot National Park en het is zodra we de poort uitrijden gelijk mooi. Het is het oudste marinepark van Thailand. Het bestaat uit een lange geïsoleerde kuststrook met mooie stranden en moerassen. Aan de landkant valt vooral een langgerekte kalkstenen bergketen op die oprijst tot zo’n 605 meter hoogte. Aan deze berg heeft het park zijn naam te danken; ‘berg met de driehonderd toppen’. Vanaf de stranden kun je naar grotten en prachtige uitzichtpunten klimmen. Het binnenland van het Khao Sam Roi Yot National Park bestaat uit heel veel modderpoelen en zoetwatermoerassen; het grootste zoetwater natuurgebied van Thailand. En het thuis van heel veel soorten vogels, kleine zoogdieren en andere beesten. Wij rijden tussen de zoetwaterbekkens door. Er worden vooral krabben en garnalen gekweekt.

img 1643 (400x300)

Bij een simpel ogend visrestaurant tussen de kweekwaters in, gaan we voor drie porties fried rice. Het is er erg druk. Weekend, veel gezinnen zijn op pad en het is waarschijnlijk visdag. Als we na een klein uurtje nog niks hebben en ze aangeven dat het nog wel even duurt, besluiten we alleen de cola en het water af te rekenen. Maar op een lege maag kun je niet klimmen. We kopen chips, koekjes en bananen in een klein winkeltje bij de ingang van het Nationale Park. Net voor de poort leggen we een bodem en denken dat we het hier wel even op redden.

Bij het strand aangekomen... zijn er zo een vijftal restaurantjes. Tja, slecht voorziene blik. We wandelen voorbij de eettentjes het strand op. Hier charteren we een boot die ons naar een vijf minuten verderop gelegen strand brengt. Het is heerlijk op het water en het ritje duurt veel te kort. We moeten het laatste stukje door het water waden om op het strand te komen. Het ligt er prachtig en de dichtbegroeide bossen tegen de hoge kalkstenen rotsen kijken ons uitdagend aan.

En vanaf dit verlaten strand begint de pittige klim naar de grot. Het valt tegen, zweet druppelt van onze voorhoofden, onze hartslag stijgt flink, we krijgen het niet cadeau. Maar na een dik half uur alleen maar klimmen en hoogtemeters maken, staan we aan de bovenkant van de grot. Een steile afdaling volgt en dan komen we bij het bekendste plekje van dit park. Wow! Jip vraagt zich gelijk af ‘hebben de Japanners dit uitgehakt?’ Iets met een klok en een klepel.

De grot is pas 200 jaar geleden ontdekt. Per toeval, een Thai wilde schuilen voor de regen en stuitte op de grot. Deze is dan ook naar hem vernoemd: Chao Praya Nakhon Sri Thammarat. De blikvanger van de grot is het tempeltje in het midden van de ruimte. Het is gebouwd aan het eind van de 19e eeuw toen de toenmalige koning op bezoek kwam. Op een bepaald moment schijnt hier de zon precies door het gat in de metershoge wanden heen op dit tempeltje. Maar los van dat blijft het een magisch plekje.

We wandelen terug naar het strand. Tijd voor suikerwater en zand! En daarna met de boot terug en verder in de bus... om voor het avondeten bij ondergaande zon nog even op een mooi strandje neer te ploffen.

img 1644 (400x300)

Doorzoek de website