Hutje in Berenbos
Zaterdag 27 juli 2013. Yosemite NP, Verenigde Staten.

Afscheidsontbijtje in ons favoriete tentje aan de Pier. Huurauto opgehaald. Eten ingeslagen. We hebben de stad verruild voor het elf-achtige Yosemite. Een groot (Amerikaans groot) National Park met huge dennenbomen, meren, watervallen, bergen en rotsen tot vierhonderd meter, wilde dieren (beren, coyotes, bergleeuwen, herten en heel veel kleine eekhoorntjes). Vier uur rijden door droog prairie landschap en uiteindelijk de bochtige Tiogapass over en we waren er. Onderweg al een paar keer gestopt om te genieten en foto's te maken van de late middagzon op de rotsen van Yosemite.

Beetje benieuwd-zenuwachtig over de accommodatie waren we wel. Yosemite is ook voor Amerikanen zelf een zeer geliefde vakantiebestemming. Er zijn campgrounds en een paar lodges in het park zelf en veel mooie accommodaties aan de randen van het park. Wij wilden graag ín het park slapen om ter plekke minder te hoeven rijden. Al een half jaar geleden geprobeerd te reserveren. Als je zelf een tent meeneemt is een kampeerplaats wat hoger op de bergen vinden heel goed te doen. Maar de vooropgezette tenten in Yosemite Valley zijn echt onbereikbaar als je niet weet hoe het werkt. Vanaf een bepaalde datum gaat de website open en tien minuten later is gewoon alles vol! Kom je als Europeaan natuurlijk nooit tussen, tenzij je een geoefende vakantieveilingenspecialist bent.

De Cedar Lodge had nog wel plek, maar daar betaal je te veel geld voor een erg kleine warme kamer in een druk hotel met zwembad. Niet echt een nature-ervaring. Maar eens gaan googelen en zo vonden we een aanbod van een particulier die zijn jagershut middenin Yosemite Park verhuurde voor een schappelijk bedrag. Heen en weer gemaild, betaald en gereserveerd. Spannend, maar de gok gewaagd. Dus onder het rijden hopen dat het niet 'to good to be true' was en dat we inderdaad een slaapplek hadden vannacht. Tomar en Indi hadden visioenen van een kleine boomhut op palen. Wij wisten wel dat het een echt huisje was.

Maar toen kwamen we aan... Bleek ons 'jagershutje' de helft van een prachtige villa op palen op een toplocatie (twintig minuten rijden naar de Valley en Glacier Point) te zijn. Wauw! Middenin het bos aan een klein weggetje, met nog een paar andere huizen in de buurt. Veranda (met vuurrode zonsondergang) met barbecue, grote woonkamer met bank om in weg te zakken en een 'pappa-stoel' net zo zacht als de bank maar met uitklapbare voetsteun (!), Tien meter lange gang met prachtig cederhout parket op de vloer, twee enorme slaapkamers met hoogpolig tapijt, badkamer met bad en douche en heerlijke dikke warme zachtgele handdoeken, een volledig uitgeruste keuken, dvd met filmverzameling (de wifi ontbrak nog net, vandaar dat we even niet online waren). Maar vooral; ver weg van de toeristenmassa en de bussen in de Valley.

Tomar en Indi hun stapelbedden (ieder één) en slaapkamer direct tot eigen domein verklaard (of wij nu gewoon weer op onze eigen kamer willen blijven). Lekker zelf pasta gekookt en met een drankje op de veranda gezeten. En by the way ook ontdekt dat het brandalarm het uitstekend deed, zelfs al bij het 'iets' te lang roosteren van de bagel in de bageltoaster. Voor iedereen die naar Yosemite wil: voor een fles wijn verklappen we het adres, ha, ha, maar het heet de Cozy Cub, gereserveerd via Home Away: hoe moeilijk kan het zijn?

Twee dagen Yosemite zitten er al weer op. Helaas, helaas. Tomar en Indi willen nooit meer weg hier en wij eigenlijk ook niet. De dvd verzameling in het huis hier staat onaangeroerd in de kast (jammer, zaten mooie films bij). Omdat we het echt veel te druk hebben gehad met spelen in dit waanzinnige National Park.
De eerste dag verschillende plekken in Yosemite Valley verkend. Dat vraagt soms wel even om de ogen dicht doen voor al die andere mensen die dat ook doen. Maar ja... een illusie om te denken dat je al het moois op deze wereld met niemand zou hoeven delen. Er zijn een heleboel grote watervallen in Yosemite. De zomer is niet de allerbeste waterval-tijd; ze zijn al een beetje aan het opdrogen, maar desalniettemin prachtig. Voordeel daarvan is dat de rivierbeddingen met enorme rotsblokken naar de watervallen toe ook droog liggen en die kan je beklauteren! Dat valt nog niet mee voor iedereen boven de veertig, laat staan van boven de vijftig!. Terwijl Tomar en Indi als berggeiten vooruit hupsen, hijsen wij onszelf van rotsblok naar rotsblok op zoek naar de makkelijkste route. Warme en vermoeiende bezigheid, maar ook leuk om zo te 'spelen' in de natuur. Tomar en Indi zoeken juist de grote rotsblokken op. De eekhoorntjes die hier in grote getallen zitten springen voor je uit. We hebben twee waterval-rivieren beklauterd.

Bij de Yosemite Falls wachtte een enorme beloning aan het einde: een grote poel met koud bergwater waar je in kunt zwemmen. Dat hebben we gedaan. Samen met andere helden die ook hun leven over de rotsen hadden gewaagd. En dan schijnt het te kunnen, we hadden het ook niet bedacht maar wel zelf gezien nu, dat als je hoog blond Amerikaans bent met een groot badpak en je duikt dan het meertje in, je opeens ontdekt dat er tweehonderd dollar in je decolleté zitten! En ja, wat dan? In ieder geval op z'n Amerikaans hard lachen zodat iedereen kan meegenieten en dat hebben we gedaan, en vervolgens hup weer terug in de boezem.

We hebben zwemspullen overigens standaard in de rugzak hier. Met van die hele kleine reishanddoekjes die je ook goed nat kunt maken en in je nek kunt leggen als het erg warm is. Erg handig. De hele dag kom je langs plekken waar je lekker kunt zwemmen: in een rivier of in een meertje. Chilly, maar véél leuker dan een zwembad vinden Tomar en Indi. Natuurlijk onderweg al die mooie vergezichten bekeken: de Tunnel View hebben we wel een keer of tien gezien (op de route naar onze Cozy Cub) op steeds verschillende momenten van de dag. En dan zie je ook steeds de kleuren veranderen: het blijft een prachtig gezicht.

150090 1375073436 500

Je rijdt in Yosemite van het ene ansichtkaartje naar het andere. Gisteren zijn we de andere kant van Yosemite opgegaan: de Tuolumne Meadows hoog op de berg. Prachtige alpenweiden, omringd door witte rotsen. Daarvoor hadden we nog gezwommen en het was prachtig weer, dus met halfnatte haren en hemdjes de auto in op weg naar de Meadows. Waar we, suf als we toch steeds blijven na al die reizen, even geen rekening mee hadden gehouden, was dat het op 2500 meter toch echt wat frisser is dan op duizend meter. Aangezien de rit er naar toe redelijk lang is en we toch echt een mooie wandeling wilden maken, zat er maar één ding op: allemaal een T-shirt van Yosemite aanschaffen en off we go!

We hebben gewandeld naar een romantisch meer; Dogs Lake. Onderweg twee herten gezien, op nog geen tien meter afstand staken ze heel rustig ons pad over! En dan heel rustig met hun wiebelende hertenkontjes gewoon doorlopen en lak aan die mensen hebben die daar op het pad staan te staren. Kennelijk weten ze wel dat mensen voor hen geen gevaar vormen. Dit in tegenstelling tot de bergleeuwen, coyotes en beren die ook ronddwalen door het park. Wel op de terugweg een verkeerde afslag genomen (waarom verdwalen wij toch altijd), waardoor we wel bij een parkeerplaats uitkwamen, maar niet bij die waar onze auto stond. Maar een echte ranger en de Yosemite shuttle bus op de weg brachten redding en de bus bracht ons weer terug bij het startpunt. Overigens gaan we wel vooruit, want meestal verdwalen we al voor we het startpunt hebben gevonden, dus tel je zegeningen. Op de weg terug naar onze onvolprezen Cozy Cub zagen we langs de weg nog eens twee hertjes lekker grazen in een weitje. Een stukje verderop waren we helaas nét te laat voor een beer. En nu maar hopen dat die beer te laat was voor onze hertjes!

Vandaag rijden we dus weer door. Jammer, want Glacier Point hebben we nog niet gezien en we willen nog een keer die rotsen beklauteren en nog een wandeling maken en... en... .en... Gelukkig doen we vandaag nog een stukje Yosemite; de Mariposa Grove in het zuiden, met de mega-sequoia bomen. Daar rijden we langs op weg naar ons hotelletje voor één nacht bij Kings Canyon National park.

 

Bomen, bomen en nog eens bomen
Maandag 29 juli 2013. Sequoia NP, Verenigde Staten.

Via Mariposa Grove (Yosemite) en Kings Canyon naar Sequoia National Park al waar we de grootste boom van de wereld gezien. Nou, die is inderdaad enorm! Om die reden zeg je eigenlijk ook niet dat je deze boom hebt gezíen, maar dat je 'm heb bezócht: de grote reuzenbomen dwingen veel respect af. Ook de op één na grootste boom van de wereld (in Kings Canyon) mag er wezen en eerlijk gezegd is voor een eenvoudige reiziger het verschil tussen de nummer één en de nummer twee niet te zien of te voelen. Als je probeert de top van één van de twee te bekijken, krijg je pijn in je nek en als je probeert langs de toppers te kijken, moet je even een shuffle maken. De grote vraag is dus: wat maakt een boom de grootste boom van de wereld? Is de hoogte bepalend, gaat het om de dikte, de breedte, de looks, of is het iets anders? Inderdaad, iets anders. Zoals Indi het zegt: 'als je alle bomen in een kubus perst, is de grootste kubus die van de grootste boom ter wereld: het gaat dus om de massa'.

En in Sequoia zijn massa's bomen en heel veel ervan zijn ook heel groot en mooi. Vaak hol van binnen, zodat je er doorheen kunt lopen als ze omgevallen zijn. Helaas mag je er niet in klimmen, dat is dan weer een minpuntje. Van de afgevallen takken kun je wel heel goed wandelstokken maken en uiteraard wapens. Dat laatste is Tomar zeer toevertrouwd. En dus gingen we gewapend met een enorme knuppel en een speer af van de main track, een wandeling maken waar we maar weinig mensen tegen zouden komen maar, volgens de ranger, wel kans zou zijn op een ontmoeting met een coyote. Fijn toch, zo'n vent in het gezin. Helaas zijn we geen coyote tegengekomen, wel weer een paar hele mooie dartelende hertjes.

150138 1375107130 500 (320x240)150138 1375107305 500 (180x240)

Al rijdend over de Sequoia Scenic Byway (schitterend, een absolute aanrader, zeker ook wat later op de dag!), is er veel te bomen. Bijvoorbeeld over de luister cd van King Arthur. Weliswaar speelt deze in Brittannië, maar zo kieskeurig zijn we nu ook weer niet: Engels is Engels. Het prachtige verhaal van de koning Arthur, de wijze Merlijn en de ridders van de Ronde Tafel laat zich ook goed 'vertalen' naar het heden, naar Nederland en naar al die situaties waar een strijd om de macht gaande is. En de vraag is dan: wie is wie? Wie is de koning aan wiens macht wordt getornd, wie is degene die subtiel maar steeds meer en meer de positie van de koning probeert te ondergraven, etc. etc. Kortom: dat brengt je zo duizenden bomen en schitterende uit (en in)zichten verder.

Bomen spelen ook een belangrijke rol in de luister cd van 'Hoe overleef ik mijn vakantie?'. Daarin wordt ook gehiked, zij het in Corsica, en leert vrijheidsstrijder Pierre, Jonas en Rosa de kneepjes van het overleven als je van een wandelpad naar beneden dondert. Uiteraard heb je een tak van een boom nodig om niet helemaal het ravijn in te vliegen en vervolgens heb je een boom nodig om een touw aan vast te maken waarmee je iemand weer omhoog kunt trekken. En zo is maar weer bewezen dat bomen toch echt de wortels vormen van ons bestaan!

Miljoenen bomen en twee luister cd's verder (ja, het was een lange reisdag, maar kniesoor...) kwamen we aan bij onze nieuwe bestemming: de Buckey Tree Lodge. Met de nadruk op Tree zullen we maar zeggen. Na een plons in het lekker warme zwembadje en uitzicht op de prachtige ondergaande zon, die de bomen aan de voet van Sequoia een prachtige rode glans geven, duiken we lekker ons bedje in en dromen we, dit keer in stilte, van al die bomen, bomen en nog eens bomen...

 

Tuben op de Kern River
Woensdag 31 juli 2013. Kernville, Verenigde Staten.

Slechts één nachtje sliepen we aan de voet van Seqouia National park. Best jammer, want we hadden een erg mooi plekje. De Buckeye Tree Lodge met klein zwembadje en een schitterende tuin aan de rivier met uitzicht op de rode bomen van Sequoia. Aanrader voor als je op doorreis bent in deze buurt. Door eindeloos prairielandschap de weg vervolgd naar Kernville. Bochtige wegen, roofvogels, squirrels die met gevaar voor eigen leven de weg oversteken, grote stieren in de bruine, kurkdroge prairievelden, hier en daar een rots, boom of cactus. Verzengende hitte als je een stap buiten de airco auto zet. Dit is cowboy-country. We houden onszelf anti-misselijk met nootjes en bananen en chauffeur Marleen wakker met dezelfde nootjes, bananen en cola. Het laatste uur maakt de prairie plaats voor eindeloze citrusfruit plantages.

Moe, warm en stoffig komen we vier uur later aan in Kernville. Een geweldig stadje zoals je dat in CSI ziet en waar dan een gevaarlijke lunatic in zijn truck moordend van staat tot staat tuft. Houten saloonachtige huizen, meer hamburgertenten dan supermarkten. Het heeft wel wat! Wat mensen komen doen in Kernville: naar de Kern River en naar Lake Isabella. Dit slaperige stadje is ook nummer één rivier-watersport-oord én fly-fish hotspot. Twee soorten bezoekers dan ook: grote Amerikaanse vissers die hun vangst op de speciale schrobtafels in één van de lodges klaar maken en dan op de barbecue gooien terwijl een hoogblonde mama de mega cola inschenkt. En Bondi-Beach achtige watersporters met de goeie outdoor kleding die raften, peddle surfen, kayakken en tuben op de rivier en het meer (mag je zelf kiezen waar bij welke twee groepen je ons indeelt, ha, ha). Veel watersportwinkeltjes dan ook tussen de hamburgertenten.

Onze kamer in de lodge is lekker ruim, vriendelijk, ze hebben gratis popcorn op de kamer (grappig) en is mooi gelegen. Alleen: suf, geen zwembadje. Had ik (Danielle) even niet goed opgelet bij het reserveren. Dat lijkt natuurlijk heel verwend (en dat is het ook), maar de hitte is hier zó immens, dat het wel even teleurgestelde blikken oplevert. Iets niet hebben maakt ook creatief, we besluiten snel de Kern River op te zoeken. Ozonshirts aan (anders zie je er binnen een uur net zo uit als die vissen op de barbecue) en plonzen maar. 's Avonds eten we bij een oer-Mexicaans tentje zalige taco's en fajita's.

Na een warme nacht en ontbijtje weer op naar de rivier. Play time! Tuben! Zwemvesten aan, waterschoenen aan, alle vier met een grote band in de truck die je helemaal up-stream brengt. Vervolgens mag je twee uur lang de Kern River afdobberen. Zo veel pret! Soms rustige stukjes waar je even aan de kant kan gaan om te zwemmen. Dan weer heftige stroomversnellingen waardoor je botst en beukt op de stenen rotsen, zonder dat het echt te veel pijn doet. Pret als er iemand vast loopt op een kei. En pret om de Amerikaanse kinderen (inclusief Papa) die met waterpistolen schieten op alles wat langs drijft. Ook stil genieten. Van uitzicht op de kurkdroge bergen, spierwitte reigers langs de oever, vlinders en libellen in alle kleuren.

150336 1375243992 500 (320x240)

Helemaal uitgedobberd naar ons kamertje, waar we bij het winkeltje tegenover frietjes en gefrituurde uienringen halen en deze samen met de bak popcorn lekker opeten. Kaarten, lezen en bloggen. Straks eten bij Cheryl's, waar het schijnt dat hoogblonde kauwgomkauwende serveersters de beste hamburgers in de streek serveren. En dan vroeg naar bed, want morgen willen we om acht uur bepakt en bezakt in de auto zitten voor de rit naar... Vegas!

Dallas, the continuing story
Gisteravond heerlijk bij Cheryl's gegeten: een echte simpele formica hamburgertent in de mega city of Kernville. Alleen de ons beloofde hoogblonde serveersters, waren inmiddels rood geverfd. Verder zijn we aan de weet gekomen dat Cheryl herself achtentwintig jaar geleden naar de Valley is gekomen samen met haar man Lanny en hun kinderen. Haar moeder woonde er al en werkte in een restaurant. Na twee weken in de Valley viel Cheryl in als serveerster en begon haar carrière buitenshuis én in de horeca. Lanny ontwierp vervolgens de zaak en de deal was dat Cheryl zich daar niet mee zou bemoeien als Lanny zich niet met het runnen van de zaak zou bemoeien. (Wij vermoeden dat dit voor Lanny een zeer gunstige deal was: het ontwerp van de zaak was niet heel hoogstaand en een eenmalige activiteit. Maar goed, beide waren happy met de deal). En zo geschiedde en was Cheryl's geboren.

Cheryl, van wie wij vermoeden dat ze toch al met pensioen is, hebben we niet gezien, maar haar kinderen (namen zijn bekend) hebben de zaak overgenomen. Ook de kleinkinderen (namen zijn bekend) werken er naast vele andere mensen (namen zijn bekend) uit de Valley, waaronder George die de vloeren schoonmaakt. Kortom: bij Cheryl's is het één grote familie en ook de klanten mogen tot de familie behoren! Dat laatste ging Tomar wat ver en ons eerlijk gezegd ook, maar het is fijn zo welkom te zijn.

De uitgebreide en intrigerende historie van deze 'vijfsterren' hamburgertent staat te lezen op de achterflap van het menu. Ik zal jullie verdere details besparen, maar als je wilt leren hoe je van niets iets kunt maken: ga naar Cheryl's! Overigens kun je ook naar iedere andere willekeurige tent: Amerikanen, die nu eenmaal gemeenschappelijke historie ontberen, proberen uit alle macht deze historie op te bouwen, ook op de achterflappen van menu's.

Dat brengt ons op de vraag wat we te weten zouden zijn gekomen als we cocktails hadden gedronken bij de 'Ewings'? Natuurlijk zouden we over de glorie verhalen over de ranch van Jock en Ellie hebben gelezen, wiens kleinzoon (jrjr) nu ongetwijfeld de zaak heeft overgenomen. En waarschijnlijk ook dat JR in deze cocktailbar als peuter zijn eerste whisky achterover heeft geslagen. Dat Bobby, de man van Atlantis, de eerste keer zijn vinnen heeft getest in de Kern River en dat Sue Ellen het brein is achter de receptuur van de meest succesvolle cocktails van deze cocktail bar.

Hoe het ook zij, wij weten zeker dat de Ewings een nauwe historische band hebben met de City of Kernville en dat hier ook de wortels liggen van de succesvolle soap. We hebben ook het sterke donkerbruine vermoeden dat na het afbranden van de ranch, de Ewings zijn teruggegaan naar daar waar hun roots liggen, dat de cocktails van wijle Sue Ellen, nog steeds gretig aftrek vinden in dit deel van Californië en last but not least dat de achterkleinzoon van Jock en Ellen het aan heeft met de achterkleindochter van Cheryl en Lanny.

Ghosttown Calico
En dan vandaag toch 'eindelijk' (met name Tomar en Indi hebben er enorm naar uitgezien) de dag waarop we koers zullen zetten naar Las Vegas. Dat is toch nog een uur of vijf rijden, dus vroeg op pad en al snel 'immer graden eindeloos aus'. Wel heel prachtig dat echte prairie landschap en ook leuk om langs Barstow te rijden, de locatie van een luister cd 'Gaten' die wij in Australië met veel plezier hebben geluisterd. Nu na een uurtje hadden we 'Stress in groep Zes': wat een vreselijk en totaal onverantwoord verhaal over pesten op school met vreselijke kinderen en vreselijke leerkrachten. Maar goed: met z'n allen de cd 'dissen' heeft ook weer wat.

150726 1375574241 500 (320x240)150726 1375574446 500 (180x240)

Als tussenstop hadden we gekozen voor een bezoekje aan de Ghosttown Calico: een oud mijnwerkersstadje in de middle of nowhere dat weer zo veel mogelijk in oorspronkelijke staat is opgebouwd. Vroeger werd er gezocht naar zilver en was het een welvarend plaatsje, maar toen de zilverprijs in elkaar zakte was het ook met Calico gedaan. Wel heel leuk om een stukje door een echte zilvermijn te lopen, om de saloon, het kantoor van de sheriff én een echte jail te zien. En een lekkere lunch met bloemvazen om uit te drinken en pelpinda's waarvan je de hulzen op de vloer mag smijten. Las Vegas, here we come!

 

The Las Vegas Experience
Vrijdag 2 augustus 2013. Las Vegas, Verenigde Staten.

In Zion zijn we nu aan het bijkomen van de Las Vegas Experience, want een experience it was! Het begon rustig en zelfs wat teleurstellend toen we na een lange rit Vegas in de verte zagen liggen. Een wat grijze helemaal niet zo'n grote stad, met op het oog niet zulke enorme gebouwen, zonder veel lichtjes, kortom: niets om erg enthousiast van te worden. De aanblik van Vegas overdag vanuit de verte is vrij saai en grijs.

Maar dat veranderde al snel toen we eenmaal Las Vegas Boulevard, ofwel The Strip op draaiden en koers zetten naar de piramide van het Luxor. Dan ziet het er al heel anders uit en toen we eenmaal het Luxor binnen stapten, wisten Tomar en Indi niet wat ze zagen. Letterlijk dansend van vreugde gingen ze door de enorme hal van de onderkant van de piramide, sloegen stijl achterover van de grote Egyptische beelden, dat het zó groot was dat zelfs een tentoonstelling over de Titanic en de expositie van Bodies, gewoon midden in het hotel, in het niet vielen.

150819 1375671955 500 (180x240)150819 1375672102 500 (320x240)

En dan natuurlijk het gokdeel: de enorme hoeveelheid speelkasten in alle vormen en maten (CSI, Monopoly, Elvis, fruit, etc. etc. ), de rijen met blackjack en roulette tafels, roulette en ga zo maar door. Dat hadden ze in hun stoutste dromen niet kunnen voorstellen! En spannend natuurlijk om langs al die gokdingen te lopen want onder de eenentwintig mag je niet spelen en mag je ook niet de indruk wekken dat je op een of andere manier (mee)speelt, dus dat betekent doorlopen tussen de lijnen. Dat was op zich al weer een ervaring (hoe snel moet je dan lopen en wat gebeurt er dan als je stil blijft staan?) maar helemaal toen we aan het einde uitkwamen bij een echte Starbucks, en even verderop nog één en een verdieping hoger nog één: drie Starbucks en dat allemaal in je eigen hotel! En dan hebben we het nog niet over het complete winkelcentrum op de eerste verdieping, de vele restaurants en natuurlijk de hoek voor de fast food ketens. En of dat nog niet genoeg is kun je met de lopende band (mind your step!) naar het buurhotel om daar vervolgens rustig verder te winkelen of wat je maar wilt doen: Vegas kent geen grenzen.

Maar voordat we er echt op uit gingen eerst maar eens alle spullen dumpen op de hotelkamer. Dat had Daantje natuurlijk weer perfect geregeld: op de 23ste verdieping, met uitzicht op de Strip, ook als je in het enorme bad (!) in de slaapkamer ging liggen of zitten. Maar niet alleen de kamer was bijzonder, ook de weg er naar toe: de liften zitten in de zijbeuken van de piramide en gaan dan ook niet recht maar wat scheef omhoog! Gelukkig konden we wel gewoon horizontaal slapen en dat hebben we dan ook flink gedaan.

The Las Vegas experience: gokken in het kindercasino
Zeker Tomar vindt dat er maar één goede reden is om naar Las Vegas te gaan en dat is om je helemaal gek te gokken. Indi is het daar overigens geheel mee eens. Ter voorbereiding is de gokdoos thuis de weken voor vertrek regelmatig uit de kast gehaald, is er gepokerd en geblack Jacked en schalde het 'Rien ne va plus' vanaf de kamer van Tomar of Indi door het huis. Voor ons vertrek naar Vegas heeft Tomar via You Tube nog een poging gedaan het cartcounting in de vingers te krijgen, maar dat is net niet helemaal gelukt. Volgens Tomar vooral vanwege de zwakke internetverbinding die het steeds op het moment suprême liet afweten. Wel hebben we een nieuw spel geïntroduceerd voor het casino namelijk Preuten. We hadden het zo bedacht dat als wij nu voor ieder potje Preuten in het casino één dollar zouden krijgen, we in een mum van tijd binnen zouden lopen. Aangezien met name Tomar veel meer wensen heeft dan hij ooit zal kunnen verzilveren (of het nu een Lambourghini of een tweede huis in Australië is), zou dat goed uitkomen. Helaas, de realiteit is nog anders en dus togen we met goede moet naar het kindercasino van Circus, Circus.

Wat Indi en Tomar van Daan en mij nooit zullen leren is gokken in het casino: ook nu hebben we weer, hoe saai, geen enkele dime vergokt ondanks dat we langs meer dan duizend kasten zijn gelopen. Wel leren ze de valkuilen van het gokken: het steeds maar weer proberen omdat het nu wel móet lukken en uiteindelijk het eeuwige verdriet bij een onbeheersbare drang naar meer. En dat het geen onzin is wat die mama's vertellen, hebben ze zelf in Vegas mogen ervaren. De prijs per gok varieerde van vijftig dollarcent tot maximaal twee dollar, alles te betalen in kwartjes. De prijzen variëren van een knuffel tot een knuffel.

Met allebei een zakje met heuse dollarkwartjes, gingen ze los op alles wat anders nooit mag. Zo moesten er knuffelbeesten met grijptangen worden gevangen: helaas geen enkele keer gelukt. En die kwartjes: foetsie! Dan maar indianen omver schieten: bij vier keer omschieten was een knuffel te verdienen, maar wat denk je: wel acht keer drie om geschoten en pas de negende keer ook de vierde: ja, dus wel een knuffel rijker, maar ook vele kwartjes armer. Het duurde dus niet lang eer beide gokkers het doorkregen: alles was er op gericht om je niet te laten slagen. Dus vooral doen met je kwartjes, wat je leuk vindt om te doen, want de kans dat je iets wint is heel klein. Tenzij je er natuurlijk eentje tussen had zitten met 'altijd prijs' en omdat het toch wel leuk is om met een zak vol knuffels (een banaan, een pratende sinaasappel, een paarse, blauwe en rode dobbelsteen, etc.) naar huis te gaan (zeker voor Indi is dat heel belangrijk) waren die uiteindelijk favoriet. En zo gingen we heel wat kwartjes armer, maar een grote ervaring rijker en met wel tien knuffeltjes erbij (waarbij het honderd dollar biljet van Benjamin Franklin de topper was: die van Indi heet Ben en die van Tomar Franklin (J)) zeer voldaan weer op piramide aan. Van alle opwinding sliepen de koters als roosjes, met hun neus lekker zacht op Ben en Franklin.

The Las Vegas experience: hotelhoppen
Wat in Las Vegas super leuk is om te doen (en wat moet je anders als je niet gokt) is kijken wat je nog meer niet hebt gewonnen. En dus hebben we uitgebreid hotelgehopt op de Strip tot we de blaren op onze voeten hadden. Het ene hotel is nog mooier dan het andere en ze proberen elkaar te overtreffen met nog spectaculairdere optredens. De Venetian is met zelfs een enorme kunsthemel en gondels door het hotel en fantastisch Italiaans ijs waarschijnlijk wel het meest bizar, maar allemaal zijn ze leuk om te bekijken en te beoordelen. New York, New York ademt ook echt de sfeer van de Big Apple uit, terwijl Paris met de IJffeltoren voor de deur, ja echt waar, weer geheel anders is. Afijn, ga zelf maar kijken want het is teveel om op te noemen.

Sommige hotels hebben we uitgebreid bekeken, inclusief zwembad en anderen hebben we quick en dirty gedaan en weer anderen hebben we getrakteerd op een bezoekje aan één van de vele restaurants. Indi en Tomar vonden het prachtig: hoeveel gekte kan er naast elkaar bestaan. En uiteraard weer in ieder hotel een enorme ruimte voor alle hoektafels, fruitmachines en het Colosseum (geen grap) van Ceasars Palace was zelfs in gebruik voor het wedden op paarden.

The Las Vegas experience: fridaynight strippen
En na ook nog het bezoek aan M&M World en Coca Cola (waar we alle Coca Cola drankjes van over de hele wereld hebben geproefd) brak al weer de laatste avond aan. We hadden het geluk dat dat vrijdagavond was en vrijdagavond is dé avond in Las Vegas. Inderdaad ook met de Friday night skate, maar vooral ook met een Strip vol beroemdheden als Elvis, Stevie, Mario, Spiderman, Sponge Bob, Dora, Hello Kitty, Frank Sinatra en ga zo maar door. En met veel straattheater. Naarmate de avond vorderde werd het drukker en drukker en op een gegeven moment deed het veel denken aan het verplaatsen in Hanoi (al is het daar nog altijd een graadje erger): werkelijk drommen mensen over de hele strip die voetje voor voetje mile na mile door slenteren. Uiteindelijk kwamen we wel aan bij onze doelen namelijk eerst bij de vulkaanuitbarsting bij hotel de Mirage (prachtig gezicht!) en daarna de dansende fontijnen van hotel Bellagio. De laatste vergezeld van een prachtig vaderlandslied (een soort 'Aan die Amsterdamse grachten' maar dan gericht op de USA) dat we uit volle borst mee blèrden. Het was een geweldige avond in een heerlijke temperatuur om nooit te vergeten: in het gemeenschappelijk geheugen van DTMI zal deze ervaring een bijzonder plekje krijgen.

Tips voor Las Vegas met kinderen/tieners
Neem een van de hotels op de Strip: je doet het maar één keer en het is echt de moeite waard.
1. Vraag bij reserveren om een kamer met uitzicht op de Strip en bij voorkeur ook hoog in het gebouw op een wat rustigere plek (dan heb je 's nachts geen last van gefrustreerde gokkers die uit de lift stappen en hun frustraties nog even kwijt moeten of zo).
2. Maak een keuze voor waar je op de Strip wilt zitten: de Strip bestaat grofweg uit vier delen. Circus, Circus bijvoorbeeld is het meeste een hotel voor kinderen en ligt aan het uiteinde van de Strip en ligt het dichts bij down town. Voor Freemont Street bijvoorbeeld ligt het gunstig. Voor de Strip zelf ligt het wel wat afgelegen van waar de fun is op de Strip. Ongeveer in het midden allemaal vrij dicht bij elkaar liggen Venetian en Caesars Palace: dit is de wat duurdere area: de hotels zijn schitterend maar wat killer naar onze smaak. Dan komt er een plukje MGM, Paris, New York New York, allemaal prima te doen alleen iets minder uitgesproken in stijl (behalve New York New York) maar weer wel tegenover M&M World en Coca Cola en MGM heeft bijvoorbeeld de meest fantastische shows en in New York New York kun je zwemmen 'met haaien'. Tot slot is er een groepje Mandal Bay, Luxor, Exalibur.

Wij vonden Luxor ook achteraf gezien een heel goede keuze: er is veel te doen, heeft veel zwembaden, is rechtstreeks verbonden met de andere hotels in de buurt, dus met kleinere kinderen kun je je prima een tijdje vermaken. Fijn is vooral, ook voor de kinderen, dat het niet moeilijk is om je te oriënteren in een piramide: het ding heeft aan de grond toch echt maar vier hoeken en alles komt bovenin samen in één punt, dus zelfs al heb je nul richtinggevoel, het kan maximaal drie keer mis gaan. Ook is het vanuit het Luxor goed te doen om lopend (zelfs overdag maar zeker ook 's avonds) tot aan de Venetian te gaan. Enige nadeel was dat er geen wifi was (wel internet verbinding via de telefoonkabel maar die paste niet op onze computer) en geen telefoonverbinding voor de mobiel (behalve vast op de kamer gratis door heel Amerika maar daar hadden wij niet zoveel aan). Wel even irritant, maar aan de andere kant ook prima om twee dagen helemaal onder te dompelen in Vegas.

1. Neem voor de wat grotere afstanden de bus die heen en weer rijdt over de Strip: met een dagkaart kom je van Luxor tot Freemont Street en kun je eindeloos heen en weer of tussentijds uitstappen. In de spits doe je er wel wat langer over maar who cares: zeker als je veel hotels gehopped hebt ben je blij dat je zit! Wil je sneller dan kun je ook met de monorail (een taxi gaat net zo snel als de bus): deze gaat alleen maar ongeveer tot halverwege de Strip vanaf Luxor (en komt dus niet aan bij Circus, Circus en Freemont Street).
2. Zorg dat je op tijd aan komt: je kunt je kamer in vanaf drie uur 's middags (iets eerder is uiteraard meestal ook prima) en dat bleek een gunstige tijd. We konden zo doorlopen terwijl aan het einde van de middag, ondanks de hoeveelheid balies die open waren, er een flinke rij stond.
3. Als het kan, zorg dan dat je niet op vrijdag aankomt: dat is echt de topdag en de drukte is dan ook groot, te beginnen bij het verkrijgen van een karretje, bij Valet parking en vervolgens bij de balie. Dan baal je van al dat wachten want je wilt los!
4. Als het kan, zorg dan wel dat je een vrijdagavond er bent en ga dan vooral de straat op: een grote show op de strip, daar kan geen theater tegenop. Echt heel gezellig en super om een keer mee te maken.
5. Vegas is plastic fantastic maar om er echt even helemaal in onder te dompelen is het wel aan te raden om drie nachten (dus twee volle dagen) te gaan. Dat is dan ook genoeg en weet je zeker dat je er voorlopig niet meer heen hoeft (J).
6. Besteedt niet teveel tijd aan het zoeken van de bijzondere eettentjes: zeker op de strip is de keuze eindeloos en op zich is niets uniek. Je kunt prima een keer Mexicaans, Chinees en Fast eten, desnoods een keer op de kamer om een rustmomentje te creëren. Voor zes uur is het wel aanmerkelijk rustiger dan daarna: alles komt stoomt zo rond zes uur half zeven uit, zeker ook omdat heel veel voorstellingen om half negen beginnen. Dan zijn de rijen dus echt lang.
7. Heel veel hotels hebben een soort kindercasino, maar veruit de beste en leukste die wij hebben gezien is die in Circus, Circus: zeer de moeite van de trip waard. In de andere hotels is bijna alles geautomatiseerd, terwijl in Circus Circus het kindercasino het gokken een beetje het midden houdt tussen een casino en de kermis.

 

Fietsen in Zion
Maandag 5 augustus 2013. Zion NP, Verenigde Staten.

Wat was Vegas fun! Nagenietend en luid zwaaiend naar de piramide, alle mooie hotels, De Strip en alle gekte zoeven we weer de snelweg op. Temperatuurtje: 44 graden. Dat brengt ons wel even op de keerzijde van de fantastische Vegas Experience; wat een te erge ecologische footprint laat een ieder, en wij dus ook, achter in twee dagen Crazy Vegas. Midden in de Desert zo'n pretpark bouwen... Ja echt, we hebben het geprobeerd, gewoon op straat lopen in Las Vegas overdag. Té warm; 47 graden met brandende zon en warme woestijnwind. Het gáát gewoon niet. 's Avonds wel: de hele Strip afgelopen!

Om maar wat te noemen: denk dat we zo'n veertig plastic bakken voor het eten hebben verbruikt, evenzoveel bekers cola en Starbucks koffie. En dan daarbij de zwembaden, airco die standaard op temperatuur waar-is-mijn-vestje staat (en dan gewoon geen deuren in de casino's, zodat de straat ook lekker koel is), sproeiers met koude waterdamp overal bij de bars en zwembadbalies, rollercoasters, automaten, lichten, roltrappen, walk-ways (rolbanden), schuine liften in piramides, een bad in je slaapkamer waar het halve kleuterbadje van het zwembad in Soest in past, en last but not least een open, doch overdekte en airco hele straat, Freemont Street. Geen vezeltje groente hebben we gegeten (op die ene Starbucks banaan na dan...), geen beker drinken zonder prik gedronken. Hoe lang kan dit nog bestaan...

Back to nature dus en een zucht van thuiskomen gaat dan ook door ons heen bij aankomst in Zion. Al die schoonheid komt ook weer binnen: rotsen in alle kleuren op de scenic highway (en dat als je er op klopt het ook echt steen is en geen plastic) en tenslotte rood, felrood, hoog en majestueus Zion. We hebben een fantastisch plekje: de Driftwood Lodge. Een lodge aan de voet van de park entrance met ruime ecohotelkamers met terras met uitzicht op de rode rotsen. Een klein strandje met een rivier voor de deur, kolibries in de tuin en overal hagedisjes. Zelfs vanaf het zwembad heb je uitzicht op de rode rotsen. De auto kan je hier laten staan; er rijdt een gratis shuttlebusje naar de ingang van het park en naar de leuke kleine winkeltjes en restaurantjes in de ene lange straat. De middag brengen we dan ook door met staren naar de mooie rotsen, boekje lezen op ons terras, beetje de straat op- en neer lopen en zwemmen. In een zalig restaurantje gegeten; mmm artisjok-spinaziedip en humus met lekker brood. Maar vandaag... tijd voor actie.

150825 1375673074 500 (320x240)

Bij de fietsverhuur vier mountainbikes gehuurd (inclusief de verplichte helmen natuurlijk) en Zion in gefietst. Nu hadden we gehoord dat de beste manier om dat te doen zou zijn om met de fiets in de shuttlebus te stappen (dat kan, ze hebben een drager) en je dan naar de top te laten brengen en dan downhill af te dalen. Maar volgens de mevrouw van de fietswinkel kon je ook best uphill fietsen. Wist zij veel dat we uit plat Holland komen en geen colletjes gewend zijn. Dus vals-plat zwoegend en zwetend, maar ook genietend van het werkelijk prachtige Zion de berg op. Voor Indi was het na anderhalf uur in 43 graden genoeg. Met Indi ben ik dus lekker downhill teruggefietst en zijn we in het zwembad geplonsd. Tomar en Marleen zijn helemaal tot de top gegaan om vervolgens in precies één uur naar beneden te zoeven. Gaaf en echt een aanrader om te doen hier!

Belangrijke tip: zorg dat je meer dan genoeg water/vocht bij je hebt en iets te eten. Weliswaar kun je halverwege, bij de Zion Lodge bijtanken, maar zonder vocht kom je daar nooit aan.

 

Schoolkamp
Vrijdag 9 augustus 2013. Antimony, Verenigde Staten.

Yiihaa, forget Terschelling, Simbo kampen, scouting, zeilkamp, kloostersabbacticals, sapweken, het Licht en Lucht kamp... wij zijn op het Rockin R Range kamp bij de Mormonen. That means discipline dear!

Gisteren door het prachtige Bryce (gaan we nog een dagje heen, dus later meer daarover) naar Antimony gereden, een dorpje met honderdvijftig inwoners, drie kerken en een supermarkt annex tankstation. Op zoek naar de Rokin R Ranche, voor wat cowboyactiviteiten, beetje paardrijden en spare ribs eten. Dachten we...
Bleek dat we ons hadden opgegeven voor vier dagen meedogenloos regime geleid door enthousiaste Mormoon-jongelingen die zichzelf wranglers noemen. Een cowboy bezit cows en een range, een wrangler is iemand die heel goed kan paardrijden en de cattle over de ranche kan drijven en die zich verhuurt aan een ranche eigenaar. Bij de Rockin R Range werken wranglers uit de omgeving en uit het zuiden een jaar of langer op de ranch, die wordt geleid door R.

Oké, de basics: we kwamen binnen. Niks niet even acclimatiseren, maar koffers op de ietwat kleine Spartaanse kamer gedumpt en hop, op naar het planbord. We zijn hier namelijk een kleurtje groep (wij zijn de groep oranje, samen met de Risk familie) en hebben ons eigen rooster. Dat staat elke dag op het planbord. Rooster bij aankomst: 13.00 uur lunch, 14.00 uur boogschieten, 16.00 uur family-time (ja, ja, ze houden rekening met ons...), 17.00 line dancing, 19.00 diner, 20.00 uur kampvuur. Rooster vandaag: 8.00 uur ontbijt, 9.00 horse trail ride door de bergen, 11.00 paardrijles in de bak (arena), 13.00 lunch, 14.00 family-time, 16.00 tuben in de rivier, 17.30 line-dancing, 20.00 band evening (met ongetwijfeld cowboy- en kerkliederen).

151005 1375825154 500 (320x240)151005 1375825333 500 (180x240)

Ons rooster voor donderdag hebben we nog niet, maar we moeten nog kids craften, cattle driven, haywagen ride maken, hiken, hoefijzerwerpen. En in je family time of in de spaarzame andere minuutjes kan je ook nog oefenen met lassowerpen. Wiebelend op een grote ton, vastgemaakt aan vier touwen kan je over een nepbuffel lasso werpen. Of je aan een touw in het kleine meertje zwiepen, of kanoën op het meertje, of op het klimtoestel spelen, of de dieren mee voeren, of je bekeren tot het Mormonen-dom en de boeken lezen die op het kerkorgel liggen uitgespreid, met daarbij het boek van Mormon (een soort laatste evangelist) in alle talen (ook in het Nederlands) lezen.

De echt niet lekkere maaltijden uit de grote bakken (koud geworden dikke plakken ham, wentelteefjes, macaroni met cheddarkaas, vage kip) gaan er dan ook in als koek met zo veel activiteit. Alcohol is er niet (Mormonen hé). Kaarten mag wel maar niet om geld. Cola kan je wel krijgen, maar eigenlijk is het de bedoeling dat je citroenlimonade uit een grote ton drinkt.

Je snapt dat alles in ons in opstand kwam bij deze déjà vu van een groepsreis en het zien van het planbord en we elke ontsnappingsroute zowel mentaal als fysiek hebben uitgeprobeerd. Beetje schuiven met het rooster, wat wisselen om samen met een andere Nederlandse familie in één groepje te komen, kaarten met tandenstokertjes als fiche, theebekertje jatten zodat je al voor het ontbijt koffie kunt drinken. Maar verder dan deze paar obstinate uitingen zijn we niet gekomen, want ondanks vies eten, Spartaanse kamer en weinig montessoriaanse eigen regelruimte is het potjandorie ontzettend leuk op de Rokin R Range.

Boogschieten met de Risk family was fun. Pa Risk, een enorme patriach uit Palm Springs vroeg waarom we geen Deens spraken, want dat lag toch vast aan Nederland. Bij het kampvuur vertelde cowgirl Melany ons tussen 'sweet cheryo, He will guide you home' ons de legende van Antimony. Hoe in dit out-lawstadje van criminelen van elders aardappelen werden verbouwd. En er nog één grizzlybeer over was, met de naam Brutus, die elke avond jacht maakte op het vee van de boeren. Iedereen schoot op Brutus, maar hij vluchtte steeds weer terug de bergen in. Toen namen de boeren hem te grazen in een jacht, maar niet nadat Brutus een paar boeren had verorberd. Uiteindelijk lag Brutus geveld en wel over het paard. En bij het villen ontdekte ze wel 32 kogelgaten in de beer. Dat was de laatste grizzlybeer in Antimony. Nu leven er alleen nog een paar bruine beren en heel veel coyotes. Op coyotes schieten staat nog steeds een prijs. Je krijgt vijftig dollar voor twee afgesneden coyote oren van de sheriff.

Om negen uur vanochtend zaten we allemaal, ja allemaal, ook Tomar en Marleen die dat eigenlijk niet van plan waren, opgezadeld en wel on the horse en hebben een prachtige rit gemaakt van twee uur door de velden, langs de koeien, door beekjes heen. Echt gaaf. Begeleid door een cowgirl voorop en door Coltwel naast ons. Coltwel is een prachtige wrangler van een jaar of twintig. Een nicht als een paard (hoe toepasselijk) met zilveren clip aan zijn belt, rode zakdoek, ruitjeshemd en cowboyhoed die zo mooi kan paardrijden dat je instant verliefd op hem en zijn paard bent. Zou Coltwel 'het' zelf al weten of staan hem nog wat zware jaren te wachten in Antimony? Lekker gekletst met hem. Volgende week is hij een weekje vrij want dan gaat hij op... cheerleaderkamp. Hij legt me uit dat in Utah boys ook cheeren; hij doet de tumbling and lifting. Wat we als Europeanen altijd als vooroordeel hebben over Amerikanen blijkt echt waar: ze weten echt niks van Europa. Zijn heel verbaasd dat we allemaal verschillende talen in onze staten spreken...

Nadat we allemaal met pijn in de kuiten, enkels en spieren aankwamen bij de ranch mochten we eventjes plassen en wat drinken en toen hup... het zadel weer in voor de Arena Lesson. In een grote bak rondjes rijden en je skills oefenen. Niks niet in een rijtje, maar lekker door elkaar onder het toeziend oog van de meesterlijke cowboy die je écht de kneepjes van het vak leert. Ik (Danielle) vond het super om weer vertrouwen op een paard te krijgen en de Engelse stijl een keer te verwisselen voor western riding. Indi vindt paarden nog zó lief dat ze moet leren wat harder op te treden als ze niet doen wat ze wil (wordt nog een lesje aan gewerkt morgen), Tomar ging lekker voor een eerste keer en Marleen deed het verbazend goed. Het leukste: in de bak liepen ook koeien rond, die je op je paard moest proberen van de ene kant van de bak de andere op te drijven. Dat vinden die koeien best, zijn het gewend, gaan ze gewoon ergens anders grazen. Een hele kunst nog...

Nu dus even family-time, na de koude macaroni met kip. Tijd voor een blogje dus. Tomar en Indi spelen met Sabine en Sander, twee andere Nederlandse kinderen hier. Strakjes tuben, dan line-dancen en op naar de band-evening. Hoezo vakantie...

En, wie rijdt er op een paard door de prairie?
Zoals al voorspeld door Danielle, was er op de farm geen tijd voor een blogje. Maar wat hebben we het leuk gehad, wat zijn we gaan houden van de prairie en wat zijn we gaan houden van het leven op de Rocking R Ranche! Vooraf hadden we gehoopt dat ons verblijf van vier nachten (dus voor ons doen heel lang) op de ranche, eenzelfde piekervaring zou opleveren als die we hadden op de sheepfarm in Australië: Vier dagen helemaal uit de nationale parken en de Amerikaanse steden, terug naar het platteland en in dit geval ergens op de prairie in Utah. Da's wel even schakelen, maar ook nu zijn we heel blij dat we hiervoor gekozen hebben (en dus ook gekozen hebben om andere ook hele mooie parken niet op te nemen in deze reis). Want vier dagen had wat ons betreft ook vijf of zes dagen mogen zijn, zo leuk was het en zo gewend raakten we aan het leven op de ranche.

Fysiek was het voor ons behoorlijk zwaar: als je nooit op een paard zit en dan van de een op andere dag opeens minstens drie uur per dag: dat ga je voelen! Letterlijk hebben we de blauwe plekken op onze benen en billen! De eerste trailride met Coltwell was leuk, door de weilanden, door de slootjes, langs de Ottercreek (waar sinds de naamgeving van aan de creek nooit meer een otter is gesignaleerd!) en door verschillende groepen koeien met ook een dikke vette bull.
Maar bij de tweede trailride werd het echt spektakel: toen gingen we op pad voor een drieëneenhalf uur trailride met lunch samen met de Risk family into the mountains. Een fantastische rit, met behoorlijk stijgen en dalen langs de bergwanden (voor ongeoefende paardrijders wel even slikken) en uiteindelijk uitkomend bij rotspartijen waaraan weer te zien was dat we in de buurt van Bryce en Zion zaten.

Met de Risk family was het dolle pret: Pa Risk maakt de hele dag foto's en de vier kinderen en vrouw Heidi zijn hier geheel aan gewend en gaan regelmatig gewillig klaar staan. Ma Risk is General Manager van de meest vooraanstaande golfclub van Amerika en dus gewend om leiding te geven en om te gaan met mensen met veel te veel geld. Zij managet dan ook de familie en laat Pa (succesvol zakenman, maar inmiddels met pensioen, lees 'binnen') binnen grenzen zijn gang gaan. En zo hebben we met Pa hele discussies over het socialistische Nederland waar drugs volgens hem vrij en gratis (!) verkrijgbaar zijn omdat de regering deze betaalt (!), spreken we met Heidi over Obama Care en klimmen zoon Tray (vijftien) en Tomar naar boven op de rotspartij en ontmoeten daar een kleine maar heuse slang. En last but not least werden we op deze prachtige tocht begeleid door niemand minder dan, ja nu komt die, Dallas! Ja heus, we hadden onze eigen Dallas, een echte wrangler uit St. George, die ook nog eens heel leuk en mooi is. Je snapt, we hebben genoten (J)!

De laatste en moeilijkste rit ging dwars door de heuvels min of meer parallel aan de ranche. Omdat we die dag ook naar Bryce zijn geweest was deze rit aan het einde van de middag, waardoor het licht prachtig was. Deze 'afscheidsrit' was speciaal voor ons georganiseerd en het was wel heel bijzonder om zo met zijn viertjes (onder leiding van Nikeya) als toch inmiddels redelijke ruiters door de prairie te gaan. In Laos hebben de olifanten onze harten gestolen, in Utah zijn het toch echt de paarden.

Overleven op de prairie
Om op de prairie te overleven moet er uiteraard meer gebeuren dan alleen mooie trailrides doen. Iedere dag oefenden we dan ook nog een uur op de paarden in de arena om ze goed te kunnen sturen en indien nodig ook te kunnen helpen bij het drijven van het vee. Verder hebben we geleerd hoe je met een lasso moet gooien en dat als je de koe dan eindelijk hebt gevangen je 'm snel moet binnenhalen om je 'hamburger' veilig te stellen. Samen met een andere Nederlandse familie hebben we met de grote baas Brandon op de bok en weer met Dallas (dit keer met gitaar) op de hooiwagen door het dorp gereden, want ook dat hoort erbij: enkele dagen per jaar is er feest en dan worden de paarden voor de hooiwagen gespannen. En dus gingen we al zingend door de straten en hebben we gehoord dat Patty Brard c.s. met het programma 'Echte meisjes op de prairie' ook de ranche hebben bezocht! We schaamden ons natuurlijk dood, maar het maakte veel goed dat we series als Bonanza, Dallas, het kleine huis op de prairie, etc. etc. kenden.

De laatste avond zaten we, weer met Dallas (J) bij het kampvuurtje en luisterden we naar mooie cowboyliedjes, onder andere over de lokroep van de coyotes. Een prachtig lied over een cowboy die verloren is geraakt tussen de auto's en het asfalt en pas weer gelukkig wordt als hij terugkeert naar de prairie en het gehuil van de coyotes hoort. De romantiek van het leven op de ranche wordt ook door de jonge generatie zo ervaren en met veel respect bezongen.

Romantiek is mooi, maar het echte leven op een ranche is ook hard. Als 'klap op de vuurpijl' hoorden we van de Risk family dat je ook kon (kleiduiven, stenen diskjes) schieten. Overleven op de prairie zonder wapens gaat nu eenmaal niet. Tomar had al gezien dat alle wranglers een heel goed mes aan hun riem hadden hangen, maar over schieten was wel gesproken (denk aan de grizzly beer) maar hadden we verder nog niet mee gekregen. Dat werd nu anders. Danielle dacht dat we zouden schieten met een luchtbuks of zo, maar niets was minder waar. Brandon bracht Tomar en mij ergens naar een heuvel enkele miles van de ranche. Daar installeerde hij het apparaat dat de kleiduiven zou afschieten en vervolgens toverde hij een heuse shotgun te voorschijn! Geen nepper maar een echte en die dingen zijn veel zwaarder dan dat je zou denken.

Nadat hij had gevraagd hoe vaak we al hadden geschoten (en heel verbaasd was dat het antwoord 'nog nooit' was) kregen we een korte instructie: hoe je de veiligheidspal moest ontgrendelen, hoe te richten en hoe te zorgen dat je de gun zo stevig stegen je schouder klemt dat de terugslag niet te groot is. En dat laatste is geen flauwekul: de volgende dag hadden zowel Tomar als ik een flinke blauwe plek op onze arm en dat is heel normaal!

Maar goed, Tomar ging voor zijn eerste serie van vijf schoten en guess what? Hij knalt alle vijf de bordjes de lucht uit! Brandon werd er spontaan helemaal stil van. Daarna mocht ik en gelukkig voor Brandon schoot ik er geen één raak (ik denk dat we hem anders hadden moeten wegdragen), hoewel het steeds maar net mis was. Afijn, we hebben in het totaal vijftig schoten gelost en allebei heel veel bordjes geraakt. Brandon putte zich uit in complimenten: hij gaf toe dat hij van te voren had gedacht dat we er niets van zouden brouwen en na tien schoten wel klaar zouden zijn. Maar dat we al zo tot ranchers getransformeerd zouden zijn, had hij niet verwacht. De volgende dag heeft hij het ook nog eens vol verbazing aan de Risk family verteld. Tomar en ik blaakten uiteraard van trots, maar deden er non verbaal cowboy nonchalant over, want dat hebben we inmiddels ook geleerd (J).

Bryce national park
Vanaf onze ranche was het slechts een uurtje rijden naar Bryce: we hebben dan ook een groot deel van onze derde dag op de ranche aan Bryce besteed (en ons programma werd gewoon wat later op de dag gezet en dan alles aansluitend (J). Bryce is, zoals iedereen al had aangekondigd, onbeschrijflijk mooi. Veel woorden maken we er dan ook niet aan vuil. We zijn, op aangeven van de onvolprezen Lonely Planet, achteraan de scenic drive begonnen (dan heb je de afslagen voor de viewpoints aan de goede kant van de weg). Eerst een korte hike, daarna een paar stops en vervolgens nog een langere hike echt naar beneden tussen de rotsen. Onbeschrijflijk mooi en indrukwekkend.

151325 1376157309 500 (320x240)151325 1376157090 500 (320x240)

Tips voor VS reizigers:
Zoals je leest vonden wij de Rocking R Ranch super. En een hele goede plek om van daaruit Bryce te bezoeken. De lodging bij Bryce zelf is duur en niet zo mooi. Er waren mensen die eerst op de ranche twee dagen zaten en toen twee dagen in Bryce hadden geboekt. Die hadden spijt. Je rijdt vanaf de ranch in vijftig minuten naar Bryce, dus zeker met kinderen een heerlijke plek om wat langer te blijven en vandaaruit Bryce te bezoeken.

 

Via Little Hollywood naar de Grand Canyon
Maandag 12 augustus 2013. Grand Canyon, Verenigde Staten.

Met spijt in het hart hebben we afscheid genomen van de ranche, de paarden, van Brandon en de wranglers en natuurlijk van de Risk family. Op naar Grand Canyon, die we natuurlijk ook wilden zien. We hadden een lange rit voor de boeg, maar door het prachtige prairielandschap van Utah en Arizona was dit zeker geen straf. Onderweg kwamen we toevallig langs Kanab. Hadden we nooit van gehoord, maar bleek ook wel te heten: 'Little Hollywood'. Dit omdat heel veel van de beroemde westerns hier zijn opgenomen.

Kanab is een klein stadje en vergelijkbaar met Hobbiton in New Zeeland. Zoals Hobbiton groot geworden is door de opnames van Lord of the Rings, is Kanab groot geworden van de westerns. Voor achttien dollar per dag figureerden de inwoners desgevraagd als cowboy of indiaan en floreerden de horeca en de hotels. Tot op de dag van vandaag is dat het geval: nu niet meer vanwege de opnames maar wel vanwege de herinneringen daaraan. In een klein museum staan nog enkele decorstukken die veel werden gebruikt. Kanab was echt fun.

Uiteindelijk reden we aan het einde van de middag het nationaal park van de Grand Canyon binnen. Niet gepland (hadden een omleiding) maar wel gewenst, kwamen we via de west-ingang binnen aan het begin van de scenic drive. Dit bleek een schot in de roos (en dus aanrader voor iedereen die de canyon bezoekt!). We hebben met het mooie licht van de namiddag tot aan zonsondergang alle viewpoints van de indrukwekkende Grand Canyon kunnen bezoeken. Groot voordeel was ook dat het relatief rustig was en dus was er alle gelegenheid om de auto te parkeren en meer dan genoeg ruimte om van de schitterende uitzichten te kunnen genieten. En zo werd ook deze lange rijdag een topdag eindigend in de heerlijke bedden van ons hotel net buiten het park en heel dicht bij het vliegveld.

Hoe groot is de Grand Canyon?
De Grand Canyon is in ieder geval zo groot dat er geen enkel punt bestaat waarop je de gehele Canyon kunt overzien. Van ieder view point zie je dus een stukje van de machtige canyon. Op ieder moment van de dag is de canyon ook weer anders, niet qua vorm, maar wel qua kleur en diepte die je kunt zien. De mooiste tijden zijn uiteraard met zonsopgang en zonsondergang. Wij hadden dus veel geluk dat we het National Park inreden aan het begin van de avond en dus het mooie licht van de zonsondergang (om negen uur is het hier donker) erbij cadeau kregen. Maar een indruk van hoe groot de canyon eigenlijk is, hadden we nog niet echt.
De enige manier om iets meer van het geheel van de canyon te kunnen zien is vanuit de lucht. En daar gingen we dan: Tomar, Indi en ik (Marleen) want Danielle heeft teveel hoogtevrees om van een helikoptervlucht te kunnen genieten. En dat was spektakel! Voor Indi was het de eerste keer in een helikopter, Tomar en ik hebben eerder in een Lelycopter (helicopter bij Lelystad) een vluchtje gemaakt. Indi was toen nog heel klein (een jaar of twee) maar tot op de dag van gisteren, was ze niet vergeten dat Tomar wel mee mocht en zij niet.

151378 1376231034 500 (320x240)151378 1376231302 500 (320x240)

Nou, die frustratie hebben we dan ook opgeruimd. Want pontificaal, naast Josh de piloot, zaten Tomar, Indi en ik op de eerste rij (sorry Fransen, volgende keer jullie (J). En daar gingen we. Eerst een klein stukje recht omhoog, dan even stilhangen en zwaaien naar Daantje, en hopla en route. Wat is zo'n helikopter toch een machtig mooi en leuk ding. Het is net een luchtfiets: lekker beweeglijk, reageert direct, is licht en blijft dus wat hobbelen alsof je over een weg rijdt, gaat niet heel hard, waardoor je veel contact houdt met je directe omgeving. Het enige grote verschil met een luchtfiets is een helikopter veel lawaai maakt. Met elkaar praten onderweg is er dus niet bij: we hadden allemaal een mooie koptelefoon op waaruit de eerste minuten Bob Marley galmde met 'Don't worry, about a thing'. Je begrijpt, om rustig van te worden. Nou, Indi en Tomar schieten spontaan in de swingstand en dus vlogen we met de duimen omhoog en de heupen opzij over het stukje bos dat het vliegveld van de canyon scheidt.

En langzaam maar zeker komt de canyon dan in beeld: de muziek krijgt een heel spannende ondertoon, et voila: daar is ie dan in al haar schoonheid! Het geeft een heel nietig gevoel om over zo'n indrukwekkende en grote canyon te vliegen. Bij de alle andere nationale parken heb je nog het idee dat je het kunt bevatten en er deel van kunt uitmaken: uiteraard zijn die ook groot, maar die zijn voor je gevoel op te knippen in kleinere stukjes die je dan kunt 'doen' en je eigen kunt maken. De Canyon, is de Canyon: het voelt als één groot prachtig kolossaal ding, dat de mensheid overstijgt en waar de mensheid op geen enkele manier ook maar vat op krijgt of kan krijgen. Zelfs als je in een helikopter boven de canyon hangt, zie je nog maar een deel van de canyon al krijg je wel een veel beter beeld van de diepte en de grootsheid dan alleen vanuit de view points. Na een half uurtje met veel oh's en ah's en ook buitengewoon veel vliegpret, keerden we helaas weer terug, al was ik eerlijk gezegd ook weer blij dat we veilig en wel terug waren bij onze Daantje (J), naar wie we vanuit de lucht al weer konden zwaaien.

Een andere manier om de canyon te beleven, is vanuit helemaal vanuit de andere kant: de andere kant van de canyon dan waar wij zaten en niet vanaf de bovenkant, maar de onderkant. Dat kan als je gaat raften op de Collorado River. Hoe dat er ongeveer uit kan zien, hebben we in de middag bekeken in het IMAX Theater, waar een prachtige film van een half uurtje draait van National Geographic over de ontdekking van de canyon. En één ding is zeker: als we nog een keer gaan, dan doen we de Grand Canyon via de Collarado River (J)!

Nog weer een andere manier om de canyon te beleven is op de bowlingbaan en in het zwembad en de spa. Overal hangen de vergezichten van de canyon en op de bowlingbaan worden na iedere worp zelfs filmpjes gedraaid, bijvoorbeeld over hoe een heuse tyrannosaurus rex de kegels vertrapt! En dat bracht ons weer terug naar Platvoetje en zijn vriendjes, waar bij Tomar en Indi het verlangen naar het zien van de Grand Canyon uiteindelijk is begonnen.

 

Get the kicks on Route 66!
Dinsdag 13 augustus 2013. Route 66, Verenigde Staten.

De wens van de mamma's was niet alleen om Castro Street in San Francisco een eerbetoon te brengen, maar uiteraard ook over de historische Route 66 te rijden: de weg die het westen en oosten van de VS met elkaar verbindt, waar de hippies zich al dan niet op de motor op hebben uitgeleefd en waar vele romantische songs aan zijn gewijd. Wij hebben Route 66 opgepakt bij Flagstaff en zijn via Flagstaff op weg gegaan naar Los Angelos (in totaal nog zo'n achthonderd kilometer door Arizona en Californië). Tomar en Indi vonden het allemaal wel best al snapten ze niet waarom wij er ons zo op verheugden. Maar als het nodig is om die weg te nemen om bij LA te komen, prima: ieder z'n ding. Van Marie Louise hadden we gehoord dat er ook een heuse Route 66 radiozender bestaat, even zoeken, en raak! Dank Marie Louise!

Route 66 is vooral veel lekkere nostalgie en een hele lange mooie, lange weg waar je uren over kunt rijden zonder dat je veel andere weggebruikers tegenkomt. Zeker tegen de namiddag is ie bijna uitgestorven. Wat met name dan heel leuk is en ook een prettig idee, is dat je langs de weg op de meest onherbergzame plekken (daar waar je zeker aan het einde van de dag geen lekke band wil krijgen) van die stapeltjes stenen ziet staan: het teken dat reizigers aan elkaar geven: 'Ik was hier ook!' (Minder plezierig zijn de houten kruizen die er ook te vinden zijn met in feite dezelfde boodschap alleen met de toevoeging 'en ben niet meer weggekomen...'. Gezien het materiaal kunnen deze kruizen niet van de indianen afstammen, maar kniesoor die daar op let).

151549 1376414027 500 (320x240)151549 1376414052 500 (320x240)

Zoals gezegd begonnen wij bij Flagstaff aan onze Route 66 kick en na een mile of vijftig reden we langs een piepklein plaatsje met allerlei oude Route 66 herinneringen: muurschilderingen op wat gebouwen die er nog stonden, oude auto's, ook een heuse Elvis pop, een oude wc en een barretje waar je hamburgers en patat kunt krijgen omgeven door wanden met vele, vele visitekaartjes die bezoekers daar hebben achtergelaten. En leuk zijn natuurlijk ook de oude hippies, die er ronddwalen met hun oldtimer of hun motorbike. Hoewel natuurlijk toeristisch gemaakt, kun je je toch de sfeer en de verbondenheid voorstellen van de avonturiers van destijds.

Na in Kingman de hamburgertent gezien te hebben waar ook Oprah van heeft gezegd dat ze daar de beste hamburgers van Amerika maken, zijn we verder doorgereden richting het oude goudmijnstadje Oatman. Alleen al the scenic drive er naar toe is fantastisch: de oude route 66 dwars door de bergen tot aan Oatman kronkelt lekker door tot aan het stadje dat volop in bedrijf is, zij het niet meer men golddiggen (al zijn er nog wel enkele die het niet opgeven). In Oatman hadden we gehoopt op een echte western schietshow, maar helaas, de aangekondigde voorstelling in de Lonely Planet van kwart over drie was niet meer: kwart over twee was de laatste geweest. Net gemist dus, balen, maar dat mocht de pret niet drukken.

Er waren ezels die gevoerd konden worden (Indi), gevangenissen te bekijken (Tomar), ook lekkere hamburgers te krijgen, bij Opa een mooie ring (handmade by Opa), leuke kleine souvenirtjes, én een cadeautje voor Jet (J). Niet druk, maar wel een gezellig aantal mensen met ook een behoorlijk wat echte motorbikers (uiteraard met snor), die met extra veel egards in Oatman worden ontvangen.

Aan het einde van de middag, na een gesprekje met een local over het leven in the Mountains, zijn we het stadje weer uitgereden en met prachtig licht de bijna uitgestorven route 66 vervolgd naar ons hotel in Needless: een echt cadeautje! En daar wachtte ons nog een kleine verrassing: we hadden tot nu toe steeds de Taco Bell misgelopen en we hadden Tomar en Indi beloofd daar tenminste één keer bij te gaan eten. En wat denk je: een Taco Bell pal naast ons hotel! En nu mag jij raden waar wij hebben gegeten en Indi heeft ontbeten?

Ook nog maar enkele honderden meters van ons hotel een prachtig ouderwets route 66 ontbijt/lunch tentje: daar hebben we de volgende ochtend uitgebreid ontbeten (op Indi na dan) en alle muurplaksels gelezen. Mijn favoriet: 'Due to the economic conditions, the light at the end off the tunnel has been turned off'. Hoewel dit tentje voor ons het einde markeerde van onze Route 66 experience, zijn we vol goede moed vertrokken naar onze laatste bestemming van deze reis: de stad van de L Word ofwel het grote Los Angeles!

 

Stad om van te houden?
Donderdag 16 augustus 2013. Los Angeles, Verenigde Staten.

Los Angeles is de grootste stad van Californië en de op één na grootste stad van Amerika. De stad zelf telt al vier miljoen inwoners en met de buitengebieden erbij zijn het er zeventien. En daar komen wij dan, uit Soest,... Gaat het ons lukken deze stad te veroveren?

Nu 'hebben we eerder Bangkok gedaan', toch ook geen kleintje, maar LA is anders. In Bangkok leer je de stad eigenlijk vrij gemakkelijk kennen door gewoon de highlights (Golden Place, What Pho, de klongs, etc. etc.) te doen en het verplaatsen is gemakkelijk met de tuktuks. Maar waar te beginnen in LA? Net zoals iedere plek in Amerika ontbeert ook LA echte historie en echte hightlights, dus de Bangkok way van eigen maken van de stad gaat hier niet op. Ook al niet omdat alle delen van de stand verbonden zijn met highways: voor LA heb je dus echt wel een auto (of taxi) nodig. Wat dat betreft lijkt LA weer meer op Hanoi of Ho Chi Min City: ook dat zijn enorme steden waar een auto (daar zeker een taxi!) onontbeerlijk is, alleen hebben we in Ho Chi Min City en Hanoi nooit de behoefte gehad de hele stad te veroveren: in deze twee Vietnamese giganten is vrij duidelijk wat the things to do zijn als je er maar een paar dagen bent en die hebben we dan ook zo'n beetje gedaan. De rest hebben we gelaten omdat het, mede door de taalbarrière, een onbegonnen zaak is. Van LA kennen we van tv, films en songs al heel veel (Hollywood Boulevard, Sunset Boulevard, Pasadena, Venice Beach, Santa Monica, Berverly Hills, etc., etc.): alles rings a bell maar het zijn voornamelijk de namen van beroemde buurten of straten buurten. Als het gaat om internationale historische of culturele hoogtepunten is er niet zo veel. Kortom: een uitdaging!

Santa Monica
We zijn begonnen zoals we dat meestal doen in onze directe omgeving, in dit geval in 'de wijk' Santa Monica. Daar hebben we een heerlijk hotel nog geen mile van het strand. De eerste avond zijn we gelopen naar de pier van Santa Monica, waar ook een kleine kermis is (beetje Oud Valkeveen achtig, maar dan zijn alle attracties net wat groter). Leuk om te zien, en een achtbaantje meepikken kan geen kwaad, maar niet echt iets voor tieners.

Praktisch op het strand is ook een grote parkeerplaats (we zijn tenslotte in Amerika) en als je daar doorheen bent, kom je op het wijde zandstrand dat Santa Monica verbindt met Venice Beach (meer het hippe strand). Op het strand loopt een geasfalteerd pad, waar fietsers en skaters overheen kunnen helemaal tot Santa Marina del Ray (in totaal schat ik een mijl of vier). En die skaters willen wel gezien worden, dus dat is zeker geinig. Wij zijn lekker naar de zee gelopen en Tomar en Indi zijn rollebollend over het strand gegaan. De zee is behoorlijk koud in LA en aangezien het 's avonds behoorlijk afkoelt, was het niet echt zwemweer: wel heerlijk even uitwaaien na de lange tocht over Route 66.

Op de terugweg ontdekten we hét winkelcentrum van Santa Monica: we hebben even rondgesnuffeld en dat smaakte naar meer (J). Maar daar het al laat was en wij niet gekleed waren op de afkoeling zijn we lekker naar het hotel gegaan met de belofte aan onszelf de volgende avond daar te gaan shoppen. En ik kan zeggen: dat hebben we gedaan! Naast een Apple Store (altijd leuk), een Nike Store, een Adidas Store en een Puma Store, het Hard Rock Café en tal van mooie en leuke shops om in rond te strollen. Nergens ter wereld heb ik ooit op een kleine oppervlak zoveel waanzinnig leuke en mooie schoenenzaken bij elkaar gezien. Vooral kleurrijke casual- en sportschoenen doen het goed, ook in ons gezin. En natuurlijk zijn er de T-shirt en sweaters en wat al niet meer. Voor de kinderen, die groeien als kool, dan ook dankbaar van de gelegenheid gebruik gemaakt om de klerenkast voor het nieuwe schooljaar weer wat aan te vullen. Onze voornaamste zorg op dit moment is dan ook, hoe we het allemaal in de koffers gepropt krijgen.

Hollywood
De volgende dag zijn we in de auto gestapt en naar de wijk Hollywood afgereisd. Want één ding kun je natuurlijk met goed fatsoen niet overslaan in LA en dat is de Walk of Fame: duizenden helden van tv, film, sport liggen daar vereeuwigd in stervorm op straat tot en met Lassie aan toe (J). En met enige eerbied lopen per dag toch zeker enkele duizenden mensen over deze helden. Er zijn ook nog veel sterren leeg en dat heeft bij Indi ambitie los gemaakt: ik wil ook zo'n ster! Het beste stuk van de Walk of Fame op Hollywood Boulevard (die zoals alle straten in LA oneindig lang is) is overigens de mijl tussen La Brea en Vine Street.

Wij waren redelijk vroeg en in LA komt het leven pas laat (rond een uur of twaalf) op gang. In het begin was het dus wat uitgestorven op de Walk of Fame, maar tegen de tijd dat we het omkeerpunt hadden bereikt begon de straat meer en meer te bruisen. Naast de helden waar je op kunt stappen, is de Walk of Fame een fascinerende straat: bijna alle winkels hebben iets van doen met film. Heel leuk zijn de tweedehands winkels waar op de set gebruikte kleren worden verkocht: tjonge, daar kun je een feestje mee geven! Ook hele winkels gewijd aan bijvoorbeeld pruiken en winkels vol met afgehakte handen etc. etc: wat of wie je ook maar wilt worden, je kunt het voor elkaar krijgen met behulp van de winkels op de Walk of Fame!

Verder op deze straat de ooit zo beroemde theaters en bioscopen: allemaal wat vergane glorie maar het ademt nog wel de sfeer uit van weleer. Nu zou er volgens de Lonely Planet op een gegeven moment ook een punt komen op de Walk of Fame waar je de wereldberoemde HOLLYWOOD letters op de heuvel kan zien schitteren. Na enig zoeken, zagen we in een grote shoppingmall allemaal mensen op de tweede etage staan met hun fotocamera. Je hoeft geen genie te zijn om te bedenken wat die daar deden, dus wij erop af. Vervolgens belanden we in de promotieshow van de WII U, waar de salesreps een T-shirt droegen met daarop 'WII U guru'. Al snel zaten Tomar en Indi in een van de vele stands te WII U-en. Hun conclusie was overigens dat het heel leuk is maar geen must have. Dat was voor ons dan weer een meevaller (J). Uiteindelijk zijn we beland op de tweede etage en konden we inderdaad het Hollywood sign zien al was het wat ver weg. Om dat te vieren hebben we heerlijk Japans gegeten en geproost op Oma Mutsuko.

Universal Studios
In dé filmstad van de wereld is ook het bezoek aan het park Universal Studios wat ons betreft een must. Eigenlijk wisten we vooraf niet zo goed wat we er van moesten verwachten: een pretpark maar dan anders. Tomar had op de ranche in Utah nog wel even bij onze Amerikaanse vrienden geïnformeerd hoeveel achtbanen er waren: het antwoord was wat onduidelijk maar het waren er zeker niet veel. En inderdaad het park Universal Studios in LA is echt anders dan een gewoon pretpark.

Het leuke is dat Universal is ontstaan omdat meer en meer mensen het leuk vonden een rondleiding door de studio's te krijgen. Uiteindelijk verstoorde dat te veel de opnames en is men om de echte studio's heen het park Universal Studios gaan bouwen. Hoewel het park natuurlijk veel spektakel bevat blijft de band met de studio's op allerlei manieren voelbaar: het gebruik van decors, continu het draaien van filmmuziek, naast uiteraard de attracties die allemaal met de werking van film te maken hebben. Het begint zelfs al in het winkelcentrum (de City Walk) waar je doorheen wordt geleid vanaf het parkeerterrein naar de ingang van het park: ook daar is het film dat de klok slaat.

Heel leuk is de Studio Tour, waar je ongeveer vijfenveertig minuten in een treintje langs de echte studio's en sets rijdt en uitleg krijgt over hoe het allemaal in z'n werk gaat op de set. En het bleef niet alleen bij uitleg, maar we mochten het ook ervaren! Zo kwamen we midden in een enorme 'regenbui' terecht en in een 'aardbeving in een metrostation'. Ook een 'overstroming' in een Mexicaans stadje werd ons niet bespaard. Verder de set van Jaws waar Jaws himself nog even voorbij flitste, de Hulk (met unieke SD animatie en de beste wensen van Peter Jackson) en de huisjes waar de regisseurs en acteurs in bivakkeren met veel eerbied voor de kanjers uit het verleden. Zo is er nog steeds het huisje waar Hitchcock altijd in verbleef en zijn de straten genoemd naar de filmhelden (Spielberg, Sinatra, etc., etc.). In Water World vertoonden echte stuntmannen en stuntvrouwen hun ongelooflijke kunsten en met explosies en nog meer ongelooflijke stunts.
Op de achtbaan de Mummy na (ook de enige in het park) werd je bij iedere filmische attractie continu op het verkeerde been gezet. De nieuwste attractie, die van de Terminators, vond ik een topper: uiteraard ook volledig 3D waardoor je geheel in de film zelf zit. Bij de Simpsons werd je via een (namaak) ride volledig door elkaar geschud en vlogen we door van alles heen, wat Tomar en Indi prima kunnen navertellen, maar waar ik geen idee van had (te druk met overleven (J) en ook de tocht door Jurassic Park was geweldig: lekker nat maar aangezien de temperatuur tot grote hoogte (vijfenveertig graden) was gestegen, was dat prima. Wat we overigens in Las Vegas ook al hadden gezien, maar hier door het hele park verspreid was, waren zogenaamde coolzones: sproeiers die hele kleine druppeltjes water verspreiden om het volk mee te verfrissen. Soms zaten ze zelfs in de bomen. Het is te belachelijk voor woorden, maar toegeven dat het wel heel lekker is en Tomar en Indi renden er dan ook naar iedere zone toe die binnen hun gezichtsveld kwam. Al met al een hele spectaculaire dag die in de LA experience niet mag ontbreken.

De jacht op het Hollywood sign
Hoewel we het sign op de eerste dag wel hadden gezien, waren we niet helemaal tevreden: de afstand was dermate groot dat we de fototruc er niet mee konden uit halen. Op onze laatste dag in LA hadden we dus nog een missie. Nu is het niet eenvoudig om in LA er achter te komen waar je moet zijn voor een goed uitzicht op het sign. Misschien is het wel het best bewaarde geheim. Zelfs de Lonely Planet is er niet achter gekomen en bij navraag in Griffith Park, krijg je wel keurig een beschrijving en adres, maar dat is niet dé place to be.

Wij bleven wat ontevreden en het werd een beetje een vogelbekdier obsessie: daar hebben we in Australië ook dagen op gejaagd om die in het wild te zien omdat dat Indi haar grootste wens was. Nu was Indi haar grootste wens om dicht bij de Hollywood letters te komen. Dankzij het onvolprezen internet en de informatie die medereizigers daar uitwisselen zijn we uiteindelijk toch achter de juiste spot gekomen. Voor iedereen die er ooit nog heen gaat: 3148 Canyon Lake Drive is de place to be! Je rijdt dan via kleine weggetjes door de heuvels van Hollywood, langs de hele mooie en dure huizen (ook meteen weer leuk meegepikt). Uiteindelijk op de spot zelf staat ook een hele aardige mevrouw met een busje waar je een drankje e.d. kunt kopen en dan fotograferen maar. Je kunt ook nog wandelen richting de letters, ongeveer anderhalf uur, maar dat hebben wij niet meer gedaan (we hadden tenslotte de mooiste foto's al).

151743 1376629470 500 (320x240)

Al met al hebben we van LA natuurlijk maar enkele delen goed kunnen zien in drie dagen. Het is geen onveilige stad, er zijn heel veel leuke plekken, zowel stadse plekken als de zee en grote parken, de temperatuur overdag is heerlijk tropisch terwijl het 's avonds lekker afkoelt en de snelwegen zijn in het begin wat overweldigend maar ook die wennen snel. Alle personages van de L word zijn we meerdere keren tegen gekomen en een stad die zo door en door doordrenkt is van film en alles wat daarbij komt kijken, is gewoon heel bijzonder. Kortom, LA heeft zonder meer onze harten veroverd.

Tot slot
En daarmee zijn we dan helaas, helaas aan het einde gekomen van onze rondreis door het westen van Amerika. Meer dan we verwacht hadden, zijn we in de ban geraakt van 'het wilde westen' en hebben we genoten van de afwisseling tussen de overweldigende natuur en de grote steden met de Ranch als zeer succesvolle tussenstop. We hebben dit keer ook praktisch alle vervoersmiddelen gebruikt om dit grote land met volle teugen tot ons te kunnen nemen (en bijna vierduizend kilometer gereden). En het allermooiste was natuurlijk dat we dat allemaal met z'n viertjes hebben kunnen beleven en we er nog steeds geen genoeg van hebben. Dank jullie wel voor het meelezen en de lieve reacties hier en op Facebook. Wie weet tot volgend jaar!

Partners

Social Media

Houd jij van Verre reizen met kinderen? Volg, like en blijf op de hoogte!