Na regen komt zonneschijn
Zondag 28 juli 2013. Nha Trang, Vietnam.

Onze busrit naar Nha Trang op woendag leek een gruwelrit te worden. In een klein busje waar in Nederland met goed fatsoen vijftien personen in zouden kunnen gaven ze ons 'de beste plaatsen'. Dat wil zeggen: de achterbank. Korte beschrijving: Opgehoogde voetruimte, dus van zitting tot grond ongeveer veertig centimeter hoogte, en een beenruimte tot de stoel voor je van zo'n vijftien centimeter! Dat werd dus in kleermakerszit reizen. In het busje werden zo'n twintig personen gestouwd, plus een hoop bagage, maar de grote meevaller was dat we na vier uur al Nha Trang binnenreden, terwijl we ons hadden ingesteld op een dikke vijf uur. Al met al viel het dus toch nog wel mee.

Quy Nhon (14) (320x240)Quy Nhon (0) (320x240)

In het Golden Sea Hotel werden we vriendelijk ontvangen, al werd ons wel meteen medegedeeld dat we maar twee nachten in de gereserveerde kamer konden blijven, en de laatste nacht naar een kleinere kamer zonder ramen zouden moeten verhuizen. Niet echt leuk, maar wie weet, misschien veranderde nog wel iemand zijn planning en konden we toch in de kamer blijven. Aangezien de zon verleidelijk scheen hebben we ons meteen omgekleed en zijn we de zee in gedoken.
Nha Trang is een gezellige stad, maar wel erg toeristisch en druk. Het strand staat vol met 'duurbetaalde' zonnestoelen en parasols, en voor de waaghalzen is er de keuze uit parasailen, waterscooters of bananenboten. Het overgrote deel van de toeristen is Russisch, dus alles is in het Russisch vertaald. Ook komen hier veel Vietnamezen voor hun vakantie of een weekendje. Dat zie je het meest duidelijk zo rond vier uur, als de stranden overladen worden door Vietnamezen die met hun kleren aan de zee induiken. Chris en ik slaan dit schouwspel vanaf het strand gade, maar Jaan en Tijn duiken er midden in! Met veel gelach en hilariteit spelen hele families balspelen samen met onze twee withuiden (al beginnen ze al langzaam te kleuren). Geweldig om te zien hoe je ook zonder taal kunt communiceren!

Onze tweede dag in Nha Trang bezoeken we de Po Nagar Cham Towers. Van de tien torens uit de zevende eeuw, zijn er nog slechts vier in tact en worden ook nog steeds gebruikt door de Chinese en Vietnamese Boeddhisten om te bidden en te offeren. Dat blijft een mooi schouwspel, ook al maakt het hier bijna deel uit van het straatbeeld. Vervolgens beklimmen we de nodige trappen en bewonderen we de witte Boeddha's van de Long Son Pagoda. Deze immense beelden blijven tot de verbeelding spreken. 's Middags gaan we nogmaals naar het (drukke) strand, onderhandelen als volleerde toeristen over de prijs van een bed met parasol (wat wil zeggen negentig cent in plaats van drieënhalve Euro) en genieten van het feit dat we eindelijk geen regen meer hebben!

Ik blijf me verbazen over hoe weinig Jaan en Tijn nodig hebben om zich te amuseren. De hele rugzak met speelgoed is (naast de tekenspullen en de nintendo) nog nauwelijks gebruikt. En op het strand houden ze zich uren bezig zonder ook maar een attribuut. Heerlijk. Chris en ik hebben inmiddels al heel wat boeken gelezen.
's Avonds in het hotel wacht ons een minder leuke mededeling. We moeten morgen niet verhuizen naar een andere kamer, want er is helemaal geen andere kamer meer beschikbaar! Sorry, foutje met de reserveringen. Ik ben laaiend en terwijl Chris op straat naarstig op zoek gaat naar een ander hotel, schrijf ik een verontwaardigde mail naar de bazin van het hotel. Chris komt zonder resultaat terug (alles is voor het weekend volgeboekt) en enigszins sacherijnig proberen we onze ergernis te sussen met een avondmaaltijd boven ons budget. Als we terug in ons hotel komen krijgen we beter nieuws. De bazin heeft opdracht gegeven een ander hotel voor ons te zoeken, dus zodoende start vrijdag 26 juli met een verhuizing naar het Sun City Hotel, twee straten verderop. En zoals elk nadeel heeft ook dit zijn voordeel. Ook al staat ons nieuwe hotel in de schaduw van het torenhoge Novotel, en wordt ons hierdoor het zeezicht ontnomen, onze kamer is erg comfortabel en het personeel zeer behulpzaam.

Goedgezind en ingesmeerd met factor 50 besluiten we spontaan twee tandems te huren. Op veel te lage zadels en veel te hoge temperaturen fietsen we naar het National Oceanografic Museum. Ook al probeert iedereen ons een trip met de kabelbaan naar het Vinpearl-park aan te smeren (een duur water- annex pret- annex aquariumpark), wij vermaken ons prima in dit lichtelijk vergane glorie aquarium.

Nha Trang (27) (320x240)Nha Trang (55) (180x240)

Om drie uur vertrek ik met de kids weer richting strand en gaat Chris zijn kookkunsten uitbreiden bij Chopsticks met een Vietnamese kookcursus. Ze vonden het maar raar dat niet ik, maar de man des huizes de cursus wilde doen. Met een schouderklopje en de toespeling 'smart woman' laten we Chris achter om drie uur later aan te schuiven aan een tafel vol lekkers! Chris was de enige cursist en had van maar liefst van drie personen les gehad! Hij had zoveel gemaakt dat de kids en ik mochten meegenieten, maar nog was het veel te veel. Heerlijk was het. De kids zijn nu zelfs gek op inktvis dus dat vergroot de menukeuze. Veelbelovend om te weten dat we nu dus ook nog na de reis kunnen genieten van de Vietnamese keuken. Alleen moeten we dan wat afbouwen met de zoetigheid, want er wordt hier wel overal erg veel suiker aan toegevoegd.

Na zaterdag een hele dag niets doen, luieren en ´strandjes bouwen´ doen we op zondag de 'Amazing Snorkeltour'. We zijn gewaarschuwd voor de vele party-tours met karaoke die hier worden aangeboden, maar het hotel verzekert ons dat deze tour rustig en zonder 'party' is. Na vertrek meldt onze 'day-guide' zich via een microfoon. Hij start met 'Hello.....', vervolgt met een melodieus 'Is it me you're looking for?' en zingt vervolgens het hele lied acapello bloedserieus uit! Wij krijgen er spontaan de slappe lach van, helemaal als hij vraagt of we alsjeblieft mee willen zingen! Gelukkig zijn onze acht medepassagiers net zo verbaasd als wij over dit intermezzo, dus 'gay-guide' geeft het op. Voorlopig toch...

Even later schallen er door de boxen keiharde beats. Zo hard, dat we onszelf onmogelijk nog verstaanbaar kunnen maken. Om het feestje compleet te maken staat onze 'gay-guide' vrolijk op het dek te swingen! De blikken bij de passagiers onderling spreken boekdelen! Na een kwartier besluit een van de passagiers ons allemaal uit ons lijden te verlossen met het verzoek de rest van de tour de muziek uit te laten. 'Gay-guide' besluit treurig met een laatste karaoke-liedje en laat ons de rest van de dag met rust!

Alhoewel we slechts eenmaal stoppen om te snorkelen hebben we een leuke dag. Het snorkelen was niet bijster mooi, maar wellicht zijn wij op dit vlak ook wel erg kieskeurig. De tweede stop was voor een verrukkelijke zee-lunch op de boot gevolgd door het uitgooien van vislijnen. De teleurstelling bij Jaan en Tijn dat er geen enkel visje toehapte aan hun lijn was gelukkig maar van korte duur, want zij mochten de door anderen gevangen visjes teruggooien in de zee.

Tot slot bezoeken we nog een exclusief strand, waar je voor moet betalen om erop te mogen! Je hoeft niet te gaan, maar dan moet je twee uur op het bootje blijven zitten! Hoezo gewiekst? Gelukkig is er ook een enorm groot zwembad aanwezig, dus de twee uur vliegen voorbij. Moe maar voldaan varen we terug de haven binnen.

 

Echte vissersstad
Woensdag 31 juli 2013. Quy Nhon, Vietnam.

Onze volgende stop zou eigenlijk Hoi An zijn, maar om de volgende reisroute niet te lang te maken besluiten we treintickets te boeken naar Quy Nhon. Maandag zijn we om één uur 's middags op het station aangezien onze trein om 13.42 uur zou vertrekken. We gaan keurig voor de nog gesloten poort naar het perron staan. Toen deze echter om half twee nog niet geopend was, besloten we toch maar eens navraag te doen. Met handen en voeten werd ons uitgelegd dat die trein pas om 14.50 uur zou vertrekken. Waarom? Geen idee. Maar daar stonden we dus met alle bagage, twee jengelende kinderen en het zweet druppelend van onze gezichten. Gelukkig hield Chris als enige het hoofd koel en spotte hij een Bookcafe aan de overkant van de straat en loodste hij ons de airco in! We hebben al een paar keer eerder in een bookcafe gezeten. Het is een grote boekwinkel (helaas alleen Vietnamees leesvoer) met op de bovenste etage een relaxte café-ruimte met internet en airco. Enkele fruitcocktails, pizza's en tekeningen later vertrokken we opnieuw naar het station. Na nogmaals een uur wachten lieten we dan eindelijk Nha Trang achter ons.

De treinreis verliep voorspoedig. 'Helaas' zaten we eerste klas, hetgeen inhoudt dat we zachte stoelen hadden (in plaats van houten bankjes), maar ook dat er geen venters in de coupés worden toegelaten. En dat vinden wij nou juist net zo leuk. Om iets na zevenen komen we aan in Dieu Tri. Van hieruit moeten we nog vijftien kilometer met een taxi naar Quy Nhon. Uitgeblust van deze zware dag besluiten we het verkennen van de omgeving tot morgen uit te stellen en ploffen we neer in onze kamer van het Hoang Yen Hotel.

We blijven uiteindelijk twee dagen in Quy Nhon. Aangezien dit geen gangbare toeristen-stop is, is het er een stuk rustiger dan in Nha Trang. Dat bevalt ons wel. We slenteren uren over het strand zonder een enkele toerist tegen te komen. Quy Nhon is een echte vissersstad, en er wordt veel gebruik gemaakt van de 'bamboo basket boats'. Dit zijn kleine, ronde, van bamboe gevlochten bootjes, waterdicht gemaakt met teer. 's Morgens ligt de zee er vol mee, en 's middags liggen ze als aangespoelde schildpadden op het strand. Ook hier trekken rond vier uur de inwoners richting zee en is het zes kilometer lange strand vol met vrolijke Vietnamezen. Langs de kade is het een drukke handel van vis en zeevruchten, en staan de straten vol met plastieken kinderstoeltjes alwaar je kunt neerdalen voor een verse hap.

Quy Nhon bevalt ons wel, omdat het authentieker is dan Nha Trang. We bezoeken nog de Thap Doi Cham Towers, de Long Khanh Pagode en de Tam An Pagode en 's avonds voeren we op het strand nog interessante gesprekken met de locals en studenten over de verschillen tussen ´hun´ en 'ons´ land. Daarna pakken we voor de zoveelste keer onze koffers voor ons vertrek morgen naar Hoi An.

 

Lampionnen en Cham-tempels
Maandag 5 augustus 2013. Hoi An, Vietnam.

Onze reis naar Hoi An op donderdag 1 augustus verliep voorspoedig. Vijf uur lang hielden de Nintendo, boeken en het uitzicht in de trein ons bezig, dus 's middags kwamen we aan in Danang. Van daaruit hebben we meteen een taxi genomen naar Hoi An, en een dik half uur later checkten we in bij het Thanh Binh 3 Hotel. Een sfeervol en gezellig hotel, met als extra topper een zwembad. De kids hadden hun zwembroeken dan ook al snel gevonden en wij richtten onze nieuwe kamer in alle rust in voor de komende vijf dagen.

's Avonds maken we een wandeling door het centrum. We merken al snel waarom Hoi An zo'n geliefde bestemming is. Ook wij vallen meteen voor de charme van deze authentieke stad. Het Ubud van Vietnam (voor diegenen die al eens in Bali zijn geweest). Omdat Hoi An een van de weinige steden is die niet plat gebombardeerd werd door de Amerikanen, wordt het gekenmerkt door oude panden, buishuizen (van soms maar zo'n anderhalve meter breed) en ontbrekende hoogbouw. Het centrum is tot negen uur 's avonds brommer- en autovrij, hetgeen rondslenteren door de met lampionnen versierde straatjes erg aangenaam maakt. Jaan laat nog een wensbootje te water, en wij wensen samen met hem dat al zijn dromen uit mogen komen.

De komende vijf dagen in Hoi An hebben we het druk met alles wat deze stad te bieden heeft. Uiteraard willen ook wij een op maat gemaakt kledingstuk mee naar huis nemen, dus staan we al snel te passen, te meten en stofjes te kiezen. Het gamma aan keuzes is legio. Het stoffenspektakel is er niets tegen! Chris kiest uiteindelijk voor een jasje en mijn koffer is nu gevuld met een extra broek. En een extra bril kan ook nooit kwaad, dacht Chris toen hij met de plaatselijke opticien in gesprek kwam.

In Hoi An zijn verschillende oude panden te bezoeken, en hiervoor koop je het best een vijfbeurten-kaart. Wij besteden onze vijf beurten onder andere aan twee Assembly Halls (Chinese pagodes, Quang Trieu en Trieu Chau) en twee handelspanden (Quan Thang en Tan Ky). Deze vaak al twee eeuwen oude panden zijn generaties lang eigendom van dezelfde familie en worden ook nu nog steeds bewoond door dezelfde families. Het voelt wel vreemd om in iemands huis rond te dwalen terwijl de bewoners zelf bezig zijn met koken, wassen en andere dagdagelijkse zaken. Als we in een van de huizen een kopje thee krijgen aangeboden, merkt Tijn op: 'Die thee is zeker ook zo oud!' Na al deze inspanning kun je je wel voorstellen dat mijn voeten toe waren aan vertroeteling. De pedicure, die de hele behandeling in hurkzit heeft uitgevoerd, lakte tot slot mijn 'versjangeleerde' nagels nog even en toen kon ik er weer tegen!

Zaterdag hebben we het My Son Tempelcomplex bezocht. De oude Cham-stad (uit de vierde tot dertiende eeuw) kreeg wereldfaam toen Franse archeologen dit centrum van religie, verscholen en overwoekerd in de jungle, eind negentiende eeuw herontdekte. In My Son zijn nog altijd ruïnes van zo'n zeventig tempels te bekijken maar slechts twintig tempels verkeren nog in redelijke staat. De meeste tempels zijn nagenoeg helemaal verwoest door de bommen van de Amerikanen, maar door de uitleg van de gids en de nodige dosis verbeelding kun je je een goed beeld vormen van de schoonheid van dit immens grote Hindoe-tempelcomplex. Niet voor niets dus dat dit onder Unesco Werelderfgoed valt.

De weg terug naar Hoi An deden we per boot. We maakten nog een stop bij het Kim Dong eiland, dat bekend staat om zijn houtbewerking. Ongelooflijk hoe behendig daar uit een blok hout met handen en voeten een kunstwerk gesneden werd!

Zondag en maandag hebben we fietsen gehuurd. We fietsten door rijstvelden en kokosmangroves, moesten soms stoppen voor overstekende varkens, koeien en buffels of omdat ons vochtpeil moest worden aangevuld. Ter plekke werden er voor ons 'veerbootjes' gecreëerd om onze tocht aan de andere kant van het water verder te kunnen zetten. Een bootje van een meter breed, fietsen er dwars overheen, wij er naast, tussen en achter en varen maar! Tussendoor relaxten we op de stranden van An Bang en Cua Dai en werd er gespeeld met de plaatselijke puppy-bevolking!

Onze laatste avond in Hoi An steken we de uit 1593 daterende Japanse brug over en zwichten we voor een paar souvenirs. Hoi An was heerlijk. Zelfs na vijf dagen vinden we het spijtig afscheid te nemen.

 

Han Rivier
Woensdag 7 augustus 2013. Danang, Vietnam.

We nemen we de taxi terug naar Danang. Van hieruit willen we verder met de trein naar Hué, maar omdat we tijd genoeg hebben, besluiten we hier twee dagen te blijven. Danang is niet echt een indrukwekkende stad. Naast een mooi museum over Cham-kunst (met onder andere een maquette van My Son) en een kitscherige oudroze kathedraal is er niet veel te zien. Wel is er een uitgestrekte kustlijn, maar doordat we woensdag een heel bewolkte dag hadden kwam die ook niet echt uit de verf. Het meest indrukwekkende was nog wel ons uitzicht 's avonds vanuit onze hotelkamer in het New Moon Hotel. We kijken vanuit onze reuzenvensters uit op de Han Rivier, drie mooi verlichtte bruggen en de met protserige marmeren beelden versierde boulevard.

Onze laatste avond gaan we Thais eten. Kwestie van afwisseling in de rijstkeuken! Morgen vertrekken we met de trein naar Hué. Op naar de keizerlijke stad!

 

Keizers
Zaterdag 10 augustus 2013. Hué, Vietnam.

Na een kleine drie uur boemelen in een treintje met prachtige vergezichten langs de kuststrook kwamen we donderdag aan in Hué. Op het station werden we overvallen door taxichauffeurs en hoteleigenaren die ons allemaal maar wat graag mee wilden nemen. Ik vroeg me af welke van de drie woorden van´no thank you´ ze niet begrepen, maar ja, uiteindelijk moesten we wel in het centrum zien te geraken. Een jonge, goed Engels sprekende jongen wist ons uiteindelijk toch te overtuigen en het bleek een goede keus. Het Sunny Hotel (Bin Duong Hotel III) gaf ons voor een weinig geld een grote kamer met balkon. Goedgekeurd!
De rest van de dag slenteren we een beetje door het centrum, dat niet veel anders is dan de meeste steden in Vietnam. Marktjes, winkels die van alles en niets verkopen, brommers, veel brommers en een rivierboulevard waar het aangenaam flaneren is.

Vrijdag stappen we weer op de fiets en bezoeken we datgene waar Hué om bekend staat: De Keizerlijke stad. Deze citadel is een van de belangrijkste cultuurhistorische centra van Vietnam. De enorme vesting omsluit drie concentrische steden: de Burgerlijke, de Keizerlijke en de Verboden Purperen Stad. Het resultaat is een enorm complex van paleizen, tempels, vestingmuren, bastions en grachten. In de Indo-Chinese oorlogen werden grote delen van de citadel verwoest, maar het bouwwerk is nu deels gerestaureerd. Het bezoek was zeer de moeite waard, maar door de hitte en de uitgestrektheid van het terrein hebben we slechts een deel gezien. Maar toen waren we wel al een halve dag verder.

Aangezien zaterdag wederom een stralende dag beloofde te worden namen we een taxi naar het Thuan An strand. Hué ligt niet echt aan het strand dus het was even rijden er naar toe. Maar het was de moeite! De toeristen lijken dit stukje van Hué nog niet echt ontdekt te hebben, dus zijn we bijna de enige bezoekers. De kids spelen zoals gewoonlijk van de eerste tot en met de laatste minuut in en langs het water, Chris luistert naar de MP3-speler en leest boeken, en ik wandel de nodige meters langs de vloedlijn. Voor de eerste keer ligt het strand vol met schelpjes, en al kunnen ze niet aan onze hoge eisen voldoen, ik haal mijn hart op!
's Middags meren er een paar vissersbootjes aan, en binnen enkele minuten is er een drukke handel gaande. De vrouw bij wie we een parasol gehuurd hebben, vraagt ons aan te wijzen waar wij zin in hebben. Er wordt gewezen, gewogen en geroepen en als de buit verdeeld en betaald is verlaat iedereen weer het strand. Tijd voor onze lunch: gebakken rijst met inktvis!

Op de weg terug naar het hotel besluiten we nog langs het graf van Keizer Minh Mang te gaan. Het ligt nog een stuk verder rijden, maar onze taxichauffeur spreekt redelijk Engels, en daar moet je in Vietnam gebruik van maken. De keizerlijke graven werden vaak al gebouwd als de keizer zelf nog in leven was. Na zijn dood werd zijn hele hofhouding mee verplaatst naar zijn ommuurde grafterrein van een paar hectare. Zij leefden daar dan verder. Helaas viel niet aan alle keizers zo'n prachtig tombe-complex ten eer. Sommigen vielen in ongenade of werden verbannen.

 

Grotten
Woensdag 14 augustus 2013. Son Trach, Vietnam.

Zondag zijn we verder 'getreind' naar Dong Hoi. Na een trip van drie uur reizen we nog vijftig kilometer verder met de taxi naar het Thien Tanh Hotel in Son Trach. Son Trach ligt bij het Phong Nha Nationaal Park, welk meer en meer in trek komt bij toeristen omdat er in de afgelopen decennia steeds nieuwe grotten zijn ontdekt. Het wordt als reisbestemming dus steeds aantrekkelijker. Het dorp Son Trach is nog een slaperig geheel met een paar hotels, maar het zal wel niet lang meer duren of ook hier zullen projectontwikkelaars opduiken.

Maandag bezoeken we Phong Nha Cave, slechts honderd meter van ons hotel gelegen. Deze grot kun je alleen 'bevaren' aangezien er een rivier doorheen stroomt. Speleologen hebben vijfendertig kilometer van het stelsel verkend, maar er zijn vermoedens dat het zich uitstrekt tot aan Laos. Ondanks de nogal kitscherige gekleurde verlichting, vergapen we ons aan de stalagmieten en stalactieten, en kunnen de kids niet stoppen met lachen over dit laatste, uitermate grappige woord! We varen zelfs door een smal, onverlicht deel, waarbij de kinderen de belangrijke taak hebben de zaklampen te hanteren. Het enige wat ons niet helemaal duidelijk is geworden, is waarom we allemaal de hele tocht een helm en zeer elegante plastieken watersandaaltjes moesten dragen.

Later op de dag 'kreeg Tijn het in zijn krollen'. Hij zou en moest naar de kapper! Hier waren uiteraard al de nodige discussies over haren wassen en kammen aan vooraf gegaan, dus lieten we hem zijn gang gaan. Dapper klom hij, weliswaar met een angstige snoet, in de stoel van de Hot Toc. Een kwartier later stapte hij er stralend weer uit! Ik vond het wel een goed vooruitzicht om in de resterende drie dagen zomervakantie thuis niet ook nog langs de kapper te moeten met Jaan, dus liet ik hem ook plaatsnemen in de degelijke, kolossale kappersstoel. Dat was echter niet van harte. Volgens Jaan was het de slechtste kapster ooit en was haar schaar bot! Maar de kapster zelf wilde wel nog graag een foto van beide boys. Had ze weer wat te vertellen aan haar vrienden.

Dinsdag bezochten we nog een andere grot, de Paradise Cave. Jaan citeert:
'We zijn in een van de grootste grotten ter wereld geweest maar die had geen rivier. Een jager vond de grot pas in 1995. Het leek steeds alsof de grot stopte, maar dan ging het toch nog verder. De grot is nog groter, maar dat stuk hebben ze nog niet onderzocht. Dus daar mochten we niet in. De grot had heel veel stalagmieten en iets minder stalactieten. Maar heel veel scherpe speren van steen. Ik vond de grot heel mooi. Want er schenen ook lampen op de rotsen en er groeide zelfs kleine plantjes. Dáág!' Hier heb ik niet veel meer aan toe te voegen, alleen dat deze grotten die van gisteren nog overtroffen. Echt een staaltje van natuurkundige kunst! Het was de warme wandeling door de jungle en de meer dan vijfhonderd traptreden meer dan waard!

Op de terugweg hebben we en de Eco Trail gewandeld. Een avontuurlijke wandeling over krakkemikkige bamboebruggetjes door de jungle en langs en over een wild riviertje. We zagen verschillende ondefinieerbare insecten, prachtige vlinders en reuzensprinkhanen. De streek hier is sowieso erg mooi. Dichtbegroeide berghellingen, die als mierenhopen op een vrij vlak landschap gedrapeerd zijn. De weg terug naar het hotel genieten we dan ook nog van prachtige uitzichten.

Als we terug in Son Troch aankomen gaan we op zoek naar een pinautomaat. Aangezien we er geen kunnen vinden besluiten we het met gebarentaal te vragen. We denken eerst dat het aan hun gebrekkige Engels ligt, maar langzaam dringt het tot ons door. Er is hier echt geen 'moneymachine', visa wordt niet geaccepteerd en geld pinnen kan alleen in Dong Hoi. Maar dat is vijfenvijftig kilometer verder! We tellen de laatste beetjes maar daar gaan we het niet mee redden. Ontdaan en hulpeloos wenden we ons tot onze hoteleigenaar. We weten niet precies hoe het geregeld werd, maar enige tijd later moeten we een briefje ondertekenen waarin we bevestigen dat 'de man van een vriendin van de vrouw van de bar hier tegenover' ons vijf miljoen leent, en dat 'de vriend van de tante van de neef van de broer' ons dan morgen naar de trein in Dong Hoi brengt en wij het geleende geld terug kunnen betalen! We twijfelen soms aan de behulpzaamheid van de Vietnamezen maar hier hielpen ze ons wel even behoorlijk uit de brand. Pff... Wat voel je je reddeloos als je geen geld meer hebt!

 

Nachttrein
Donderdag 15 augustus 2013. Ninh Binh, Vietnam.

Onze laatste dag in Son Trach wagen we ons nogmaals op de fiets. We fietsen naar de Pepper Homestay en vervolgens naar de Farmstay. Deze beide guesthouses worden gerund door 'gemengde koppels'. De 'Westerse' touch is vaak net dat beetje extra wat het tot geliefde verblijfplaats maakt bij de toeristen. Het is erg heet vandaag dus het fietsen gaat zeer moeizaam. De omgeving is mooi, maar met zweet in de ogen zie je daar niet veel van.

's Avonds vertrekken we, nadat we de inmiddels alom bekende afscheidstranen van Tijn gedroogd hebben, naar het station van Dong Hoi voor de nachttrein. Het fijne van Azië is dat je vaak voor weinig geld toch decadent kunt doen. Dat doen wij nu ook: We kopen zes tickets voor ons vieren, zodat we onze slaapcoupé niet hoeven te delen met anderen! Om half tien 's avonds vertrekt onze trein en stommelen we de nacht door. De kids slapen goed, maar Chris en ik moeten het hebben van aan elkaar geregen hazenslaapjes. Donderdagochtend om zes uur komen we - moe maar wel een leuke ervaring rijker - aan in Ninh Binh. Tijd voor het volgende avontuur!

Partners

Social Media

Houd jij van Verre reizen met kinderen? Volg, like en blijf op de hoogte!