Er kan nog meer bij!
Vrijdag 7 februari 2014. Siem Reap, Cambodja.

Die woensdagochtend relaxen we bij het zwembad en lunchen we bij het hotel. Daarna gaan we richting onze tuktuk. No mr. Jack, busy today. De jongen van de receptie lijkt het maar vreemd te vinden, dat Rens teleurgesteld is omdat Jack er niet is. Ik leg hem uit dat de match tussen Jack en Rens voor ons al de helft is voor een geslaagde middag. Toch verandert er niets, en onder het mom soms-is-het-niet-anders gaan we op pad richting Ta Sohm. Daar klimmen en klauteren we opnieuw over de tempel, het verbaast ons dat je bijna overal in en op mag. Op die manier gaat dit cultureel erfgoed toch verloren. Rens gaat op zoek naar de tovenaarskamer. Die deur blijkt op slot. Toch vinden we wel wat toversnoepjes... hmm, misschien woont hij dan bij de volgende tempel.

Preah Khan is een langgerekte tempel met imposante zuilen bij de oost poort. Rens en Ilse tellen deze, en komen beide op een ander aantal. De oost poort zelf wordt onderhouden, of dat Ilse afleidde is niet duidelijk. Wel duidelijk is dat ze ineens op de grond lag, ai, verrekte zere knie. Gelukkig bood de tempel voldoende afleiding, met een grote olifantenslurfwortel als hoogtepunt. De stok van Rens werd zelfs opgeslurpt! Toch werden we een beetje ongeduldig, Angkor Wat wachtte.

1114920 (180x240)1114923 (320x240)

Via de westpoort verlieten we dan ook Preah Kan, en daar stapten we in de tuktuk. Eerst hadden we, nee beter gezegd Ilse, het plan om tussen de tempels te fietsen. Al op dag één waren we blij dat we dat plan hebben laten varen. De tuktuk brengt verkoeling tijdens de verplaatsingen tussen de tempels. En dat heb je wel soort van nodig, want het is echt vochtig warm!

We rijden opnieuw voorbij Bayan, blijft imposant al die gezichten die de verte in staren. Phman Pakbeng rijden we ook voorbij, wij gaan deze heuvel niet op voor de zonsondergang. Honderden anderen wel. Wij stoppen bij de bassins die de gracht vormen rondom Angkor Wat, wat het grootste religieuze gebouw ter wereld zou zijn. Over een soort van brug lopen we richting de eerste muur, die deze tempel omringd. In de verte zien we de torens er nog net boven uit steken. Dan komen we op een groot binnen terrein en zien voor de eerste keer het overbekende plaatje van Angkor Wat. Wow, ondanks de andere aanwezigen is het indrukwekkend. Vooral de grootte had ik niet verwacht.

Al snel kiezen we er voor om aan de rechterzijde van de corridor te lopen richting het hoofdgebouw. Opnieuw komen we bij een vijver, waar de Wat in spiegelt. Daar staan we dan met elkaar! Bijzonder. We lopen verder, en gaan de trappen op om uit te komen bij de lange zuilengalerij met bewerkte muren. Opnieuw gaan we tegen de stroom in, en omzeilen we de anderen toeristen. We zien dat de stenen trappen naar de torens, afgesloten zijn. Te gevaarlijk. We dwalen rond en komen bij houten trappen uit. Daar ontkomen we niet aan de vele andere toeristen. Net voor vijven gaat Rens deze steile trap omhoog. Rens en Ilse gaan op een rand zitten en kijken in het rond. De Apsara dansers in mooie kostuums op veilige afstand. Rens geniet van zijn koek, Ilse van de setting waar in zij zit. Op een of andere manier ontbreekt de drang om elke hoek en bewerking van deze tempel te zien. Het er zijn, daar gaat het nu om. Met elkaar in goede gezondheid!

1114926 (320x240)

Rondom het middelpunt van de tempel liggen ook bassins, Rens ziet daar uiteraard een theater in en daalt de showbizztrap dan ook af. Bumba in Angkor Wat beleeft zijn première. Dat hij nu pottenkijkers heeft, deert hem niet. Inmiddels kleurt de lucht roder, de zon gaat slapen zoals Rens zegt. Voldaan lopen we het complex uit... Het was voor ons de goede keuze om laat in de middag hier te zijn, nog steeds druk, maar minder druk dan overdag. In de tuktuk rijden we terug naar La Niche 'd Angkor Villa in Siem Reap. Zwemmen in het donker, daar verheugt Rens zich op. Later valt hij boven zijn eten, aan tafel in slaap. Wat een indrukken voor hem en voor ons.

Donderdagochtend lopen we op ons gemak in de richting van Wat Damnak, waar ook de NGO Life and Hope Foundation gevestigd is. Meiden worden daar opgeleid tot naaister en moeten lachen als ze horen dat ik eenmaal per week ga, voor de lol. Zij gaan er hun brood mee verdienen in de toekomst. De machines zijn al elektrisch, helaas is er geen ruimte voor grote tafels om de patronen uit de tekenen. Dat gebeurt op de grond. Verder maken we daar een praatje met een aantal monniken, en speelt Rens in de speeltuin van de lagere school die ook op het terrein ligt.

We zitten even op de overdekte houten brug over de Siem Reap Rivier. Daarna strijken we alle drie neer in kinky paarse stoelen, waar we alle drie een voetmassage krijgen. Heerlijk! Dat zou de lunch daarna bij the Blue Pumpkin op het nieuwe complex aan King's Road ook moeten zijn. Toch gaat Ilse twee keer met haar broodje terug naar de keuken en besluit dan toch iets anders te bestellen. En dat was lekker. Die middag plonzen we opnieuw in ons zwembad eten we bij het hotel. Het eten is er heerlijk en Rens heeft het er naar zijn zin. Bij de jongens van de bediening regelt hij zelf zijn drinken, of yoghurtje. En daar genieten we allemaal van.

We hebben een driedaagse pas voor de tempels van Angkor gekocht, deze moet je dan binnen een periode van een week gebruiken. En we hebben dus nog één dag te gebruiken. Aangezien het ´s ochtends al dagen achter elkaar bewolkt is, kiezen we ervoor de zonsopgang bij Angkor Wat te laten voor wat het is. Wel gaan we deze vrijdag, op pad om Banteay Srei nog te zien. Dertig kilometer ten noorden van de Siem Reap, bekend om zijn bewerkingen op poorten en muren. De tocht er naar toe confronteert ons met het dagelijkse leven van de Cambodjanen. Inventief, agrarisch, met toch nog vaak erg eenvoudige huisjes. Bij Banteay Srei zijn we niet alleen, waren we toch maar eerder gegaan. Neemt niet weg dat de tempel de moeite waard is. Rens vindt de medebezoekers (voornamelijk Aziaten) niet leuk, hij kruipt in een hoekje met de rug naar hen toe. Duidelijke taal. We splitsen dan ook en Rens trommelt er met de lokale blindenmuzikanten op los. Leuk om te zien wat muziek met hem doet.

1114931 (320x240)1114946 (180x240)

Via een pad dat grenst aan de landbouwakkers lopen we terug. Waterbuffels, lelies en vissers brengen het echte leven dichtbij. Wat ook het echte leven en de recente geschiedenis van Cambodja dichtbij brengt, is het Landmijnen Museum. Opgericht door een kindsoldaat van de Khmer Rouge, die destijds zelf duizenden mijnen gelegd heeft. Nu ontmanteld hij ze al jaren, deelt zijn kennis en wil dat dit stuk historie niet verloren gaat. Waarom landmijnen? Niet om de te doden, wel om te verwonden. Een gewonde soldaat, wordt gedragen door twee soldaten, dat zet drie soldaten buiten spel. Nog steeds liggen er vooral bij de grens met Thailand veel landmijnen. Bij een gelijkblijvende capaciteit zijn ze de komende honderd jaar nog aan het ruimen. Pffff. Terug in het hotel starten we met inpakken bagage en voor de verandering zwemmen we nog.

 

Bamboe trein
Zondag 9 februari 2014. Battambang, Cambodja.

We vertrekken 's ochtends met de bus richting Battambang. De bus van half elf met Rti Moni. Hmm, was dit in het verleden Paramount? We vertrekken uiteindelijk om half twaalf, want eerst moet het gangpad nog met mensen en goederen gevuld worden. Gelukkig zitten wij op een stoel en lijkt er ook nog iets van koeling aan te staan. Onderweg stoppen we en kunnen we gefrituurde sprinkhanen kopen. Helaas had ze geen wisselgeld, haha!

De rit schiet op, want we vliegen over de weg, bumperkleven levert hier status op denken we. Als er naast ons een jongetje moet plassen en er in plaats van stoppen een flesje naar achter komt, zijn we blij niet veel later Battambang in te rijden. Tuktuk chauffeurs geven je amper de kans uit te stappen. Zo opdringerig, dat stoort ons. Ook omdat we hopen dat Phka Villa ons op komt halen. Dat blijkt niet zo te zijn dus even later rijden we met Ya Ya daar naar toe. Ya Ya brengt ons gratis en hoopt dat hij ons die zondag rond mag toeren... Nou dat weten we nog niet. Na La Niche D' Angkor Villa is Phka Villa vergane glorie. De geheime slaapkamer van Rens met tentje (klamboe) is toch een succes. Net als de fiets met zijwieltjes!

De volgende ochtend gaan we op pad met een andere tuktuker, hij rijdt ons naar de bamboe trein. Met uitsterven bedreigt, omdat er plannen zijn om dit spoortraject nieuw commercieel leven in te blazen. In de krant lezen we over een corruptieschandaal rondom dit project en de lokale bevolking die de dupe is. Voor Rens speelt dat geen rol. Hij is onder de indruk van de politieagent die ons welkom heet en vertelt dat de prijzen vast staan. Nou dan maar hopen dat onze machinist er ook iets van krijgt. De assen met wielen worden op het spoor gelegd, de houten basis met bamboe vlonder er boven op, we gaan zitten, de motor wordt gestart. Daar gaan we!

1114951 (320x240)1114958 (320x240)

We schudden op en neer, en verbazen ons soms dat we niet ontsporen. Rens giert het uit van plezier. Dan komen de eerste tegenliggers er aan. Hoe de machinisten het precies onderling afstemmen weten we niet, wij mogen blijven sporen, zij breken hun treinstel af en weer op als wij (en anderen achter ons) voorbij zijn. We sporen tussen de rijstvelden en andere akkers door. Bij het wisselpunt lopen we wat rond en daar staat ook een steenfabriek. Van buiten zie je al dat dat hard werken is, en daar laten we het dan ook bij. Wel zien we hoe een stukje verder op een haan van eigenaar wisselt, en dat de groentenboerin op haar brommertje de paar huizen aan doet. Een frisje bij een oudere dame, zorgt dat zij ook weer twee dagen kan eten.

Op de terugweg zijn wij degene die een paar keer af moeten stappen. Dat maakt deze rit nu juist zo leuk. Onderweg krijgt onze machinist nog eten van een vrouw aangereikt. Dat tezamen met een fooi van ons maakt de dag goed begonnen voor hem. Het is dat er geen slippers verkocht werden bij het station, want die gunnen we hem ook. Hij stelt andere prioriteiten waarschijnlijk. Op de terugweg stoppen we nog bij bloeiende lotus en zien René en Rens nog een dode waterslang.

We laten ons afzetten in het centrum van Battambang. Een provinciestadje met veel winkels waar wit- en bruingoed verkocht wordt. Wij struinen over de markt en door de straatjes. Het maakt een on-Aziatische indruk op ons. Dat wordt recht getrokken bij Baan Faj (rijstkom) een opleidingsrestaurant voor plattelandsjongeren. Daar eten we heerlijk en slaapt Rens uren in de buggy. Als hij wakker wordt, eet hij home made frietjes en ook die zijn lekker.

Terug bij Phka Villa, regelen we vervoer naar de grensovergang Pailin/Ban Pakkard. Rens fietst vrolijk rond en zwemt. Bij het avondeten in het donker fietst hij ook rond, en zwemt! Zijn zijwieltje blijft hangen achter een steen en plons, Rens in het water, fiets op de kant. Rens komt zelf boven en pakt dan René zijn hand. Tranen van schrik, die stomme fiets. Dan is de koek op, hij hoeft niets te eten en dramt alleen nog maar. Dan maar naar bed. Als hij en Ilse in de kamer zijn, denkt de medewerker van Phka Villa Rens te verrassen. De avond ervoor waren er geen toetjes en werd er speciaal voor Rens aardbeienijs gehaald. Deze bleek nog niet op, want die was er nu ook voor hem. Alleen weet Rens dat nog steeds niet. Die viel naast mama in slaap aan papa's kant.

 

Grensovergang Pailin
Maandag 10 februari 2014. Koh Chang, Thailand.

We ontbijten op tijd want willen om half acht op pad. Onze taxi komt om kwart voor, en om kwart over acht rijden we Battambang uit. Eerst haalden we nog post bij het postkantoor. De chauffeur (die geen Engels spreekt) kent de weg op zijn duimpje en rijdt vlot door. Iedereen weet dat wij er aan komen, want hij toetert veel.

Naast grote Chinese fabrieken, zien we ook mensen die een hard bestaan leiden. In het kookboek Offerings las ik dat de rijstproductie van Cambodja de bevolking moet kunnen voeden en dat er dan ook nog export mogelijk zou zijn... Zou want goede opslagmethoden ontbreken en het grootste verlies wordt dan ook na de oogst geleden. En het ontbreekt aan sanitair, latrines en toegang tot veilig water. Triest.

Vlak voor Pailin zien we aan onze rechterzijde zelfs een landmijnen veld. De mijnen zijn gelokaliseerd, want er staan rode waarschuwingsbordjes bij. Deze herken ik van ver uit het museum. Om dat zo in het echt te zien, zorgt voor kippenvel. Slechts tweehonderd meter scheidt ons van dat veld. Het opschrijven duurt langer dan het voorbij rijden bedenk ik me. Het ontneemt de Cambodjanen de onbezorgdheid in hun leven.

In Pailin aangekomen, stoppen we bij het postkantoor en even later bij een gezondheidscentrum. Het grote zwarte dichte krat, dat achter in de auto stond wordt hier afgegeven. Handle with care. Het is waarschijnlijk medicatie geweest. Onze chauffeur kan dus organiseren, hij brengt niet alleen ons naar de grens. Dan staat er een bordje Thailand 17 kilometer, we schieten op. Even later zijn we er al.

Deze grensovergang maakt direct een rustige indruk op ons. Geen mensen die ons willen helpen en dat is prettig bij de grens. Exit Cambodja. Dan lopen we honderd meter naar de andere zijde van de brug. Een poort over de weg maakt duidelijk dat daar iets te doen is, douane van Thailand. We worden gewezen waar de formulieren te halen zijn, en deze worden even later gecontroleerd door een vrouwelijke douane beambte. En het stempel voor een 15 daags visum wordt gezet. Dat ging al met al vlot. Kwart over acht weg uit Battambang, tien uur aan Thaise zijde. We betaalden veertig dollar voor de privé transfer. Na een toiletstop, ziet Ilse René zijn naam op een bord staan. Wat een timing. Een airco busje, met kinderstoel voor Rens, voor het laatste deel van deze verplaatsing.

De weg is goed, de chauffeur vlot, dat went toch niet. Gelukkig blijft het veilig en rijden we rond half één de parkeerplaats op voor de ferry naar Koh Chang. De ferry is gammel, toch blijft deze drijven. We zien Koh Chang al liggen, en hebben er zin in. We rijden na de ferry een klein stukje zuidwaarts aan de oostkant van het eiland, en komen dan bij Amber Sands Beach Resort. Schommels in de bomen, amberkleurig strand, blauwe zee, zwembad, lekker eten en een mooie ruime kamer. Hier laten we onze indrukken van de afgelopen maanden bezinken en is het plan om buiten zwemmen, modderklooien, eten en drinken niets te ondernemen. We volgen de vijfhonderd meter van het olympisch schaatstoernooi... nou ja de helft dan, en vallen in slaap.

1123710 (320x240)1123712 (320x240)

De volgende dag worden we wakker met het ruisen van de zee. Niet veel later liggen we er in, en vinden René en Rens een heremietkreeft (nee, mamam is geen krab), de mannen kanoën nog wat en daarna in badkleding aan het ontbijt. En dat hebben we nog steeds aan. We genieten van de zeebries en elkaar... Onze verre vakantie zit er bijna op. Wat een mooie plek om dat te schrijven ook al hebben we nog een week.

 

Bange Kok?
Zondag 16 februari 2014. Bangkok, Thailand.

Wat een heerlijke dagen waren dat bij Amber Sands. Verder dan het strand, de schommel aan de bomen, kanoën, zwemmen, luieren en lekker eten zijn we niet gekomen. Bijzonder was wel dat Rens tijdens het kanoën Grovert van Sesamstraat tegenkomt, want hij vertelt dat hij door de ´mangrovert´ gevaren is. Als hij dan ook nog zijn schaduw op het strand ziet door het licht van de bijna volle maan, is het feest compleet. Hier hebben we het fijn.

Toch is het op Valentijnsdag tijd om richting Bangkok te gaan om daar onze verre vakantie af te sluiten. Met een taxi leggen we dat traject af. De oversteek met de ferry naar het vaste land van Thailand zorgt voor de eerste scherpe uitspraak van de dag: waar is dan het losse land?

Onze chauffeur rijdt behoedzaam en veilig. Dat is prettig. Hij spreekt geen Engels, en dat blijkt onhandig bij aankomst in Bangkok. Hij weet de weg niet, wij ook niet. Hij blijft ja knikken en vraagt geen hulp. Uiteindelijk rijden we achter een andere taxi aan, die ons naar Ibis Riverside Bangkok loodst. Een groot hotel, aan de rivier Chao Praya, met grote tuin met ruim zwembad, kleine speeltuin en ook familiekamers. Rens doopt zijn stapelbed meteen om tot slaaptrein. Want dat staat ook in het boek van Ikke.

1123713 (181x240)1123715 (320x240)

De volgende dag chillen we en gaan we 's avonds naar Asiatique. Met het pontje steken we de rivier over voor drieënhalf Baht (tien cent) en bij Sathorn Pier stappen we over op de free shuttle. Een trendy winkelcentrum, in oude havenstijl is waar we terechtkomen. Daar staat ook een groot reuzenrad, en daar gaan we natuurlijk in. Het biedt ons een mooi uitzicht over Bangkok. Daarna knabbelen vissen Ilse het eelt van haar voeten. Met het (nep)trammetje terug naar de boot en in het donker varen we terug.

Het boek van Ikke in Thailand heeft al voor herkenning gezorgd, zo ook bij het bezoek aan Wat Pho. Met de publieke watertaxi, met oranje vlag gaan we van Sathorn Pier, richting Tha Tien Pier. De boot is goed gevuld, en de kaartjesman wringt zich door de passagiers om het geld op te halen. Als we uitstappen bij de pier, lopen we langs kramen met gedroogde vis. Rens is nieuwsgierig, want we hebben hem verteld dat we vandaag iets groots zouden gaan zien, maar niet wat. Wów, deze is echt groot... en vervolgens benoemt hij de oren, de tenen, de slakkenhuis-haren van deze liggende Boeddha van 46 meter. Die heeft een groot bed. ´Nu ben ik, Ikke´. Precies.

1123717 (320x240)

Bij de liggende Boeddha is het druk, in het verdere complex van Wat Pho niet, dus daar slenteren we nog rond. Qua stijl is deze tempel weer anders, dan wat we tot nu toe gezien hebben. Inmiddels is het al weer goed warm, we verlaten dan ook het complex via een zijuitgang en belanden bij The Gate. Een leuk eettentje, 150 meter van de hoofdingang, en bijna geen toerist meer te zien. En nog lekker ook. Dan zijn we toe aan het zwembad en lopen we terug naar de pier. Bij een van de winkeltjes schaffen we nog nieuwe kleurrijke hoedjes voor de carnaval aan. De boot is al vol bij aankomst, toch kan er meer bij en dat gaat gepaard met veel geschreeuw. Toch hebben wij een staanplaats, en dat is oké. We hadden nog graag Wat Arun van het water iets beter bekeken, maar daar stonden andere passagiers voor.

Bij het hotel plonzen we direct, en kijken we vanuit de hoteltuin naar de bedrijvigheid op de rivier. Kleine sleepboten, die giga vrachtboten voorbij laten varen, dan een snelle longtailboat, dan de Chao Praya River Express met blauwe vlag... noem maar op. Het bevestigt voor ons de keuze voor dit hotel, omdat je ruimte ervaart in deze volle, drukke stad.

 

Rens mag kiezen
Maandag 17 februari 2014. Bangkok, Thailand.

Vandaag is de keuze is aan Rens. Hij telt de nachtjes af, want heeft veel plannen voor als hij weer thuis is. Dat zorgt in de ochtend voor verwarring bij hem. Kies ik dit, gaat dat dan wel door? Als we hem verzekeren dat het na het bezoek aan het aquarium nog steeds één nachtje slapen is voordat we inpakken en ´s avonds naar het vliegveld gaan, is het oké. Siam Ocean World we komen er aan.

Met de gratis shuttle van het hotel, gaan we naar het BTS station Krubg Thon Buri. Daar wisselen we eerst een biljet van honderd voor muntjes, want zonder munten geen kaartjes. Rens betaalt ook, hij moet eerst langs de meetlat (de afgelopen weken heeft Rens bij heel wat pilaren en muren gemeten of hij gegroeid was. Nou dat is hij, want als je goed eet en drinkt! Zelf maakt hij nu de grap dat de opa's en oma's bij terugkomst aan ons vragen: ´Waar is Rens nou´, omdat hij zo gegroeid is). Met de BTS gaan we naar station Siam, waar onder in het Paragon Siam winkelcentrum het Ocean World zit.

1123723 (320x240)1123724 (320x240)

De entree is verzorgd en de rest ook. Wat een belevenis. We zijn onder de indruk van de vissen en haaien, de roggen, maar ook van de zeepaardjes en de andere onderwatercreaties. Met een bootje met kleine glasbodem, varen we over het bassin en zien we de beesten uit een ander perspectief. Ook leuk. Rens gaat helemaal los bij het zien van Nemo, Dory en Krail. De tunnel vindt Rens eerst spannend, als hij door heeft dat de vissen echt niet bij hem kunnen komen, is het oké en loopt hij te neuzen met de haaien. O ja, er waren ook nog pinguïns en kikkers en... kortom voldoende vermaak en nog informatief ook. De afsluitende 5D film is iets té voor Rens, die kijkt hij dan ook niet af. Toch praat hij daar de rest van de dag volop over.

Voldaan komen we terug bij het hotel, waar we een filmpje kijken. 's Avonds eten we bij Princess Terrace, stukje verderop aan de rivier. Lekker, en ook weer hilarisch, want als je vraagt of de frietjes bij de voorgerechten kunnen komen, dan reageert de ober met : No sauce? Uiteindelijk eten we heerlijk en Rens een van de beste frieten van de reis. Op het hoekje van de Soi (zijstraat van doorgaande weg) naar ons hotel zit een 7/11. Daar kopen we de laatste luiers voor de nacht (per twee verpakt erg handig, en aan de prijs (twee stuks negentig eurocent)) en Rens een ijsje. Terug op de kamer checkt Rens nog even de feiten: ´Nog één nachtje, mama?´

1123725 (320x240)

Dat ene nachtje slaapt hij opnieuw heerlijk. Ik typ dit relaas met zicht op de Chao Praya Rivier en de tassen staan zo goed als ingepakt. We vliegen vannacht om vijf over een dus we hebben nog de hele dag. Onze kamer ook, want die hebben we tot morgen geboekt. We gaan zo dan ook nog zwemmen, eten, massage en namijmeren over onze avonturen.

Rens, Ilse en René op verre vakantie... wat een belevenis.

Partners

Social Media

Houd jij van Verre reizen met kinderen? Volg, like en blijf op de hoogte!