Zeesafari
Vrijdag 15 juli 2016. Swakopmund, Namibië.

We zijn binnen slapen niet meer gewoon en worden vroeg wakker. Het uitgebreid ontbijt is een leuke afwisseling vergeleken met het voorverpakte brood dat we regelmatig eten. Dat blijft lang zacht en is de perfecte oplossing vermits we niet dagelijks vers brood kunnen kopen, maar even lekker is het niet. De mist waarvoor we gewaarschuwd waren hangt boven de stad. Het is fris en vochtig. In Walvis Bay aangekomen is de mist opgetrokken, al is het nog bewolkt. We gaan met een tiental anderen aan boord van een catamaran van maatschappij Mola Mola, en gaan de zee op.

Niet ver van de kust springt een zeehond op de boot. Volledig wild is die niet meer, hij is het duidelijk gewoon om vis te krijgen. Af en toe worden ook pelikanen gelokt met vis. Ze varen een eindje mee op het dak van de boot voor ze hun grote vleugels spreiden en verder vliegen. We varen langs een oester farm. Van nature zijn hier geen oesters maar met een handje hulp van de mens bleken de wateren hier perfect voor oesterteelt.

SwakopzeehondaanboordSwakoppelikaan

Aan het einde van de baai leeft een zeehondenkolonie. De boot wordt stilgelegd en we zien overal rondom ons zeehonden, zowel in het water als op het strand. Ze maken een oorverdovend lawaai. Ondertussen worden de flessen Namibische sherry open gemaakt en het is nog niet eens tien uur 's ochtends. De stuurman krijgt bericht dat er walvissen zijn gespot, en een vijftal boten (we zijn hier niet alleen) gaat die richting uit. En ja hoor, niet veel later zien we twee walvissen een aantal keer boven komen. Indrukwekkend, ze zijn echt vlakbij. We zetten onze tocht verder en dan is er even verwarring. Hebben we nu zeehonden of dolfijnen gezien? Maar we hebben ons niet vergist, de boot wordt omringd door tientallen dolfijnen. De speelse dieren springen uit het water, soms met vieren samen. We zien ook één witte dolfijn.

Voor we koers zetten richting kust is het tijd voor een lichte lunch. Borden met oesters en andere hapjes worden op tafel gezet, en nu is het tijd voor schuimwijn à volonté. Emiel en Louis vinden binnen eten maar tijdverspilling, die gaan liever snel weer op het dek zitten. Dat doen we, en nu kunnen we rustig de pelikanen die aan boord komen bekijken, op een bepaald moment zijn er wel zes. Ondertussen is de zon ook van de partij. De ochtend op zee was voor ons allemaal een succes, en een welkome afwisseling met het rijden van de afgelopen dagen.

We rijden opnieuw naar Swakopmund, eten de restjes pizza van gisteren op en trekken nog eens naar de Spar om uitgebreid boodschappen te doen. Zo zijn we voorbereid op het tweede deel van onze reis. We sluiten onze dagen in Swakop (zo genoemd door de locals) af met een bezoekje aan het centrum. De stad werd gesticht door de Duitsers en we lopen langs een aantal gebouwen uit die koloniale periode. Het boeit de jongens niet echt.

Terug bij de wagen geven we de parkeerwachter, die overal hun diensten aanbieden, een fooi en dan keren we terug naar Sea Breeze Guesthouse waar Francois al staat te wachten op Louis en Emiel. We gaan opnieuw uit eten, in 'At the dome' waar Dirk en ik de plaatselijke voorgerechten niet kunnen weerstaan (oesters en wild carpaccio) en Louis en Emiel de grootste hamburger ooit voorgeschoteld krijgen. We keren dus opnieuw huiswaarts met een doggy bag.

 

Cape Cross
Zaterdag 16 juli 2016. Uis, Namibië.

Met opgeladen batterijen, zowel letterlijk als figuurlijk, vertrekken we alweer in noordelijke richting. We volgen de kustlijn en net als gisteren hangt er een dikke mist. De kust ten noorden van Swakopmund wordt Skeleton Coast genoemd, door de dichte mist en de sterke stroming leed meer dan één boot schipbreuk op de ondiepe zandbanken. We houden halt bij het wrak van de Zeila, dat op enkele meters van het strand ligt.

UisschipopstrandUiscapecross

De volgende stop is Cape Cross, waar de Portugese kapitein Diego Cão aan land ging in 1485. Geen enkele Europeaan geraakte voor hem zuidelijker langs de kust van Afrika. Waar hij aan land ging zette hij een stenen kruis, waarvan het replica nog steeds te zien is. Maar we zijn vooral gekomen voor het zeehondenreservaat. Duizenden zeehonden liggen op het strand en in het water. De geur is doordringend en de dieren maken een oorverdovende lawaai. Het ene moment lijkt het blaffen en dan weer blaten of lachen. Vooral het feit dat ze boeren lijken te laten vinden Emiel en Louis geweldig (hun woorden: eindelijk iemand die ons begrijpt...).

Uiszeehonden

We rijden een stukje terug om ter hoogte van Henties Bay het binnenland in te draaien. Hier geen mooie landschappen, enkel een saaie, rechte weg door niets dan woestijn. We zien enkel struisvogels. Positief is dat bij elke kilometer landinwaarts de temperatuur een graad omhoog gaat en de wolken verdwijnen. We hebben honger, en er wordt door iedereen afgeteld naar een geschikte picknickplaats. Er is geen plekje schaduw en wanneer we eindelijk een picknicktafel vinden staan er al twee overland trucks. We zijn dus niet alleen.

Niet veel later bereiken we Uis, waar we de nacht doorbrengen op de camping van de White Lady B&B. Uis was vroeger een mijnstadje, maar sinds het sluiten van die mijn trokken veel inwoners weg. Nu is het vooral een stopover voor mensen zoals wij. De camping ligt in de schaduw van de Brandberg Mountain, de hoogste berg van Namibië. De kampeerplekken liggen rond een zwembad waarvan het water beduidend warmer is dan voordien en voor het eerst zijn de jongens gedurende enkele uren niet uit het water te krijgen. Voor het eerst logeren we in een dorpscentrum. Het is zaterdagavond en er is een feestje aan de gang. We horen de muziek maar net als wij gaan de dorpsbewoners vroeg slapen.

 

Nachtelijk bezoek
Zondag 17 juli 2016. Twyfelfontein, Namibië.

Geen absolute stilte deze ochtend, we worden wakker met typische dorpsgeluiden. Een auto vertrekt, een haan kraait, een hond blaft. De jongens worden opnieuw aangetrokken door het zwembad en doen een ochtendzwem, nog voor het ontbijt. We zijn nu in Damaraland, hier wonen bijna geen blanke 'boeren' meer, wel een overwegend zwarte bevolking. Hier en daar komen we voorbij dorpjes van de Damara's, die dikwijls nog in authentieke klederdracht rondlopen.

TwyfelFolifantbord

Het landschap is rotsachtig. Een bordje langs de weg toont dat we in olifantenland aangekomen zijn. Ver moeten we vandaag niet en dus zijn we vroeg op onze kampeerplek 'Aba Huab' in Twyfelfontein. Die wordt uitgebaat door de lokale Damara gemeenschap. Het is hier echt warm dus we kiezen een schaduwrijke plaats uit aan de droge rivierbedding. Niet aan de 'exclusive' zijde van de camping want we krijgen te horen dat daar alle waterkraantjes verwoest zijn door olifanten die elke nacht de camping bezoeken, op zoek naar water. We zijn benieuwd!

Na de lunch bezoeken we de Unesco werelderfgoed site van Twyfelfontein. Een toer van zo'n drie kwartier met Damaragids is verplicht, en we gaan op stap met Arnold die er stevig de pas in zet. Er zijn rotstekeningen te zien van zo'n zesduizend jaar oud, getekend door bosjesmannen. We zien vooral dieren, leeuwen, antilopen, een leeuw, maar ook zeedieren als pinguïns en zeehonden, wat er op wijst dat de toenmalige bewoners nomaden waren. Het is zo'n 35 graden, maar Arnold vertelt dat de temperatuur gedurende de zomer nog eens tien graden hoger kan liggen.

TwyfelFwandelingmetgidsTwyfelFrotstekeningen

Hij is verbaasd dat we nog geen olifanten zagen, en wil ons graag naar de plek brengen waar hij er eerder vandaag vier zag lopen. Hij rijdt met ons mee en zegt op een bepaald moment dat we van de weg moeten, een zanderig terrein met lage bomen in. We gaan in 4x4 modus en volgen de voetsporen en uitwerpselen. Zonder succes, maar onze gids weet nog een plaats waar er vandaag al olifanten zijn gezien. We rijden een droge rivierbedding in, vol met dikke keien. Dit is leuk, we hotsen en botsen over de rotsen maar wanneer we na een half uur sporen volgen nog geen olifanten hebben gezien vinden we het tijd om terug te rijden. We willen hier liever niet stranden in het donker. Droogstaande rivierbeddingen worden door olifanten gezien als hun terrein en de dieren kunnen wel eens agressief reageren naar indringers toe.

We zetten Arnold af in zijn dorp en rijden naar Aba Huab. Het blijft lekker warm, en de mannen stoken nog eens een kampvuur, met hout dat we hier op de camping hebben gekocht (alweer een manier om de plaatselijke bevolking te steunen). Ik krijg te horen van Emiel dat vuur stoken de taak van de mannen is, terwijl die van de vrouwen is om er naar te kijken. Tja, daar zit ik dan mooi alleen. Er vliegen vleermuizen rondom ons, en Emiel slaagt er in om eentje een aantal keer door zijn benen te laten vliegen. Louis gaat alweer vroeg naar bed, terwijl wij met Emiel enkele brainteasers oplossen. Er staat een groep overlanders op de plek naast ons, we vreesden voor lawaai maar niets is minder waar, ze gaan vroeger naar bed dan wij.

TwyfelFkampvuurTwyfelFnachtbezoek

Net wanneer Emiel gaat slapen horen we getrompetter. Snel lopen we in de richting van het geluid. En ja hoor, bij een waterkraantje staan vier olifanten te drinken. Er zijn twee concurrerende jonge mannetjes bij, de ene verhinderde de andere van te drinken, waarop deze laatste met een brul reageerde. Het is amper te geloven, we staan op enkele meters in het donker van vier gigantische dieren. De olifanten drinken minutenlang, daarna kunnen ze twee dagen verder. Wanneer ze voldaan zijn lopen ze over de camping, vlak langs onze terreinwagen met de tenten waarin Louis nog ligt te slapen, naar de uitgedroogde rivier. Gelukkig spenderen ze geen aandacht aan onze auto. Eens in onze tenten horen we ze nog urenlang vlakbij trompetteren.

Social Media

Houd jij van Verre reizen met kinderen? Volg, like en blijf op de hoogte!