Fazenda Sao Francisco
Maandag 6 juli 2015. Pantanal, Brazilië.

We logeren zoals gezegd op een operationele ranch. Het domein is 15000 hectare groot, en er wordt vee geteeld en rijst verbouwd. Op het grasplein voor ons huisje lopen emoes, een tapir en in de lucht stikt het van de ara's en parkieten. We zijn de enige niet-Brazilianen die hier logeren en mixen met de andere gasten is door de taalbarrière vrijwel onmogelijk. Wel raken we aan de praat met een oudere dame wiens vader van Drogenbos naar Brazilië verhuisde, en met een Braziliaans trouwde. Zijzelf is dus half Belgisch en half Braziliaans. Ze zegt dat ze zich nog de Vlaamse liedjes herinnert die haar vader voor haar zong maar wanneer ze er eentje zingt verstaan we eigenlijk niets. Terwijl wij zeggen dat we het herkennen trekken de jongens gekke gezichten, dus tot daar onze poging om beleefd te zijn.

We maken kennis met de ontbijt Brazilian style. Veel fruit, amper brood en een groot assortiment zoetigheden. Geen spek voor onze bek, de jongens houden het deze dagen bij cornflakes. Na het ontbijt stappen we opnieuw in de safarijeep, voor een tochtje bij daglicht deze keer. Alle activiteiten worden begeleid in het Portugees, en wij hebben een gids die alles voor ons vertaalt in het Engels. Beetje overbodig zo blijkt, want ik versta best wel veel van de Portugese uitleg. We zien deze keer geen jaguar, die zijn 's nachts actiever, maar wel de ondertussen bekende capibara's, ooievaars en andere vogels, kaaimannen en herten. Extraatjes vandaag zijn een uilenfamilie, tamandua's en een vos. We maken ook een korte wandeling door de jungle, en die levert Emiel en mij een hoop muggenbeten op, ondanks lange mouwen en lange broeken. Het regent dan wel niet meer, superwarm is het niet. We laten ons vertellen dat dit een paar dagen per maand het geval is, wanneer de wind vanuit Patagonië komt. Zolang het niet regent maakt het voor dieren spotten niet veel uit, dus we klagen niet.

pantanaluilenpantanalwolf

Emiel en Louis hebben er in elk geval niet veel last van, en nemen na de middag een duik in het zwembad. Dirk en ik zijn al blij dat we in het zonnetje kunnen toekijken. Tijdens de spelletjes tafelvoetbal na het zwemmen krijgen we gezelschap van een groene papegaai (met wie die mee doet is niet duidelijk bij geel tegen rood). We nemen ook een kijkje in het so called museum, waar vooral een heleboel schedels te bekijken zijn. Die van de jaguar en een gigantische krokodil uit de Amazone maken indruk.

Daarna is het tijd voor een boot trip. We vinden het zicht op de rivier de Miranda echt mooi, en al is dat al een hele tijd geleden, we vinden niet dat er veel verschil is met hoe het Amazonegebied in Peru er uit zag vanop het water. Toch wil ook Emiel ooit daar een keer heen, en dat kunnen we enkel toejuichen. Of het met zijn ouders zal zijn weet hij niet, maar zijn broer mag in elk geval mee.

We onderbreken het varen om te vissen, en het duurt niet lang of Emiel haalt een piranha boven. Stoer gaan de jongens met de vis (het visje) op de foto. Echt ecologisch is het niet, de vissen worden nadien gebruikt om te laten zien hoe haviken en reigers jagen op eten, en om kaaimannen te lokken.
We gaan terug naar de ranch, en enkele spelletjes UNO en memory later is het tijd voor een Pantanal style bbq, met kampvuur en al. Er wordt gedanst en gezongen door de cowboys die werken op de ranch (maar niet door ons), zo is Emiel helemaal klaar voor chirokamp binnen enkele weken. Honderden muggenbeten later keren we in het donker met een al slapende Louis terug naar ons huisje.

pantanalpiranhapantanalkaaiman

 

Onderweg
Woensdag 8 juli 2015. Foz do Iguacu, Brazilië.

Op onze laatste ochtend in de Pantanal maken we een wandeling door de jungle, via een aangelegd houten pad. In het natte seizoen staat dit hele stuk, soms inclusief wandelpad onder water, maar nu lopen we zeker een meter boven het waterniveau. We zien opnieuw een vers jaguar spoor en wanneer we aan het einde van de wandeling zijn begint het te druppelen. Even later giet het en zo eindigen we onze Pantanal trip zoals hij begonnen is, met regen. Er rest ons enkel nog een lunch hier, en het is druk gezien de fazenda overdag als stopplaats dient voor Pantanal dagtours. Het is vechten voor een plaatsje en voor we het weten zitten we aan tafel met de Braziliaanse 'ouden van dagen' zoals ze worden genoemd door de jongens.

pantanalhoutenvoetpadpantanalbusinladen

Om één uur ‘s middags worden we opgehaald door voor de rit naar de luchthaven van Campo Grande. Deze keer niet in een ruime 4WD zoals bij de heenrit maar in een mini autootje. We rijden nog een heel stuk op niet verharde weg en slalommen door de putten in het wegdek. De rit duurt drie uur en al heel snel gaat de radio loeihard. We vragen maar niet om het volume wat lager te zetten want we denken dat de chauffeur de muziek nodig heeft om wakker te blijven.

Aangekomen op de luchthaven krijg ik bij check-in voor de allereerste keer in onze vlieghistorie de vraag om een telefoonnummer achter te laten voor het geval er een noodgeval zou zijn. Veel moed geeft dat niet, en we verzinnen iets voor Emiel die maar blijft vragen waarom we zo lachen. Hopelijk krijgt opa geen telefoontje vanuit Brazilië de komende uren!

We eten een vroeg diner (eindelijk hamburger met frietjes voor Emiel en Louis), kopen Pantanal T-shirts voor de jongens en dan is het al tijd om te boarden. We vetrekken prima op tijd voor een heel lange reis (maar daar zijn we ons op dat moment nog niet bewust van!). Deze vlucht is een soort omnibus, hij is vertrokken van een andere luchthaven, maakt een korte stop in Campo Grande (waar een deel van de passagiers gewoon blijft zitten en wij opstappen), vliegt verder naar Maringa, waar wij blijven zitten, en dan naar Curitiba, waar wij afstappen. Hetzelfde vliegtuig gaat dan nog zonder ons door naar Porto Alegre. Zo krijgen we twee keer opstijgen en twee landingen voor de prijs van één.

Vanuit Curitiba nemen we een vlucht naar Foz do Iguaçu. We vliegen in een driehoek, maar vonden geen rechtstreekse vlucht van de Pantanal naar Foz do Iguaçu. Tijdens de tussenstop zetten de jongens de kleine luchthaven wat op stelten met verstoppertje spelen en loopwedstrijden, maar zo blijven wij en de andere passagiers mooi wakker. Plan was om rond elf uur ‘s avonds op te stijgen (al een stuk later dan de vlucht die ik initieel had geboekt en we hebben geen idee waarom de uren gewijzigd zijn) maar het wordt uiteindelijk na middernacht voor we opnieuw in de lucht hangen.

Wanneer we wakker worden is de piloot aan een ellenlange uitleg bezig. We verstaan er niets van, meestal is de info op het vliegtuig ook in Engels maar deze keer niet. We voelen dat we aan het dalen zijn en veronderstellen dat de landing naar Foz do Iguaçu is ingezet. Maar niets is minder waar. Wanneer ik kijk hoe laat het is blijkt het al drie uur 's ochtends, terwijl we iets na enen hadden moeten landen en even later komt een vriendelijke stewardess ons dan toch uitleg geven. Wegens het slechte weer is de luchthaven in Foz do Iguaçu gesloten en daarom zijn we onderweg naar Sao Paulo. We vloeken - in stilte, om de jongens niet ongerust te maken.

In Sao Paulo aangekomen, het is intussen al halfvier, proberen we meer te weten te komen. Er wordt pas een nieuwe poging gedaan om Foz do Iguaçu te bereiken om halftien 's morgens. We kunnen naar een hotel in de stad, op een uur van de luchthaven, maar moeten opnieuw in de luchthaven zijn om acht uur. Een snelle rekensom leert dat we in het beste geval amper drie uur zouden kunnen slapen, dus we besluiten om de rest van de nacht in de luchthaven door te brengen. Nu geven we ook de jongens wat uitleg (het is het eerste jaar dat we merken dat ook Louis wat achtergrond nodig heeft en niet zomaar meer overal mee naartoe wil worden gesleept) en verrassend genoeg vinden ze het wel oké. Hoewel ze elkaar net als andere broers af en toe in de haren vliegen geven ze in dergelijke situaties meestal geen kik.

onderwegemielbankjeonderweglouiswachten

Eerst moeten we onze bagage ophalen en opnieuw inchecken. In de ellenlange rij geraken we aan de praat met een Braziliaans koppel dat zeer goed Engels spreekt en de rest van de trip waar nodig onze tolk zal zijn. We krijgen een voucher voor luchthavenontbijt, die geldt in hetzelfde restaurant voor het hele vliegtuig, dus ook daar is het aanschuiven. We besluiten dat de kinderen en ik gaan proberen te slapen, terwijl Dirk 'waakt'. Zo redden we toch nog enkele uren slaap, al liggen de luchthavenzeteltjes niet bijzonder comfortabel.

Rond halfnegen gaan we naar de gate en niet veel later zitten we in een bus die ons naar het vliegtuig rijdt. Alleen, eens daar blijven de deuren van de bus gesloten en na een tiental minuten rijden we opnieuw terug. Sightseeing op de luchthaven, het is eens wat anders. Aan de gate moeten we opnieuw de bus uit en onze tijdelijke tolken leggen uit dat de luchthaven van Foz opnieuw gesloten is en het vliegtuig zolang dat duurt niet vertrekt.

We zijn echt supermoe, net als onze medereizigers. Rondom ons zitten, staan en liggen vermoeide mensen, velen net als wij met kinderen. Wanneer we een volgende poging doen en eindelijk op het vliegtuig zitten blijkt tot overmaat van ramp passagier Maria huppeldepup (zo blijft ze nog dagen in de herinnering van de jongens) te ontbreken en kunnen we niet vertrekken voor haar bagage van het vliegtuig is gehaald. Dat duurt zolang dat de vlucht zijn vertrekslot kwijt is gespeeld en dus is het alweer wachten, tot we anderhalf uur te laat dan toch kunnen vertrekken. We maken dankbaar gebruik van de tijd in de lucht om wat te slapen, en iets na de middag, met twaalf uur vertraging zijn we eindelijk in Foz do Iguaçu!

Vandaag was ingepland als rustdag om de drukke Pantanal trip en de geplande late aankomst in Foz te verwerken maar van rusten is er op deze manier niet veel in huis gekomen. We hebben een hotel geboekt niet ver van de luchthaven (ah ja, handig wanneer we in het midden van de nacht zouden toekomen) en vlakbij de Braziliaanse zijde van de beroemde watervallen. Met een taxi zijn we op vijf minuten in het San Juan Eco Hotel. In de driepersoonskamer die we hebben geboekt wordt deze keer geen extra bed geplaatst, dus dat wordt puzzelen vanavond.

We zijn uitgehongerd en eten een late lunch in het hotel. Het energiepeil van de jongens blijft verrassend hoog, en ze overhalen ons om een bezoekje te brengen aan het vogelpark niet ver bij het hotel vandaan. We nemen een taxi, voor minder dan een derde van de prijs dan het vervoer dat het hotel ons bood, en zijn op enkele minuten aan het park. Het is één van de grootste in zijn soort ter wereld, maar tipt niet aan de real stuff die we net hebben gezien in de Pantanal. Tenminste, volgens ons niet, voor Louis en Emiel maakt het allemaal niet veel uit. Integendeel, ze vinden het fantastisch om zo dicht bij de toekans te kunnen komen (Louis had bijna een oor minder) en wanneer Emiel een veer van een blauwe ara vindt is het feest compleet.

FozdoIgacuoorkwijtFozdoIgacuvogel

Partners

Social Media

Houd jij van Verre reizen met kinderen? Volg, like en blijf op de hoogte!